Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 dagen met Philpot

12 mei

Die overwint

Vandaag

2 min. lezen

En Ik zal hem geven een witte keursteen.
Openbaring 2:17

Elk teken dat de Heere u ooit heeft gegeven dat u Zijn kind bent, elke belofte die ooit in uw hart is gekomen, elk antwoord op een gebed dat u ooit van Zijn lippen hebt ontvangen, elke verlossing van Zijn hand die u ooit hebt ervaren, is een „witte steen”. Elke toepassing van de waarheid aan uw ziel met goddelijke kleur en gloed, elke tijd van verlevendiging en verkwikking, elke zoete openbaring, elk breken of verzachten van het hart, elk smelten van de geest aan de voetbank van de Heiland, is een „witte steen”.

Telkens wanneer Jezus dierbaar was voor uw hart, telkens wanneer u Zijn voeten met uw tranen waste en ze met uw haren afdroogde, telkens wanneer u Hem in de armen van vertrouwen en genegenheid sloot en kon zeggen: „Lieve Heere, hoe dierbaar zijt Gij voor mijn ziel!”, was dat een „witte steen”. De Heere heeft u „een witte steen” gegeven bij elk bezoek van Zijn genadige tegenwoordigheid, bij elke gemeenschap met Zijn eeuwige en nooit aflatende liefde. En wat een zegen is het voor Gods kind om ook maar één witte steen te hebben!

Stel u voor, om terug te komen op het gebruik waaraan het beeld ontleend is, dat er twijfel bestond over de vrijspraak van een gevangene. Kon hij dan niet wijzen op de witte stenen die in de urn lagen? En als hij ze in zijn hand kon tonen en tegen de rechters kon zeggen: „Hier zijn de witte stenen die u in de urn hebt gestopt; uzelf hebt me vrijgesproken”, zou het tonen daarvan hem dan niet hebben vrijgepleit van de aanklachten die tegen hem waren ingediend? En wat een zegen is het voor Gods kind een witte steen te hebben die hij voor de genadetroon kan tonen!

Lezen: Psalm 103

Aan de lezer…

Hoe vaak hebt u al zo’n witte steen ontvangen? Denk eens terug. Was er een belofte die in uw hart kwam, een gebed dat verhoord werd, een ogenblik waarop uw hart smolt aan de voetbank van de Heiland en u kon zeggen: „Lieve Heere, hoe dierbaar zijt Gij voor mijn ziel”? Misschien vindt u er maar één of twee, en schaamt u zich over hoe weinig het is.

Veracht ze dan niet. Wat een zegen is het ook maar één witte steen te hebben! Wanneer de aanklacht weer opkomt en u twijfelt of u wel vrijgesproken bent, mag u met die steen in de hand voor de genadetroon verschijnen en zeggen: „Heere, deze hebt Gij mij Zelf gegeven.” Hij zal Zijn eigen werk niet verloochenen. Wat Hij eens met Zijn genadige tegenwoordigheid heeft bezegeld, blijft Zijn getuigenis.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl