4 augustus
De God nu aller genade, Die ons geroepen heeft tot Zijn eeuwige heerlijkheid in Christus Jezus, nadat wij een weinig tijds zullen geleden hebben, Dezelve volmake, bevestige, versterke en fundere ulieden.
1 Petrus 5:10
Er is geen christelijke volmaaktheid, geen Goddelijke bevestiging, geen geestelijke sterkte, geen waarachtige fundering dan alleen door het lijden. Maar nadat de ziel heeft geleden en de kastijdende hand Gods heeft gevoeld, ontwaart zij de vrucht daarvan tot volmaking, bevestiging, versterking en fundering. Door het lijden krijgt zij een gewisse overtuiging van de eigenschappen van Jehova, zoals deze in de Schrift worden geopenbaard en in zekere mate ook bevindelijk in de consciëntie worden afgedrukt.
Zij wordt gefundeerd in het geloof van een eeuwigdurend verbond, dat in alles welgeordineerd en bewaard is; en in de overreding dat voor degenen die God liefhebben, alle dingen medewerken ten goede, voor degenen namelijk die naar Zijn voornemen geroepen zijn; en in de vaste overtuiging dat alles hier op aarde wordt afgewikkeld overeenkomstig de eeuwige raad Gods, ten goede voor Zijn volk en tot Gods eeuwige heerlijkheid.
Zij krijgt een diepe indruk van haar ellende, van de schuldigheid en ledigheid van het schepsel, en wordt overtuigd dat de wereld maar een schaduw is en dat de dingen van de tijd en het gevoel maar waterbellen zijn, die op hetzelfde ogenblik dat men ze aanraakt, uiteenspatten; dat van alle dingen de zonde het meest te vrezen is, en de gunst van God boven alle dingen uitgaat; dat niets in waarheid te achten is dan alleen Jezus Christus en Die gekruisigd; dat alle dingen verdwijnen en dat de ziel zeer snel wordt afgevoerd met de stroom des levens en haast zijn zal in de onmetelijke oceaan der eeuwigheid. Zo wordt zij gefundeerd in de kennis der waarheid, en zij ligt voor anker, opziende tot de Heere, dat Hij haar beware en haar in vrede veilig tot haar eeuwig huis brenge.
Aan de lezer…
Hoe dikwijls rijst de vraag waarom de weg zo door het lijden moet gaan! Misschien stelt u die vraag vandaag met tranen, onder de kastijdende hand Gods. Het is geen lichte zaak, en wij willen het niet mooier maken dan het is. Maar wie niet geleden heeft, kent ook niet de bevestiging en de fundering waarvan de tekst spreekt. In het lijden leert de ziel dat de wereld een schaduw is, dat de zonde het meest te vrezen is en dat de gunst van God boven alles uitgaat.
Zie dan op de God aller genade, Die u geroepen heeft tot Zijn eeuwige heerlijkheid, en let op het woordje „een weinig tijds”. De stroom des levens voert u snel naar de oceaan der eeuwigheid, en het lijden van nu is niet het laatste woord. Ligt uw ziel nog onrustig, vraag Hem dan dat Hij u volmake, bevestige, versterke en fundere, totdat u voor anker ligt in Jezus Christus en Die gekruisigd, en Hij u in vrede veilig thuisbrengt.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
De God nu aller genade, Die ons geroepen heeft tot Zijn eeuwige heerlijkheid in Christus Jezus, nadat wij een weinig tijds zullen geleden hebben, Dezelve volmake, bevestige, versterke en fundere ulieden.
1 Petrus 5:10
Er is geen christelijke volmaaktheid, geen Goddelijke bevestiging, geen geestelijke sterkte en geen waarachtige fundering dan alleen door het lijden. Maar nadat de ziel geleden heeft en de kastijdende hand van God heeft gevoeld, merkt zij de vrucht daarvan: volmaking, bevestiging, versterking en fundering. Door het lijden krijgt zij een vaste overtuiging van de eigenschappen van Jehova, zoals die in de Schrift worden geopenbaard en in zekere mate ook bevindelijk in het geweten worden afgedrukt.
Zij wordt gefundeerd in het geloof in een eeuwig verbond, dat in alles welgeordend en bewaard is. Zij wordt gefundeerd in de overtuiging dat voor hen die God liefhebben alle dingen meewerken ten goede, namelijk voor hen die naar Zijn voornemen geroepen zijn. En zij wordt gefundeerd in de vaste overtuiging dat alles hier op aarde verloopt overeenkomstig de eeuwige raad van God, ten goede voor Zijn volk en tot Gods eeuwige heerlijkheid.
Zij krijgt een diepe indruk van haar ellende, van de schuld en de leegheid van het schepsel. Zij wordt ervan overtuigd dat de wereld maar een schaduw is en dat de dingen van de tijd en van het gevoel maar zeepbellen zijn, die op hetzelfde ogenblik dat men ze aanraakt uiteenspatten. Zij leert dat van alle dingen de zonde het meest te vrezen is en dat de gunst van God boven alle dingen uitgaat; dat niets werkelijk te achten is dan alleen Jezus Christus en Die gekruisigd; dat alle dingen verdwijnen en dat de ziel zeer snel wordt meegevoerd met de stroom van het leven en spoedig zal zijn in de onmetelijke oceaan van de eeuwigheid. Zo wordt zij gefundeerd in de kennis van de waarheid. Zij ligt voor anker en ziet op naar de Heere, dat Hij haar bewaart en haar in vrede veilig naar haar eeuwig huis brengt.
Aan de lezer…
Hoe vaak rijst de vraag waarom de weg zo door het lijden moet gaan! Misschien stelt u die vraag vandaag met tranen, onder de kastijdende hand van God. Het is geen lichte zaak, en wij willen het niet mooier maken dan het is. Maar wie niet geleden heeft, kent ook niet de bevestiging en de fundering waarover de tekst spreekt. In het lijden leert de ziel dat de wereld een schaduw is, dat de zonde het meest te vrezen is en dat de gunst van God boven alles uitgaat.
Zie dan op de God van alle genade, Die u geroepen heeft tot Zijn eeuwige heerlijkheid, en let op die woorden „een weinig tijds”. De stroom van het leven voert u snel naar de oceaan van de eeuwigheid, en het lijden van nu is niet het laatste woord. Is uw ziel nog onrustig, vraag Hem dan of Hij u wil volmaken, bevestigen, versterken en funderen, totdat u voor anker ligt in Jezus Christus en Die gekruisigd, en Hij u in vrede veilig thuisbrengt.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
“But the God of all grace, who hath called us unto his eternal glory by Christ Jesus, after that ye have suffered a while, make you perfect, stablish, strengthen, settle you.”
1 Peter 5:10
There is no Christian perfection, no divine establishment, no spiritual strength, no solid settlement, except by suffering. But after the soul has suffered, after it has felt God’s chastising hand, the effect is to perfect, to establish, to strengthen, and to settle it. By suffering, a man becomes settled into a solemn conviction of the character of Jehovah as revealed in the Scripture, and in a measure made experimentally manifest in his conscience. He is settled in the belief of an “everlasting covenant, ordered in all things, and sure;” in the persuasion that “all things work together for good to those who love God, and are the called according to His purpose;” in the firm conviction that everything comes to pass according to God’s eternal purpose; and are all tending to the good of the Church, and to God’s eternal glory.
His soul, also, is settled down into a deep persuasion of the misery, wretchedness, and emptiness of the creature; into the conviction that the world is but a shadow, and that the things of time and sense are but bubbles that burst the moment they are grasped; that of all things sin is most to be dreaded, and the favor of God above all things most to be coveted; that nothing is really worth knowing except Jesus Christ and Him crucified; that all things are passing away, and that he himself is rapidly hurrying down the stream of life, and into the boundless ocean of eternity. Thus he becomes settled in a knowledge of the truth, and his soul remains at anchor, looking to the Lord to preserve him here, and bring him in peace and safety to his eternal home.
To the reader…
How often the question arises why the way must go through suffering! Perhaps you are asking that question today with tears, under the chastising hand of God. It is no light matter, and we do not wish to make it look better than it is. But whoever has not suffered does not know the establishing and settling of which the text speaks either. In suffering the soul learns that the world is a shadow, that sin is most to be dreaded, and that the favor of God surpasses everything.
Look, then, to the God of all grace, Who has called you unto His eternal glory, and mark those words “a while.” The stream of life carries you swiftly to the ocean of eternity, and the suffering of now is not the last word. If your soul is still restless, ask Him to make you perfect, to stablish, strengthen, and settle you, until you lie at anchor in Jesus Christ and Him crucified, and He brings you home in peace and safety.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
“Mas el Dios de toda gracia, que nos ha llamado á su gloria eterna por Jesucristo, después que hubiereis un poco de tiempo padecido, él mismo os perfeccione, confirme, corrobore y establezca.”
1 Pedro 5:10
No hay perfección cristiana, ni confirmación divina, ni fortaleza espiritual, ni asiento firme, sino por medio del padecimiento. Pero después que el alma ha padecido, después que ha sentido la mano castigadora de Dios, el efecto es perfeccionarla, confirmarla, corroborarla y establecerla. Por el padecimiento, el hombre queda establecido en una solemne convicción del carácter de Jehová tal como se revela en la Escritura, y en alguna medida se le hace manifiesto por experiencia en su conciencia. Queda establecido en la fe de un “pacto perpetuo, ordenado en todas las cosas, y será guardado”; en la persuasión de que “á los que á Dios aman, todas las cosas les ayudan á bien, es á saber, á los que conforme al propósito son llamados”; en la firme convicción de que todo sucede conforme al propósito eterno de Dios, y que todas las cosas tienden al bien de la Iglesia y a la gloria eterna de Dios.
Su alma, además, queda asentada en una honda persuasión de la miseria, desdicha y vaciedad de la criatura; en la convicción de que el mundo no es sino una sombra, y de que las cosas del tiempo y de los sentidos no son sino burbujas que estallan en el momento en que se las toma; de que de todas las cosas el pecado es lo que más se ha de temer, y el favor de Dios, sobre todas las cosas, lo que más se ha de codiciar; de que nada vale realmente la pena saber sino a Jesucristo, y a éste crucificado; de que todas las cosas pasan, y de que él mismo baja velozmente por la corriente de la vida hacia el océano sin límites de la eternidad. Así queda establecido en el conocimiento de la verdad, y su alma permanece anclada, mirando al Señor para que le preserve aquí y le lleve en paz y seguridad a su hogar eterno.
Al lector…
¡Cuántas veces surge la pregunta de por qué el camino ha de pasar por el padecimiento! Quizá usted hace hoy esa pregunta con lágrimas, bajo la mano castigadora de Dios. No es cosa liviana, y no queremos presentarla mejor de lo que es. Pero quien no ha padecido tampoco conoce el confirmar y el establecer de que habla el texto. En el padecimiento el alma aprende que el mundo es una sombra, que el pecado es lo que más se ha de temer y que el favor de Dios lo sobrepasa todo.
Mire, pues, al Dios de toda gracia, Que le ha llamado a Su gloria eterna, y fíjese en esas palabras: “un poco de tiempo”. La corriente de la vida le lleva velozmente al océano de la eternidad, y el padecimiento de ahora no es la última palabra. Si su alma aún está inquieta, pídale que le perfeccione, confirme, corrobore y establezca, hasta que esté anclado en Jesucristo, y a éste crucificado, y Él le lleve a casa en paz y seguridad.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl