Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Door Baca’s vallei

14 oktober

Vandaag

4 min. lezen

En in Hem gevonden worde, niet hebbende mijn rechtvaardigheid, die uit de wet is, maar die door het geloof van Christus is, namelijk de rechtvaardigheid, die uit God is, door het geloof.
Filippenzen 3:9

Hier worden twee gerechtigheden duidelijk naast elkaar gezet. In één van beide moeten wij allemaal voor God staan: de gerechtigheid of rechtvaardigheid die uit de wet is, of de gerechtigheid die uit God is door het geloof in Christus. Maar let er goed op dat een rechtvaardigheid waarmee wij voor God kunnen bestaan, een volkomen rechtvaardigheid moet zijn. Zo’n rechtvaardigheid heeft nooit enig mens door zijn eigen gehoorzaamheid aan de wet voortgebracht, en kan ook nooit enig mens voortbrengen. Want geen mens heeft ooit God liefgehad met heel zijn hart en ziel en verstand en al zijn krachten, en zijn naaste als zichzelf. En als iemand God niet zo liefheeft, en ook zijn naaste niet, dan is hij door deze rechtvaardige wet al vervloekt en veroordeeld, want vervloekt is de mens die niet blijft in al hetgeen in het boek der wet geschreven is, om dat te doen.

De apostel merkte dat hij, omdat hij deze gerechtigheid als gevallen zondaar niet kon opbrengen, noodzakelijk onder de veroordeling en de vloek van de heilige wet moest vallen. Hij vreesde in zijn geweten en voelde de toorn van God tegen hem en tegen alle ongerechtvaardigde zondaren, geopenbaard in een gebroken wet. Hij wist dat hij voor eeuwig moest wegzinken onder het vreselijk ongenoegen van God als hij voor zijn ontblote, naakte ziel geen andere bedekking had dan alleen zijn eigen rechtvaardigheid. Daarom liet hij die varen, om rechtvaardigheid, barmhartigheid en vrede te vinden in de rechtvaardigheid van Christus. Daarom wilde hij niets weten dan Jezus Christus en Die gekruisigd, en zo werd Jezus voor hem alles in allen. Toen hij eenmaal begenadigd was met een gezicht op de rechtvaardigheid van de Zoon van God, wilde hij geen andere meer, voor de tijd en voor de eeuwigheid.

Door het geloof zag hij de woorden en werken van de Godmens. Hij zag de Godheid afgedrukt op iedere gedachte, ieder woord en ieder werk van de zuivere mensheid waarmee zij verenigd was, en waarin zij bleek een verdienste te hebben voor het aanbrengen van de rechtvaardigheid die alle bevatting of uitdrukking van mensen en engelen te boven gaat. Hij zag Hem door het geloof Zijn zonden dragen in Zijn lichaam op het hout, en door Zijn lijdelijke en dadelijke gehoorzaamheid een gerechtigheid werken die Gode aangenaam was: een gerechtigheid waardoor hij en alle verlosten zonder vlek of rimpel konden staan voor de grote, witte troon.

Zoals een reiziger die door een vreselijk onweer overvallen wordt, blij een huis aan de kant van de weg binnengaat om beschutting te vinden tegen de bliksemstralen en de stortregen; of zoals een schip dat door een geweldige storm bedreigd wordt, alle zeilen bijzet om op tijd de haven van toevlucht te bereiken: zo zal de ziel, bedreigd door de donder en de bliksem van Gods rechtvaardige wet, toevlucht zoeken in de doorstoken zijde van Jezus en zich verbergen onder Zijn rechtvaardigende gehoorzaamheid. Deze gerechtigheid of rechtvaardigheid wordt hier „de rechtvaardigheid Gods” genoemd, want God de Vader heeft haar bedacht, God de Zoon heeft haar uitgewerkt en God de Heilige Geest past haar toe. En er wordt gezegd: „door het geloof”, omdat het geloof haar ontdekt en aanneemt en de ziel haar aandeel daarin laat kennen.

Aan de lezer…

Vandaag wordt u gevraagd in welke gerechtigheid u denkt voor God te staan. Er zijn er maar twee: die uit de wet en die uit God door het geloof. Hebt u God liefgehad met heel uw hart en ziel en verstand en al uw krachten, en uw naaste als uzelf? U weet het antwoord, en de wet weet het ook. Hoe eerder u uw eigen rechtvaardigheid laat varen, hoe beter, want zij kan uw naakte ziel niet bedekken voor de grote, witte troon.

Maar zie dan naar het huis aan de kant van de weg, naar de haven van toevlucht. Christus heeft de zonden van Zijn volk in Zijn lichaam op het hout gedragen en door Zijn lijdelijke en dadelijke gehoorzaamheid een gerechtigheid gewerkt die Gode aangenaam is. Ren daarheen als een reiziger in het onweer, als een schip in de storm. Zoek uw toevlucht in Zijn doorstoken zijde, en vraag de Heilige Geest dat Hij u die gerechtigheid toepast, opdat ook u in Hem gevonden wordt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl