July 25
En heeft ons mede gezet in de hemel in Christus Jezus.
Efeze 2:6
Jezus bleef niet op aarde na Zijn opstanding. Hij voer op naar de plaats waar Hij tevoren was, en nam plaats aan de rechterhand der Majesteit in de hemelen. Doch toen Hij opvoer, voeren al de uitverkorenen met Hem op. Hij liet Zijn leden niet achter op de aarde, maar Hij nam hen allen mede in de hemel. En dit is een onderpand dat zij op zekere dag bij Hem zullen zijn in de gewesten der eeuwige zaligheid, omdat zij alrede met Hem zijn opgevaren als leden van Zijn verborgen lichaam.
Dit, bevindelijk geleerd, haalt de genegenheden uit en wekt de ziel op, bedenkende met Christus mede gezet te zijn in de hemel. De zonde, dood, hel en satan, met al de ellende en jammer die wij ons op de hals gehaald hebben, alle onder onze voeten vertreden te zien, waar Christus nu regeert, alle vijanden onder Zijn voeten verpletterd hebbende, en dit met blijdschap te geloven en te omhelzen: dit is met Christus gezet te zijn in de hemel. Eén van de laatste handelingen die de Heere gewoonlijk voor de ziel doet, is haar een voorproefje te schenken van met Christus te zijn in de eeuwige heerlijkheid. De dood onttroond te zien, de hel gesloten, de zonde vernietigd en een heerlijke onsterfelijkheid in het vooruitzicht gesteld voor het volk van God, en dit te genieten als zoete voorsmaakjes aleer wij in de hemel komen zullen: dit is met Christus mede gezet te zijn in de hemel, en dit alles vloeit uit Zijn zitten aan de rechterhand der Majesteit in de hemelen.
Nu, ziet eens welke weldaden en zegeningen er voortvloeien uit de vereniging met de Zoon van God. Waarom heeft God uw ziel het leven gegeven? Omdat gij een lid van Christus waart. Waarom werd gij opgewekt tot een goede hoop door genade? Waarom vloeiden barmhartigheid, vrede en vergiffenis in uw ziel? Waarom werd gij uit uw ellende en dood opgehaald en gesteld in het licht van Gods vriendelijk aangezicht, en werd er een dierbare Christus aan uw hart geopenbaard? Omdat gij, ten dage toen de Zoon van God triomfantelijk uit de dood verrees, toen ook als een lid van Zijn verborgen lichaam met Hem verrezen zijt.
Waarom wordt gij somtijds verwaardigd dat uw genegenheden gevestigd zijn op de dingen die boven zijn, dat gij enige overwinning behaalt over de zonde, dood, hel en het graf, dat gij uw vijanden verpletterd vindt onder uw voeten en bij tijden een blik voorwaarts werpt, met een aangenaam voorproefje van de eeuwige genietingen? Omdat gij, als een lid van Christus’ verborgen lichaam, alrede zijt opgevaren en zit aan de rechterhand Gods met Christus, Die als het Hoofd van Zijn lichaam hun ten goede daar is.
Aan de lezer…
U die zich nog zo aan de aarde gebonden voelt, door zonde en dood en de ellende die wij ons op de hals gehaald hebben, dat de hemel u ver weg schijnt, bedenk dat Christus Zijn leden niet op aarde achterliet toen Hij opvoer. Hij zit aan de rechterhand der Majesteit, en Hij is daar Zijn volk ten goede.
Waarom hebt u leven ontvangen, waarom een goede hoop, waarom die ogenblikken waarin Christus u dierbaar was en uw genegenheden boven waren? Niet om iets in u, maar omdat u een lid van Hem bent. Zijn die voorsmaakjes kort en zeldzaam, zij zijn toch een onderpand dat u eenmaal bij Hem zult zijn. Hef dan het hoofd op: wat Hij overwon, ligt ook onder uw voeten.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
En heeft ons mede gezet in de hemel in Christus Jezus.
Efeze 2:6
Jezus bleef na Zijn opstanding niet op aarde. Hij voer op naar de plaats waar Hij eerder was, en nam plaats aan de rechterhand van de Majesteit in de hemelen. Maar toen Hij opvoer, voeren alle uitverkorenen met Hem op. Hij liet Zijn leden niet achter op aarde, maar nam hen allemaal mee naar de hemel. En dat is een onderpand dat zij op een dag bij Hem zullen zijn in de gewesten van de eeuwige zaligheid, omdat zij als leden van Zijn verborgen lichaam al met Hem zijn opgevaren.
Wanneer dit bevindelijk geleerd wordt, trekt het de genegenheden omhoog en wekt het de ziel op, als zij bedenkt dat zij met Christus mede gezet is in de hemel. De zonde, de dood, de hel en satan, met al de ellende en nood die wij ons op de hals gehaald hebben, allemaal onder onze voeten vertreden zien, daar waar Christus nu regeert, nadat Hij alle vijanden onder Zijn voeten verpletterd heeft; en dat met blijdschap geloven en omhelzen: dat is met Christus gezet zijn in de hemel. Een van de laatste dingen die de Heere gewoonlijk voor de ziel doet, is haar een voorproefje te schenken van het met Christus zijn in de eeuwige heerlijkheid. De dood onttroond zien, de hel gesloten, de zonde vernietigd en een heerlijke onsterfelijkheid in het vooruitzicht gesteld voor het volk van God, en dat als zoete voorsmaakjes genieten voordat wij in de hemel komen: dat is met Christus mede gezet zijn in de hemel. En dat alles vloeit voort uit Zijn zitten aan de rechterhand van de Majesteit in de hemelen.
Zie nu eens welke weldaden en zegeningen er voortvloeien uit de vereniging met de Zoon van God. Waarom heeft God uw ziel het leven gegeven? Omdat u een lid van Christus was. Waarom werd u opgewekt tot een goede hoop door genade? Waarom vloeiden barmhartigheid, vrede en vergeving in uw ziel? Waarom werd u uit uw ellende en dood omhooggehaald en in het licht van Gods vriendelijk aangezicht gesteld, en werd er een dierbare Christus aan uw hart geopenbaard? Omdat u, op de dag dat de Zoon van God triomfantelijk uit de dood opstond, toen ook als een lid van Zijn verborgen lichaam met Hem bent opgestaan.
Waarom wordt u soms verwaardigd dat uw genegenheden gericht zijn op de dingen die boven zijn, dat u enige overwinning behaalt over de zonde, de dood, de hel en het graf, dat u uw vijanden verpletterd vindt onder uw voeten, en dat u soms een blik vooruit werpt, met een aangenaam voorproefje van de eeuwige genietingen? Omdat u, als een lid van het verborgen lichaam van Christus, al bent opgevaren en met Christus zit aan de rechterhand van God, Die daar als het Hoofd van Zijn lichaam is, hun ten goede.
Aan de lezer…
U die zich nog zo aan de aarde gebonden voelt, door zonde en dood en de ellende die wij ons op de hals gehaald hebben, dat de hemel ver weg lijkt: bedenk dat Christus Zijn leden niet op aarde achterliet toen Hij opvoer. Hij zit aan de rechterhand van de Majesteit, en Hij is daar Zijn volk ten goede.
Waarom hebt u leven ontvangen, waarom een goede hoop, waarom die ogenblikken waarin Christus u dierbaar was en uw genegenheden boven waren? Niet om iets in u, maar omdat u een lid van Hem bent. Al zijn die voorsmaakjes kort en zeldzaam, toch zijn zij een onderpand dat u eens bij Hem zult zijn. Hef dan het hoofd op: wat Hij overwon, ligt ook onder uw voeten.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
“And made us sit together in heavenly places in Christ Jesus.”
Ephesians 2:6
Jesus did not tarry upon the earth after His resurrection; He ascended up where He was before, and took His seat at the right hand of the Majesty on high. But when He ascended up on high, all the election of grace ascended with Him. He did not leave His members behind upon earth, but He took them all ‘virtually’ into heaven. And this is a pledge that they will one day be with Him in the realms of eternal bliss, because they have already ascended with Him, as the members of His mystical body. This, in experimental manifestation, is the lifting up of the affections, the raising up of the soul to sit together with Christ in heavenly places.
Sin, death, hell, and Satan, with all the misery and wretchedness we have brought upon ourselves—to have them all under our feet, as Christ now reigns, having put all enemies under His feet—to enjoy this, is to sit with Christ in heavenly places. One of the last acts that God usually does for the soul, is the lifting it up thus to sit with Christ in the anticipation of eternal glory. To see death dethroned, hell destroyed, sin abolished, and a glorious immortality reserved for the saints of God; to enjoy this in the sweet anticipation and blessed foretastes, so as to be in heaven before we get there—this is to sit down with Christ in heavenly places, by virtue of His sitting down there “at the right hand of the Majesty on high.”
Now, see what benefits and blessings spring out of a union with the Son of God. Why did God quicken your soul? Because you were a member of Christ. Why were you raised up to “a good hope through grace?” Why did mercy, peace, and pardon flow into your soul? Why were you brought out of misery and death into the light of God’s countenance, and had a precious Christ revealed to your heart? Because in the day, when the Son of God rose triumphant from the tomb, you, as a member of His mystical body, rose there and then with Him.
Why are you sometimes privileged to have your affections on things above, attain any victory over sin, death, hell, and the grave, find your enemies put under your feet, and look forward at times with a sweet anticipation of eternal joys? Because, as a member of Christ’s mystical body, you have already ascended, and are already sitting at the right hand of God with Christ, Who is sitting as the Head of His body there.
To the reader…
You who still feel so bound to the earth, by sin and death and the misery we have brought upon ourselves, that heaven seems far away: remember that Christ did not leave His members behind on earth when He ascended. He sits at the right hand of the Majesty, and He is there for the good of His people.
Why did you receive life, why a good hope, why those moments when Christ was precious to you and your affections were set on things above? Not because of anything in you, but because you are a member of Him. Though those foretastes are short and rare, yet they are a pledge that one day you will be with Him. Lift up your head, then: what He has conquered lies under your feet as well.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
“Y asimismo nos hizo sentar en los cielos con Cristo Jesús.”
Efesios 2:6
Jesús no se quedó en la tierra después de Su resurrección; subió adonde estaba primero, y tomó asiento a la diestra de la Majestad en las alturas. Pero cuando subió a lo alto, toda la elección de gracia subió con Él. No dejó atrás a Sus miembros en la tierra, sino que los llevó a todos ‘virtualmente’ al cielo. Y esto es una prenda de que un día estarán con Él en las regiones de la dicha eterna, porque ya han subido con Él, como miembros de Su cuerpo místico. Esto, en su manifestación experimental, es la elevación de los afectos, el levantamiento del alma para sentarse juntamente con Cristo en los lugares celestiales.
El pecado, la muerte, el infierno y Satanás, con toda la miseria y desdicha que hemos traído sobre nosotros mismos: tenerlos todos bajo nuestros pies, como Cristo reina ahora, habiendo puesto a todos los enemigos bajo Sus pies; gozar de esto es sentarse con Cristo en los lugares celestiales. Uno de los últimos actos que Dios suele hacer por el alma es levantarla así para sentarse con Cristo en la anticipación de la gloria eterna. Ver la muerte destronada, el infierno destruido, el pecado abolido, y una gloriosa inmortalidad reservada para los santos de Dios; gozar de esto en dulce anticipación y bienaventurados anticipos, de modo que estemos en el cielo antes de llegar allá: esto es sentarse con Cristo en los lugares celestiales, en virtud de que Él Se ha sentado allí “a la diestra de la Majestad en las alturas”.
Vea ahora qué beneficios y bendiciones brotan de la unión con el Hijo de Dios. ¿Por qué vivificó Dios su alma? Porque usted era miembro de Cristo. ¿Por qué fue levantado a “buena esperanza por gracia”? ¿Por qué fluyeron misericordia, paz y perdón a su alma? ¿Por qué fue sacado de la miseria y de la muerte a la luz del rostro de Dios, y le fue revelado a su corazón un precioso Cristo? Porque en el día en que el Hijo de Dios se levantó triunfante de la tumba, usted, como miembro de Su cuerpo místico, resucitó allí y entonces con Él.
¿Por qué se le concede a veces el privilegio de poner sus afectos en las cosas de arriba, alcanzar alguna victoria sobre el pecado, la muerte, el infierno y el sepulcro, hallar a sus enemigos puestos bajo sus pies y mirar adelante a veces con una dulce anticipación de los gozos eternos? Porque, como miembro del cuerpo místico de Cristo, usted ya ha subido, y ya está sentado a la diestra de Dios con Cristo, Que está sentado allí como la Cabeza de Su cuerpo.
Al lector…
Usted que todavía se siente tan atado a la tierra, por el pecado, la muerte y la miseria que hemos traído sobre nosotros mismos, que el cielo le parece lejano: recuerde que Cristo no dejó atrás a Sus miembros en la tierra cuando subió. Él está sentado a la diestra de la Majestad, y está allí para el bien de Su pueblo.
¿Por qué recibió usted vida, por qué una buena esperanza, por qué aquellos momentos en que Cristo le era precioso y sus afectos estaban puestos en las cosas de arriba? No por algo que hubiera en usted, sino porque es miembro de Él. Aunque esos anticipos sean breves y escasos, son sin embargo una prenda de que un día estará con Él. Levante, pues, la cabeza: lo que Él ha vencido yace también bajo sus pies.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl