Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · vandaag
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Door Baca’s vallei

28 februari

Vandaag

4 min. lezen

En mijn landpale vermeerderen zult.
1 Kronieken 4:10

Een kust (Eng. vert.) betekent een grens of landpaal die het ene gebied van het andere scheidt of afbakent, zoals de zeekust de grenslijn van ons eiland is. Ook elke levendgemaakte ziel heeft een grenslijn. Dat wil zeggen dat zij door een innerlijke bevinding is afgezonderd, overeenkomstig de lijn die de Heilige Geest in haar geweten getrokken heeft. Zoals de Heere de stammen van elkaar scheidde toen Hij hen deed vallen in het snoer van hun erfenis, Psalm 78:55, zo heeft Hij ook voor elk vat der barmhartigheid het lot geworpen, en Zijn hand heeft het hun met het richtsnoer toegedeeld, Jes. 34:17. Dit is als het ware de speelruimte die elke levendgemaakte ziel als haar toegewezen deel gegeven is, namelijk haar eigen bevinding.

Binnen deze ruimte mag zij wandelen, grazen en neerliggen. Er is voedsel genoeg voor haar op het strookje weide dat haar is toebedeeld. Zij kan en durft het koord dat rondom haar tedere geweten gespannen is niet te verbreken, en iedere uitweiding buiten haar eigen terrein, om zich te beroemen op de bevinding van een ander, wondt en kwetst het tedere geweten. Maar de levendgemaakte ziel kan niet anders dan ernstig begeren dat haar landpalen verwijd worden. Zij heeft meer licht nodig, meer leven, meer gevoel, meer vrijheid, meer kennis van God in Christus, meer geloof, hoop en liefde.

En zij heeft het nodig dat haar enge, ineengekrompen en beklemde hart verwijd wordt in het gebed, in haar overdenkingen, in de gemeenschap en in de genegenheid tot het volk van God. Zij is niet tevreden met de schrale weide die haar is toebedeeld, maar verlangt naar een grotere mate van hemels onderwijs, om gevoed te worden met een meer kinderlijk vertrouwen en toegang tot God, en om meer bevrijd te worden van de vrees die pijn heeft. „God breide Japhet uit en hij wone in Sems tenten”, Gen. 9:27. „Ik zal de weg Uwer geboden lopen, als Gij mijn hart zult verwijd hebben”, Psalm 119:32. Deze verwijding van hun landpalen had de Heere aan Israël gezworen, namelijk dat Hij hun het land zou geven dat Hij hun vaderen beloofd had. En daarom zei Hij: „Zing vrolijk, gij onvruchtbare, die niet gebaard heeft”; en Hij voegt eraan toe: „Maak de plaats uwer tenten wijd en dat men de gordijnen uwer woning uitbreide; verhinder het niet, maak uw koorden lang en steek uw pinnen vast in”, Jes. 54:1, 2.

Hebt u iets van deze vurige begeerten naar licht, liefde en vrijheid? Verlangt u dat de wereld, hoogmoed, vleselijke lusten, ongeloof en gierigheid uw hart niet in bezit nemen, maar dat u de liefde van Christus mag kennen, die de kennis te boven gaat, om zo vervuld te worden tot al de volheid van God? Dat zijn goede begeerten, die sterk verschillen van de begeerten van de inbeelding en van het praten over vrijheid terwijl men een slaaf van de verdorvenheid is. Het is één ding door het hek te kijken, en iets anders de vruchten van het landgoed te genieten; maar het is veel beter met een begerig verlangen door het hek te kijken dan als een overtreder door de omheining heen te breken. Naar de kist te kijken is nog niet in het bezit gesteld zijn van de akten die erin liggen; maar het is beter te wachten en te vragen om de sleutel van David dan de kist open te breken en de oorkonden te stelen. En wie op het smalle, smalle pad tussen luiheid en inbeelding gehouden wordt, zal op bepaalde tijden met Jabez uitroepen: „O, dat Gij mijn landpalen vermeerderen mocht!”

Aan de lezer…

Lezer, voelt u zich vaak eng en ineengekrompen, alsof uw weide maar een smal strookje is? U durft niet te spreken over wat u niet bevonden hebt, en het kwetst uw geweten als u zich de bevinding van een ander toe-eigent. Dat is geen zwakheid, maar tederheid. Uw eigen deel is u met het richtsnoer toegemeten, en ook in die kleine ruimte is voedsel genoeg.

Toch mag u met heel uw hart begeren dat uw landpalen verwijd worden: meer licht, meer leven, meer geloof en liefde, meer vrijheid van de vrees die pijn heeft. Het is beter met een begerig hart door het hek te kijken dan als een overtreder door de omheining heen te breken. Blijf dan op het smalle pad tussen luiheid en inbeelding, en roep met Jabez: „O, dat Gij mijn landpalen vermeerderen mocht!” De Heere hoort zo’n gebed.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl