17 augustus
En indien ook iemand strijdt, die wordt niet gekroond, zo hij niet wettiglijk heeft gestreden.
2 Timotheüs 2:5
In andere woorden, het is niet enkel een strijd, maar een strijd volgens zekere regels. Maar het zijn geestelijke regels, die als zodanig al wat zinnelijk, rede en natuur is, uitsluiten. Iemand die niet wedergeboren is, hetzij hij in een staat van goddeloosheid of in een staat van belijdenis verkeert, heeft geen geestelijk verstand van de wijze waarop hij moet overwinnen. Hij moge strijden tegen lusten; hij moge trachten die dingen te overwinnen waartegen zijn geweten getuigt; maar hij wordt niet gekroond, omdat hij niet wettiglijk strijdt. Hij strijdt in zijn eigen kracht, twist in zijn eigen wijsheid en vertrouwt op zijn eigengerechtigheid.
Zulke strijders en overwinnaars (zo zij al overwinnaars zijn) worden niet gekroond, omdat zij niet strijden volgens de regelen die in Gods Woord neergelegd zijn. Dat Woord sluit al aanstonds uit: alle eigengerechtigheid, menselijke wijsheid en natuurlijke kracht. Het neemt de kroon geheel van het hoofd van het schepsel en zet haar op het hoofd van de Verlosser. Er zijn dus zekere regelen in de Schrift aangegeven, volgens welke wij strijden en overwinnen moeten.
Bijvoorbeeld, de Heere des levens en der heerlijkheid wordt ons in het Woord voorgesteld als ons voorbeeld: „Hij heeft ons een exempel nagelaten, opdat wij Zijn voetstappen zouden drukken.” Hij streed voor ons, en Hij behaalde de overwinning, niet alleen voor Zichzelf, maar voor Zijn volk, en Hij heeft ons hier beneden achtergelaten om in Zijn voetstappen te wandelen en op dezelfde wijze te overwinnen als Hij. Wij lezen: „Hem die overwint, zal Ik geven met Mij te zitten in Mijn troon; gelijk ook Ik overwonnen heb en zit met Mijn Vader in Zijn troon.” Elk strijden en elk overwinnen dat niet is in de voetstappen van Christus, en juist (in zekere mate) op dezelfde wijze waarop Hij streed en overwon, is niet die overwinning die met Gods goedkeuring gekroond wordt.
Waar’ ik door ongerechtigheden
en haar aanlokselen bekoord,
dan had de Heer naar mijn gebeden
en jammerklachten niet gehoord.
Ps. 66:9
Aan de lezer…
Strijdt u, waarde lezer, en wordt u moede van het strijden? Hebt u tegen uw lusten geworsteld in uw eigen kracht, en bent u telkens weer gevallen? Wees dan niet verwonderd. Er is een strijd die niet gekroond wordt, omdat hij gestreden wordt met eigen wijsheid en in eigen kracht. Zulk een strijd laat het schepsel de kroon op het eigen hoofd zetten, en dat kan God niet goedkeuren.
Maar de Heere des levens en der heerlijkheid heeft voor Zijn volk gestreden en de overwinning behaald. Het is Zijn weg, Zijn voetstappen, waarin u mag wandelen. Hebt u dan niets in uzelf, des te beter: dan zal de kroon geheel op het hoofd van de Verlosser staan. Zie op Hem, en zoek uw kracht niet in uzelf, maar in Hem Die overwonnen heeft. Tot zulken spreekt Hij: „Hem die overwint, zal Ik geven met Mij te zitten in Mijn troon.”
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
En indien ook iemand strijdt, die wordt niet gekroond, zo hij niet wettiglijk heeft gestreden.
2 Timotheüs 2:5
Met andere woorden: het is niet zomaar een strijd, maar een strijd volgens bepaalde regels. Het zijn echter geestelijke regels, die als zodanig alles uitsluiten wat zinnelijk is, wat uit de rede en uit de natuur voortkomt. Wie niet wedergeboren is, of hij nu in een staat van goddeloosheid of in een staat van belijdenis verkeert, heeft geen geestelijk inzicht in de manier waarop hij moet overwinnen. Hij mag strijden tegen zijn lusten; hij mag proberen de dingen te overwinnen waartegen zijn geweten getuigt; maar hij wordt niet gekroond, omdat hij niet wettig strijdt. Hij strijdt in zijn eigen kracht, worstelt in zijn eigen wijsheid en vertrouwt op zijn eigen gerechtigheid.
Zulke strijders en overwinnaars (als zij al overwinnaars zijn) worden niet gekroond, omdat zij niet strijden volgens de regels die in Gods Woord zijn neergelegd. Dat Woord sluit meteen alle eigengerechtigheid, menselijke wijsheid en natuurlijke kracht uit. Het neemt de kroon volledig van het hoofd van het schepsel en zet haar op het hoofd van de Verlosser. Er zijn dus bepaalde regels in de Schrift gegeven, volgens welke wij moeten strijden en overwinnen.
Zo wordt de Heere van het leven en van de heerlijkheid ons in het Woord als ons voorbeeld voorgesteld: „Hij heeft ons een exempel nagelaten, opdat wij Zijn voetstappen zouden drukken.” Hij streed voor ons en behaalde de overwinning, niet alleen voor Zichzelf, maar voor Zijn volk. En Hij heeft ons hier beneden achtergelaten om in Zijn voetstappen te wandelen en op dezelfde wijze te overwinnen als Hij. Wij lezen: „Hem die overwint, zal Ik geven met Mij te zitten in Mijn troon; gelijk ook Ik overwonnen heb en zit met Mijn Vader in Zijn troon.” Al het strijden en overwinnen dat niet in de voetstappen van Christus gebeurt, en niet (in zekere mate) op precies dezelfde wijze als waarop Hij streed en overwon, is niet de overwinning die met Gods goedkeuring gekroond wordt.
Waar’ ik door ongerechtigheden
en haar aanlokselen bekoord,
dan had de Heer naar mijn gebeden
en jammerklachten niet gehoord.
Ps. 66:9
Aan de lezer…
Strijdt u, en wordt u moe van het strijden? Hebt u in uw eigen kracht tegen uw lusten geworsteld, en bent u telkens weer gevallen? Verwonder u daar dan niet over. Er is een strijd die niet gekroond wordt, omdat hij gestreden wordt met eigen wijsheid en in eigen kracht. Zo’n strijd laat het schepsel de kroon op het eigen hoofd zetten, en dat kan God niet goedkeuren.
Maar de Heere van het leven en van de heerlijkheid heeft voor Zijn volk gestreden en de overwinning behaald. Het is Zijn weg, het zijn Zijn voetstappen, waarin u mag wandelen. Hebt u niets in uzelf, des te beter: dan zal de kroon helemaal op het hoofd van de Verlosser staan. Zie op Hem, en zoek uw kracht niet in uzelf, maar in Hem Die overwonnen heeft. Tot zulke mensen spreekt Hij: „Hem die overwint, zal Ik geven met Mij te zitten in Mijn troon.”
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
And if a man also strive for masteries, yet is he not crowned, except he strive lawfully.
2 Timothy 2:5
In other words, it is not a bare striving, but a striving according to certain rules. But these rules are spiritual rules; and being spiritual rules, exclude everything of sense, reason, and nature. Now man, in an unregenerate condition, whether he be in a state of profanity, or in a state of profession, has no spiritual knowledge of the way by which to overcome. He may strive against his lusts; he may endeavor to overcome those things that conscience bears testimony against; but he is not crowned, because he strives not lawfully.
He strives in his own strength; contends in his own wisdom; and trusts in his own righteousness. Such strugglers and such overcomers (if overcomers they ever are) are not crowned, because they strive not according to the rules laid down in God’s word. This at once excludes all creature righteousness, human wisdom, and natural strength. This takes the crown completely off the creature, and puts it on the head of the Redeemer.
There are certain rules then laid down in the Scripture, according to which we are to fight and to overcome. For instance, the Lord of life and glory is held out in the word as our pattern—“He has left us an example that we should follow His steps.” He fought the battle before us; and He gained the victory, not for Himself only, but for His people; and He has left us here below to walk in His footsteps, and to overcome in the same way as He did; as we read, “To him that overcomes will I grant to sit with Me in My throne; even as I also overcame, and am set down with My Father in His throne.” All striving then, and all overcoming, which is not in the steps of Christ, and precisely (in a measure) in the same way in which Jesus strove and overcame, is not the overcoming which is crowned with God’s approbation.
To the reader…
Are you fighting, and are you growing weary of the fight? Have you wrestled against your lusts in your own strength, and fallen again and again? Then do not be surprised at that. There is a striving that is not crowned, because it is carried on in one’s own wisdom and one’s own strength. Such striving lets the creature set the crown upon its own head, and God cannot approve of that.
But the Lord of life and glory has fought for His people and gained the victory. It is His way, it is His footsteps, in which you may walk. If you have nothing in yourself, so much the better: then the crown will rest entirely on the head of the Redeemer. Look to Him, and do not seek your strength in yourself, but in Him Who has overcome. To such people He says: “To him that overcometh will I grant to sit with Me in My throne.”
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Y aun también el que lidia, no es coronado si no lidiare legítimamente.
2 Timoteo 2:5
En otras palabras, no se trata de un mero lidiar, sino de un lidiar conforme a ciertas reglas. Pero estas reglas son reglas espirituales; y, siendo reglas espirituales, excluyen todo lo que es de los sentidos, de la razón y de la naturaleza. Ahora bien, el hombre en estado no regenerado, ya esté en un estado de profanidad o en un estado de profesión, no tiene ningún conocimiento espiritual del camino por el cual vencer. Puede lidiar contra sus concupiscencias; puede esforzarse por vencer aquellas cosas contra las cuales da testimonio la conciencia; pero no es coronado, porque no lidia legítimamente.
Lidia en sus propias fuerzas; contiende en su propia sabiduría; y confía en su propia justicia. Tales luchadores y tales vencedores (si es que alguna vez vencen) no son coronados, porque no lidian conforme a las reglas establecidas en la Palabra de Dios. Esto excluye de inmediato toda justicia de la criatura, toda sabiduría humana y toda fuerza natural. Esto quita por completo la corona a la criatura y la pone sobre la cabeza del Redentor.
Hay, pues, ciertas reglas establecidas en la Escritura, conforme a las cuales hemos de pelear y vencer. Por ejemplo, el Señor de la vida y de la gloria es presentado en la Palabra como nuestro modelo: “dejándonos ejemplo, para que sigamos Sus pisadas”. Él peleó la batalla antes que nosotros; y obtuvo la victoria, no solo para Sí mismo, sino para Su pueblo; y nos ha dejado aquí abajo para andar en Sus pisadas y vencer del mismo modo que Él; como leemos: “Al que venciere, Yo le daré que se siente conmigo en Mi trono; así como Yo he vencido, y me he sentado con Mi Padre en Su trono”. Todo lidiar, pues, y todo vencer, que no es en las pisadas de Cristo, y precisamente (en alguna medida) del mismo modo en que Jesús lidió y venció, no es el vencer que es coronado con la aprobación de Dios.
Al lector…
¿Está usted peleando, y se cansa de la pelea? ¿Ha luchado contra sus concupiscencias en sus propias fuerzas, y ha caído una y otra vez? Entonces no se sorprenda de ello. Hay un lidiar que no es coronado, porque se lleva a cabo con la propia sabiduría y las propias fuerzas. Tal lidiar deja que la criatura se ponga la corona sobre su propia cabeza, y Dios no puede aprobar eso.
Pero el Señor de la vida y de la gloria ha peleado por Su pueblo y ha obtenido la victoria. Es Su camino, son Sus pisadas, en las que usted puede andar. Si no tiene nada en sí mismo, tanto mejor: entonces la corona descansará enteramente sobre la cabeza del Redentor. Mire a Él, y no busque su fuerza en sí mismo, sino en Aquel que ha vencido. A tales personas Él dice: “Al que venciere, Yo le daré que se siente conmigo en Mi trono”.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl