Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 2 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 Dagen Met Philpot

Vandaag
4 december 365 dagen met Philpot

Wendt u naar Mij toe

Wendt u naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde! Want Ik ben God en niemand meer.
Jesaja 45:22

Deze uitnodiging: „Wendt u naar Mij toe, wordt behouden,” moet tot het hart gesproken worden, zodat er kracht met de belofte meekomt. En als er kracht met de uitnodiging meekomt, vallen de schellen van de ogen, wordt het deksel van het hart weggenomen en wordt er kracht gegeven om te doen waartoe de tekst uitnodigt. Zij „wenden zich naar Hem toe,” hoewel zij aan „de einden der aarde” zijn, en terwijl zij opzien, worden zij „verlicht, en hun gezichten worden niet beschaamd.” De genade van Jezus schijnt in de uitnodiging (want Hij is hier de spreker), en wanneer die in hun geweten komt, zien zij de Koning in Zijn schoonheid en aanschouwen zij het land dat verre is. „Wendt u naar Mij toe,” zegt de Middelaar en Voorspraak, de Vriend van zondaren, de Verlosser van de verlorenen!

Op Zijn Woord zien zij op, en wat zien zij in Hem? In de eerste plaats aanschouwen zij Zijn heerlijke Persoon, die goddelijke verborgenheid die besloten ligt in de woorden „Ik ben God!” En wat is dat een groot onderwerp om te overdenken! De heerlijke Persoon, de Zoon van God! Dit is de grote verborgenheid der godzaligheid: God geopenbaard in het vlees! En wat ziet het geloof anders in de heerlijke Persoon van Christus dan de Middelaar, de Voorspreker, de Hogepriester, de Voorspraak tussen een vertoornd God en een schuldige ziel?

Maar zolang we in ons zielsgevoel niet aan „de einden der aarde” zijn, hebben we geen ogen om te zien, geen oren om te horen en geen hart om te ervaren wat een heerlijke Middelaar er aan de rechterhand van de Vader zit. Wanneer we in onze bevinding zo ver van God zijn, worden we ertoe gebracht te zien en te ervaren dat Hij, Die alleen ons nabij kan brengen, Zelf God moet zijn. Want we weten zeker dat alleen een almachtige arm ons van „de einden der aarde” kan trekken en ons nabij de Allerhoogste kan brengen. We ervaren dat onze eigen gerechtigheid, onze tranen, gebeden, beloften en voornemens ons niet bij God kunnen brengen. En dan gaan we de betekenis verstaan van de woorden: „En komende, heeft Hij door het Evangelie vrede verkondigd u, die verre waart, en dien, die nabij waren. Want door Hem hebben wij beiden de toegang door één Geest tot de Vader” (Ef. 2:17).

Lezen: Efeze 2:11-22

Aan de lezer…

Dat woord „Wendt u naar Mij toe” klinkt ook voor wie ervaren heeft dat al zijn tranen, gebeden, beloften en voornemens hem niet nader tot God brachten. Staat u nog aan de einden der aarde, met een deksel over uw hart en zonder kracht om te doen wat de uitnodiging vraagt? Wees niet verwonderd; juist daar leert de ziel dat Hij Die haar nabij moet brengen, Zelf God moet zijn. Een mindere arm kan u daar niet vandaan halen.

Luister dan naar Wie hier spreekt. Het is de Middelaar, de Vriend van zondaren, de Verlosser van de verlorenen, Die zegt: „Wendt u naar Mij toe, wordt behouden.” Bid dat dit woord met kracht tot uw hart komt, zodat de schellen van uw ogen vallen en u de Koning in Zijn schoonheid ziet. Wie zo op Hem ziet, wordt verlicht, en zijn aangezicht wordt niet beschaamd; want door Hem is er toegang tot de Vader, ook voor wie ver weg waren.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Blader door alle dagen van dit Bijbels Dagboek
Steun dit werk