Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · gisteren
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 Dagen Met Philpot

Vandaag
23 november 365 dagen met Philpot

Die Koning verhore ons

O Heere! behoud; die Koning verhore ons, ten dage van ons roepen.
Psalm 20:10

Alleen de Koning kan ons goed doen. Hij alleen kan ons verlossen, ons zegenen en ons Zijn liefde laten genieten; ons beschermen tegen onze vijanden; Zijn tedere zorg aan ons hart schenken; ons hier gelukkig maken en ons daarna meenemen naar de eeuwige zaligheid. „Die Koning verhore ons ten dage van ons roepen.” Wanneer rovers ons overvallen, wanneer deze afvalligen door de straten rennen, wanneer deze begeerten, als zoveel vijanden van Hem en van ons, sterk en springlevend zijn, laat Hij Zich dan openbaren. Laat Hij onze vijanden uiteendrijven; laat Hij komen, ons hart en onze genegenheden opeisen en Zich als onze Koning en Heerser openbaren.

Is dit niet het gevoel van een levende ziel: vol schaamte en smart te zijn, vol zelfverachting omdat men zo’n stakker is, en toch Jezus niet te kunnen opgeven? Hoewel men aan de einden der aarde is, toch naar Hem te verlangen, uit te zien en te smachten; te verdienen dat men in de hel geworpen wordt, maar een plaats in de hemel te begeren; vaak de duivel te dienen en toch aan de borst van de Koning der koningen te willen leunen; vaak belust te zijn op de lekkernijen van de duivel, en toch gevoed te willen worden met het vlees van de tafel van de Koning?

„O Heere! behoud”, want niemand anders dan U kan zo’n stakker redden. „Die Koning verhore ons ten dage van ons roepen”, in uiterste nood, in schaamte, in smart. „Die Koning verhore ons”: dat Hij onze smeekbeden niet afwijst, Zijn ontstemde gezicht niet afwendt en niet zegt: „Ik geef u over”, maar liever: „Hoe zou Ik u overgeven, o Efraïm? u overleveren, o Israël? Hoe zou Ik u maken als Adama, u stellen als Zeboïm? Mijn hart is in Mij omgekeerd, al Mijn berouw is tezamen ontstoken” (Hos. 11:8). „Ik zal u niet overgeven, Efraïm.” „Ofschoon hij een opstandig kind is, ofschoon hij vanaf de schoot een overtreder is gebleken, kan Ik hem niet overgeven, omdat Ik hem heb liefgehad.”

Daarom kan en wil de Koning, Die voor Zijn Kerk gestorven is en zo’n machtig werk voor haar heeft verricht, haar niet overgeven. Hij zal haar redden met een eeuwige verlossing en haar laten zien dat, waar de zonde overvloedig is geweest, de genade „veel overvloediger voorkomt”.

Lezen: Mattheüs 15:21-28

Aan de lezer…

Kent u dat? U staat vol schaamte voor uzelf. U hebt de hel verdiend en begeert toch de hemel; u dient zo vaak de duivel en wilt toch leunen aan de borst van de Koning der koningen. Kunt u Jezus niet opgeven, hoe ellendig u zich ook voelt? Dat is het gevoel van een levende ziel. Een dode kent zo’n strijd niet.

Vreest u dat de Koning Zijn gezicht zal afwenden en zeggen: „Ik geef u over”? Hoor dan wat Hij tegen het opstandige Efraïm zegt: „Hoe zou Ik u overgeven?” Hij heeft Zijn volk liefgehad, en daarom kan Hij het niet loslaten. Niemand anders dan Hij kan zo’n stakker redden, maar Hij kan het ook en Hij wil het. Roep dan tot Hem op de dag van uw nood, in uw schaamte en uw smart. Waar de zonde overvloedig is geweest, daar is Zijn genade veel overvloediger.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Blader door alle dagen van dit Bijbels Dagboek
Steun dit werk