Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Door Baca’s Vallei

Vandaag
16 maart Door Baca’s vallei

Zo zijt gij dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers der heiligen en huisgenoten Gods.
Efeze 2:19

Als genade uw hart heeft aangeraakt en de liefde van God in uw ziel gekomen is, dan bent u geplaatst onder de heiligen van de Almachtige, en dan is elk voorrecht dat God ooit aan Zijn volk geschonken heeft, ook uw deel geworden. En wat zijn hun voorrechten? Gewassen te worden in het verzoenend bloed van de lijdende Zoon van God; gekleed te worden in de rechtvaardigende gerechtigheid van Zijn volmaakte en verdienstelijke gehoorzaamheid; geheiligd te worden door de inwoning van de Heilige Geest, de Trooster. Verder: de liefde van God te hebben als een eeuwigdurend deel; vrede in het geloof; overvloedige genade wanneer die nodig is; ondersteuning en kracht wanneer zij door dit tranendal gaan; overvloedige vertroostingen tegenover grote verdrukkingen; eeuwige armen die hen opvangen bij de dood; een huis van eeuwige zaligheid voor de ziel wanneer het lichaam in het graf daalt; en een heerlijke opstanding van het lichaam bij de verschijning van Christus in heerlijkheid.

Al wat de liefde van God kan geven, al wat het bloed van Christus als kanaal heeft verworven, en al wat de Geest van God aan enig hart kan openbaren of ooit met kracht in de ziel van enige heilige heeft toegepast: al deze dingen worden van ons, wanneer wij medeburgers der heiligen gemaakt worden. Niet altijd of vaak in werkelijke blijdschap of genieting, hoewel wij voorsmaakjes, druppeltjes en kruimels mogen ontvangen. Maar zoals aan Abraham het bezit van Kanaän was gegeven toen hij er nog geen voet in gezet had, en het toch door de belofte evengoed het zijne was als toen het werkelijk door zijn kinderen in bezit genomen werd.

Verklaart de apostel dit niet in de duidelijkste taal, waar hij zegt: „En alles is uwe; hetzij Paulus, hetzij Apollos, hetzij Cefas, hetzij de wereld, hetzij leven, hetzij dood, hetzij tegenwoordige, hetzij toekomende dingen, zij zijn alle uwe”? En waarom is het allemaal van u? „Want gij zijt van Christus; en Christus is Gods.”

Aan de lezer…

Misschien voelt u zich vaak een vreemdeling, zo arm en nietig dat u nauwelijks durft te denken dat u onder Gods volk gerekend wordt. Heeft genade uw hart aangeraakt en is de liefde van God in uw ziel gekomen, dan bent u geen vreemdeling en bijwoner meer, maar een medeburger der heiligen en een huisgenoot van God. Al wat God ooit aan Zijn volk geschonken heeft, is dan ook uw deel: het verzoenend bloed, de rechtvaardigende gerechtigheid, de inwoning van de Trooster, en eeuwige armen bij de dood.

Misschien proeft u er nu weinig van: alleen voorsmaakjes, druppeltjes en kruimels. Laat dat u niet ontmoedigen. Aan Abraham was het land Kanaän gegeven toen hij er nog geen voet in gezet had, en toch was het door de belofte evengoed het zijne. Zo is het ook met u. Niet uw genieting maakt het zeker, maar dit: „Gij zijt van Christus; en Christus is Gods.”

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Blader door alle dagen van dit Bijbels Dagboek
Steun dit werk