23 maart
En wordt deze wereld niet gelijkvormig, maar wordt veranderd door de vernieuwing uws gemoeds, opdat gij moogt beproeven welke de goede en welbehagelijke, en volmaakte wil van God zij.
Romeinen 12:2
Hoe zullen wij de wil Gods aannemelijk vinden? Alleen als wij veranderd zijn door de vernieuwing van ons gemoed, en veranderd en gemaakt zijn naar het beeld van de lijdende Zoon van God. Hoe vreselijk dus, hoe gevaarlijk en toch hoe verlokkelijk is die gelijkvormigheid aan de wereld, die ons geheel in strijd brengt met de goede en volmaakte wil van God, welke „welbehagelijk” was en is aan Zijn lieve Zoon, aan al de heilige engelen rondom Zijn troon, aan de geesten der volmaakt rechtvaardigen, aan Zijn geestelijk gezind volk op de aarde, en gehaat door duivelen, vleselijke en ongodsdienstige mensen.
En hoe zalig is het, ontvoerd te zijn aan de macht en de overheersende invloed van de geest dezer wereld, en, vervormd zijnde in de vorm van het Evangelie en vernieuwd in de geest, te tonen dat de wil van God niet alleen „goed, zuiver en volmaakt” is, Zijner heerlijke volmaaktheden waardig, maar welbehagelijk voor ons hart en onze liefde, die hem daarom aannemen en als het ware overbrengen in onze wil, zodat die twee één willen worden. Ons zover te brengen is het hoofddoel van de ganse tucht van het Evangelie; en men kan zeggen dat de grootste gehoorzaamheid des Evangelies is: geduldig zich in Zijn hand te stellen en geen andere wil te kennen dan de Zijne. Hier dus kunnen wij geheel ingaan in de schoonheid en de zaligheid van de waarheid van het Evangelie; hier alleen kunnen wij ons onderwerpen aan de last van een dagelijks kruis, roemen in de verdrukking, wandelen in gehoorzaamheid aan de voorschriften, en het pad bewandelen dat leidt tot eindeloze heerlijkheid.
Welzalig hij, die in der bozen raad
niet wandelt, noch op ’t pad der zondaars staat,
noch nederzit, waar zulken samenrotten,
die roekeloos met God en godsdienst spotten,
maar ’s Heeren wet blijmoedig dag en nacht
herdenkt, bepeinst en ijverig betracht.
Ps. 1:1
Aan de lezer…
Ziet u ook hoe verlokkelijk de wereld is, en hoe ongemerkt haar geest zich in ons hart nestelt? Zij trekt ons af van de wil van God en maakt ons Zijn weg zwaar en onaangenaam. Wij hoeven daarover niet te liegen: menigmaal willen wij liever onze eigen wil dan de Zijne. Daarom hebben wij niets minder nodig dan te worden veranderd door de vernieuwing van ons gemoed, en gemaakt naar het beeld van de lijdende Zoon van God.
Wat een zaligheid is het dan, als Zijn wil niet alleen goed en volmaakt in onze ogen is, maar ook welbehagelijk voor ons hart; als onze wil en de Zijne één worden. Dan wordt een dagelijks kruis draaglijk, en kan men zelfs roemen in de verdrukking. Zucht u daarnaar? Stel u dan geduldig in Zijn hand. Die het werk begonnen is, kan u leren geen andere wil te kennen dan de Zijne.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
En wordt deze wereld niet gelijkvormig, maar wordt veranderd door de vernieuwing uws gemoeds, opdat gij moogt beproeven welke de goede en welbehagelijke, en volmaakte wil van God zij.
Romeinen 12:2
Hoe zullen wij de wil van God aannemelijk vinden? Alleen als wij veranderd zijn door de vernieuwing van ons gemoed, en vernieuwd en gevormd zijn naar het beeld van de lijdende Zoon van God. Hoe vreselijk, hoe gevaarlijk en toch hoe verleidelijk is daarom die gelijkvormigheid aan de wereld. Zij brengt ons volledig in strijd met de goede en volmaakte wil van God. Die wil was en is „welbehagelijk” voor Zijn geliefde Zoon, voor alle heilige engelen rondom Zijn troon, voor de geesten van de volmaakte rechtvaardigen en voor Zijn geestelijk gezinde volk op aarde, maar hij wordt gehaat door duivels en door vleselijke en goddeloze mensen.
En hoe zalig is het om aan de macht en de overheersende invloed van de geest van deze wereld ontrukt te zijn! Hoe zalig om, naar het Evangelie omgevormd en in de geest vernieuwd, te laten zien dat de wil van God niet alleen „goed, zuiver en volmaakt” is en Zijn heerlijke volmaaktheden waardig, maar ook welbehagelijk voor ons hart en onze liefde. Die nemen hem daarom aan en brengen hem als het ware over in onze wil, zodat die twee één willen worden. Ons zover te brengen is het hoofddoel van heel de tucht van het Evangelie. Men kan zeggen dat de grootste gehoorzaamheid van het Evangelie is: zich geduldig in Zijn hand te stellen en geen andere wil te kennen dan de Zijne. Alleen hier kunnen wij dus volledig doordringen in de schoonheid en de zaligheid van de waarheid van het Evangelie. Alleen hier kunnen wij ons onderwerpen aan de last van een dagelijks kruis, roemen in de verdrukking, wandelen in gehoorzaamheid aan de geboden en het pad gaan dat leidt naar eindeloze heerlijkheid.
Welzalig hij, die in der bozen raad
niet wandelt, noch op ’t pad der zondaars staat,
noch nederzit, waar zulken samenrotten,
die roekeloos met God en godsdienst spotten,
maar ’s Heeren wet blijmoedig dag en nacht
herdenkt, bepeinst en ijverig betracht.
Ps. 1:1
Aan de lezer…
Ziet u ook hoe verleidelijk de wereld is, en hoe ongemerkt haar geest zich in ons hart nestelt? Zij trekt ons weg van de wil van God en maakt ons Zijn weg zwaar en onaangenaam. Wij hoeven daar niet over te liegen: vaak willen wij liever onze eigen wil dan de Zijne. Daarom hebben wij niets minder nodig dan veranderd te worden door de vernieuwing van ons gemoed, en gevormd te worden naar het beeld van de lijdende Zoon van God.
Wat een zaligheid is het dan als Zijn wil niet alleen goed en volmaakt is in onze ogen, maar ook welbehagelijk voor ons hart; als onze wil en de Zijne één worden. Dan wordt een dagelijks kruis draaglijk, en kunnen wij zelfs roemen in de verdrukking. Verlangt u daarnaar? Stel u dan geduldig in Zijn hand. Hij Die het werk begonnen is, kan u leren geen andere wil te kennen dan de Zijne.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
And be not conformed to this world: but be ye transformed by the renewing of your mind, that ye may prove what is that good, and acceptable, and perfect, will of God.
Romans 12:2
How shall we find the will of God acceptable? Only as we are renewed in the spirit of our mind, and are transformed and conformed to the suffering image of the sorrowing Son of God. How fearful, then, how dangerous, and yet how ensnaring is that worldly conformity which sets us in deadly opposition to that good and perfect will of God which was, and is “acceptable” to His dear Son, to all the holy angels round the throne, to the spirits of just men made perfect, to His spiritually-minded people on earth, and hateful to none but devils and carnal, ungodly men.
And how truly blessed to be brought out of the power and prevailing influence of this worldly spirit, and to be cast into the gospel mold, where, being renewed in the spirit of our mind, we prove that the will of God is not only “good,”—pure goodness; and “perfect,”—worthy of all His glorious perfections; but “acceptable”—to our heart and affections, which therefore tenderly embrace it, and thus, as it were, incorporate it into our will, making the two wills one. To bring us to this point is the grand object of all gospel discipline; and one may say that the ultimatum of gospel obedience is, “to lie passive in His hand, and know no will but His.”
Here then only can we fully enter into the beauty and blessedness of gospel truth; here only can we submit to the weight of a daily cross, glory in tribulation, patiently endure afflictions, feel the sweetness of the promises, walk in obedience to the precepts, and tread the path that leads to endless glory.
To the reader…
Do you also see how alluring the world is, and how unnoticed its spirit settles into our hearts? It draws us away from the will of God and makes His way heavy and unpleasant to us. We need not lie about it: often we would rather have our own will than His. That is why we need nothing less than to be transformed by the renewing of our mind, and to be conformed to the image of the suffering Son of God.
What blessedness it is, then, when His will is not only good and perfect in our eyes, but also acceptable to our heart; when our will and His become one. Then a daily cross becomes bearable, and we can even glory in tribulation. Do you long for that? Then place yourself patiently in His hand. He Who has begun the work can teach you to know no will but His.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
No os conforméis a este siglo; mas reformaos por la renovación de vuestro entendimiento, para que experimentéis cuál sea la buena voluntad de Dios, agradable y perfecta.
Romanos 12:2
¿Cómo hallaremos agradable la voluntad de Dios? Solo a medida que somos renovados en el espíritu de nuestra mente, y transformados y conformados a la imagen sufriente del afligido Hijo de Dios. ¡Cuán temible, pues, cuán peligrosa y a la vez cuán engañosa es esa conformidad con el mundo que nos pone en oposición mortal a aquella buena y perfecta voluntad de Dios que era, y es, “agradable” a Su amado Hijo, a todos los santos ángeles alrededor del trono, a los espíritus de los justos hechos perfectos, a Su pueblo de mente espiritual en la tierra, y aborrecible solo para los demonios y para los hombres carnales e impíos!
¡Y cuán verdaderamente bienaventurado es ser sacado del poder y de la influencia dominante de este espíritu mundano, y ser vaciado en el molde del evangelio, donde, renovados en el espíritu de nuestra mente, experimentamos que la voluntad de Dios no solo es “buena”, pura bondad, y “perfecta”, digna de todas Sus gloriosas perfecciones, sino también “agradable” a nuestro corazón y a nuestros afectos, que por eso la abrazan con ternura y así, por decirlo así, la incorporan a nuestra voluntad, haciendo de las dos voluntades una sola! Llevarnos a este punto es el gran objetivo de toda la disciplina del evangelio; y se puede decir que la meta suprema de la obediencia evangélica es “yacer pasivos en Su mano, y no conocer otra voluntad que la Suya”.
Solo aquí, pues, podemos entrar plenamente en la belleza y la bienaventuranza de la verdad del evangelio; solo aquí podemos someternos al peso de una cruz diaria, gloriarnos en la tribulación, soportar con paciencia las aflicciones, sentir la dulzura de las promesas, andar en obediencia a los preceptos y recorrer la senda que conduce a la gloria sin fin.
Al lector…
¿Ve usted también cuán seductor es el mundo, y cuán inadvertidamente se asienta su espíritu en nuestro corazón? Nos aparta de la voluntad de Dios y nos hace pesado y desagradable Su camino. No necesitamos mentir al respecto: a menudo preferimos nuestra propia voluntad a la Suya. Por eso no necesitamos nada menos que ser transformados por la renovación de nuestro entendimiento y ser conformados a la imagen del Hijo de Dios que sufrió.
¡Qué bienaventuranza es, entonces, cuando Su voluntad no solo es buena y perfecta a nuestros ojos, sino también agradable a nuestro corazón; cuando nuestra voluntad y la Suya llegan a ser una sola! Entonces una cruz diaria se vuelve llevadera, y aun podemos gloriarnos en la tribulación. ¿Anhela usted eso? Póngase entonces con paciencia en Su mano. Aquel que ha comenzado la obra puede enseñarle a no conocer otra voluntad que la Suya.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl