Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Vandaag

2 min. lezen

Wie zijt gij, o grote berg? Voor het aangezicht Zerubbabels zult gij worden tot een vlak veld, want hij zal de hoofdsteen voortbrengen, met toeroepingen: Genade, genade zij dezelve!
Zacharia 4:7

Als de letterlijke tempel zonder enige moeite was opgebouwd, en alles gemakkelijk en zonder hindernis was verlopen, dan zouden er bij de voltooiing geen toeroepingen van „genade, genade” geklonken hebben. Maar men had gezien hoe de Heere enkele zwakke ballingen uit Babel had teruggebracht. Men had gezien hoe Hij hen in en door al hun moeilijkheden had gesteund en gedragen, en hoe Hij, Die de grondslag gelegd had, de hoofdsteen had voortgebracht. Toen konden allen die erbij stonden zeggen: „Genade, genade zij dezelve.” Juist die moeilijkheden en beproevingen deden hen zo eenstemmig de juichtoon aanheffen, en deden hart en ziel samengaan met de stem, toen zij riepen: „Genade, genade zij dezelve.”

En wie zal straks in de eeuwigheid het luidst roepen? Hij die het diepst de vele zonden heeft gekend en gevoeld, die zijn ziel in smart en leed deden wegzinken, en ook de overvloedige genade over de zonde, die hem deed zegevieren en juichen. Wie zal de meeste reden hebben om te zingen: „Genade, genade”? De verloren ellendeling die duizenden keren gevreesd heeft dat hij ter helle zou varen, en toch door soevereine genade daaruit verlost en tot hemelse heerlijkheid en vreugde gebracht is. Geen ander kan in dat lied instemmen. Ik weet zeker dat niemand anders erin zal instemmen dan hij die door ervaring en met smart de bitterheid van de zonde en het kwaad van een bedorven hart gekend heeft. Toch heeft hij gezien dat de genade over alles heeft gezegevierd, ondanks de duivel, de wereld en hemzelf, en dat zij hem gebracht heeft op die gezegende plaats, waar hij terechtgekomen is, ondanks zijn vrees dat hij er nooit zou komen.

Hij heeft, o God, van U begeerd
het onvergank’lijk leven.
Gij hebt het hem gegeven.
Zo zijn de dagen hem vermeêrd,
zo leeft de Vorst altoos,
zo leeft hij eindeloos.

Ps. 21:4

Aan de lezer…

Vermoeide pelgrim, is uw weg vol moeilijkheden, en staat er een grote berg voor u die u niet kunt verzetten? Hebt u duizenden keren gevreesd dat u ter helle zou varen, en kent u met smart de bitterheid van de zonde en het kwaad van een bedorven hart? Denk dan niet dat dit alles u buitensluit van het lied van de verlosten. Juist de moeilijkheden deden de ballingen eenstemmig juichen.

Want Hij, Die de grondslag gelegd heeft, zal ook de hoofdsteen voortbrengen. Wie het diepst de vele zonden heeft gekend, zal het luidst roepen over de overvloedige genade over de zonde. Zo kan ook uw vrees dat u er nooit zult komen eens beschaamd worden, wanneer de genade over alles heeft gezegevierd, ondanks de duivel, de wereld en uzelf. Dan zullen ook uw hart en ziel met uw stem instemmen: „Genade, genade zij dezelve!”

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl