February 16
Heere, maak mij Uw wegen bekend; leer mij Uw paden.
Psalm 25:4
Met een gebroken hart en verslagen geest te liggen aan de troon der genade, God vragende om onderwezen te worden, is inderdaad een gezegende plaats. Het is de bevinding van een kinderlijke geest, en in de betoning van zulk een eenvoudigheid, waarheid en oprechtheid vinden wij de ontwijfelbare kenmerken van het ware discipelschap. Waar wij zulk een verloochening van zichzelf zien, met verzaken van eigen wijsheid, kracht en gerechtigheid, met een terzijde stellen van alle godsdienst uit de mens, en een ware geest van vernedering voor God, daar moeten wij dit aanzien als iets dat boven de natuur uitgaat. Niets dan de kracht Gods is in staat een ziel zo geheel uit de dop van eigengerechtigheid te halen en aldus haar geestelijke naaktheid voor God open te leggen.
Er is natuurlijk iets aangenaams in het bemerken van een handelbare en leergierige aard. En aan de andere kant zijn er weinig eigenschappen die zich daar meer tegen kanten dan de hoogmoed der onwetendheid en waan van hen die denken alles te weten, terwijl zij inderdaad niets weten en te hoogmoedig zijn om onderwezen te worden. De enige weg tot het verkrijgen van kennis is een zachtmoedige, leerzame en onderzoekende geest en een gewilligheid om te leren; en deze spruit uit de bewustheid van onze onwetendheid. Deze geest worden wij somtijds gewaar in kinderen. Ook is er geen aangenamer iets voor een vader of onderwijzer dan een leerzaam kind, dat zeer gaarne onderzoekt en blijde is onderricht te ontvangen. En er is geen prettiger onderwijs geven dan wanneer men een grote gewilligheid aantreft om te leren.
Zo is het ook in de genade. Waar een nederige, leerzame geest gevonden wordt, daar trekt men uit des Heeren hart en mond de verborgenheden der hemelse wijsheid, terwijl de Heere dit voor anderen verbergt. Daarvan sprak de Heere Jezus in de dagen Zijns vleses: „Ik dank U, Heere des hemels en der aarde, dat Gij deze dingen voor de wijzen en verstandigen verborgen hebt en hebt ze de kinderkens geopenbaard.” De kinderen zijn degenen die leerzaam en kinderlijk zijn en aan wie God de schatten Zijner hemelse wijsheid openbaren wil.
Aan de lezer…
Misschien schaamt u zich, lezer, omdat u zo weinig weet. U ziet anderen die over alles kunnen spreken, en u voelt u als een kind dat nog alles moet leren. Wees daar niet bedroefd over. Met een gebroken hart en een verslagen geest aan de troon der genade te liggen en te bidden: „Heere, maak mij Uw wegen bekend; leer mij Uw paden”, is een gezegende plaats. Zulk een leerzame geest groeit niet uit de natuur; het is de kracht Gods die een ziel zo uit haar eigengerechtigheid haalt.
De Heere Jezus dankte Zijn Vader dat Hij deze dingen voor de wijzen en verstandigen verborgen heeft en ze de kinderkens geopenbaard heeft. Blijf dan een kind aan Zijn voeten. Hij heeft er behagen in een arme, onwetende ziel te onderwijzen, en Hij zal u uit Zijn eigen mond de verborgenheden der hemelse wijsheid doen kennen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Heere, maak mij Uw wegen bekend; leer mij Uw paden.
Psalm 25:4
Met een gebroken hart en een verslagen geest aan de troon der genade te liggen en God te vragen om onderwezen te worden, is werkelijk een gezegende plaats. Het is de bevinding van een kinderlijke geest, en waar zo’n eenvoud, waarheid en oprechtheid zich tonen, vinden wij de onmiskenbare kenmerken van het ware discipelschap. Waar wij zo’n zelfverloochening zien, waarbij iemand afstand doet van eigen wijsheid, kracht en gerechtigheid, alle godsdienst die uit de mens voortkomt terzijde stelt en een ware geest van vernedering voor God heeft, daar moeten wij dat zien als iets wat boven de natuur uitgaat. Niets dan de kracht van God is in staat een ziel zo helemaal uit de dop van eigengerechtigheid te halen en zo haar geestelijke naaktheid voor God bloot te leggen.
Natuurlijk is er iets aangenaams in het opmerken van een handelbare en leergierige aard. Aan de andere kant zijn er weinig eigenschappen die daar meer tegenin gaan dan de hoogmoed van de onwetendheid en de waan van hen die denken alles te weten, terwijl zij in werkelijkheid niets weten en te hoogmoedig zijn om onderwezen te worden. De enige weg om kennis te verkrijgen is een zachtmoedige, leerzame en onderzoekende geest en een bereidheid om te leren; en die komt voort uit het besef van onze onwetendheid. Die geest merken wij soms op bij kinderen. Er is ook niets aangenamer voor een vader of leraar dan een leerzaam kind, dat graag onderzoekt en blij is onderwezen te worden. En er is geen prettiger onderwijs geven dan wanneer men een grote bereidheid om te leren aantreft.
Zo is het ook in de genade. Waar een nederige, leerzame geest gevonden wordt, daar haalt men uit het hart en de mond van de Heere de verborgenheden van de hemelse wijsheid, terwijl de Heere die voor anderen verbergt. Daarover sprak de Heere Jezus in de dagen van Zijn vlees: „Ik dank U, Heere des hemels en der aarde, dat Gij deze dingen voor de wijzen en verstandigen verborgen hebt en hebt ze de kinderkens geopenbaard.” De kinderkens zijn zij die leerzaam en kinderlijk zijn, en aan wie God de schatten van Zijn hemelse wijsheid wil openbaren.
Aan de lezer…
Misschien schaamt u zich, lezer, omdat u zo weinig weet. U ziet anderen die over alles kunnen spreken, en u voelt u als een kind dat nog alles moet leren. Wees daar niet bedroefd over. Met een gebroken hart en een verslagen geest aan de troon der genade te liggen en te bidden: „Heere, maak mij Uw wegen bekend; leer mij Uw paden”, is een gezegende plaats. Zo’n leerzame geest groeit niet uit de natuur; het is de kracht van God die een ziel zo uit haar eigengerechtigheid haalt.
De Heere Jezus dankte Zijn Vader dat Hij deze dingen voor de wijzen en verstandigen verborgen had en ze aan de kinderkens geopenbaard had. Blijf dan een kind aan Zijn voeten. Hij heeft er behagen in een arme, onwetende ziel te onderwijzen, en Hij zal u uit Zijn eigen mond de verborgenheden van de hemelse wijsheid doen kennen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Shew me thy ways, O LORD; teach me thy paths.
Psalm 25:4
To lie with a broken heart and contrite spirit at the footstool of mercy beseeching God to teach us, is indeed a blessed spot to be in. It is the evidence of a childlike spirit, and shows such simplicity, reality, and genuineness that it bears stamped upon it the indubitable marks of true discipleship. Wherever we see such a coming out of SELF, with a renunciation of our own wisdom, strength, and righteousness, such a putting aside of all creature religion, and such a real spirit of humility before God, we must receive it as something beyond and above nature. Nothing but the power of God seems able to bring a soul so completely out of the shell and crust of self-righteousness, and so to lay open its spiritual nakedness before Him.
Naturally there is something very sweet in seeing a docile, teachable disposition. And on the other hand, few things are more offensive than the pride of ignorance, the abominable conceit of people who think they know everything when really they know nothing, but are too proud to be taught.
The only road to knowledge is to possess a meek, teachable, inquiring spirit, a willingness to learn springing out of a consciousness of ignorance. This spirit is what we see sometimes in children, nor is there a more pleasant sight for parent or instructor than to see a child docile; earnestly seeking information, and glad to receive instruction. If anything can open the mouth to teach, it is finding such a disposition to learn.
So in grace; where there is a humble, quiet, docile spirit, it seems to draw forth out of the Lord’s heart and mouth these secrets of heavenly wisdom which He hides from others; as He spoke in the days of His flesh, “I thank you, O Father, Lord of heaven and earth, because you have hidden these things from the wise and prudent, and have revealed them unto babes.” The babes are those who are teachable and childlike, and to whom as such God reveals the treasures of His heavenly wisdom.
To the reader…
Perhaps, dear reader, you are ashamed because you know so little. You see others who can speak about everything, and you feel like a child who still has everything to learn. Do not be grieved about that. To lie at the throne of grace with a broken heart and a contrite spirit and to pray, “Shew me Thy ways, O LORD; teach me Thy paths,” is a blessed place to be. Such a teachable spirit does not grow out of nature; it is the power of God that brings a soul out of its self-righteousness like this.
The Lord Jesus thanked His Father that He had hidden these things from the wise and prudent and had revealed them unto babes. Remain, then, a child at His feet. He delights to teach a poor, ignorant soul, and He will make known to you from His own mouth the secrets of heavenly wisdom.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Muéstrame, oh Jehová, Tus caminos; enséñame Tus sendas.
Salmo 25:4
Yacer con el corazón quebrantado y el espíritu contrito ante el estrado de la misericordia, suplicando a Dios que nos enseñe, es en verdad un lugar bienaventurado. Es la evidencia de un espíritu de niño, y muestra tal sencillez, realidad y autenticidad que lleva estampadas las señales indudables del verdadero discipulado. Dondequiera que vemos tal salir del YO, con una renuncia a nuestra propia sabiduría, fuerza y justicia, tal dejar a un lado toda religión de la criatura, y tal espíritu real de humildad delante de Dios, debemos recibirlo como algo que está más allá y por encima de la naturaleza. Nada sino el poder de Dios parece capaz de sacar a un alma tan completamente de la cáscara y la costra de la justicia propia, y de poner así al descubierto su desnudez espiritual delante de Él.
En lo natural hay algo muy dulce en ver una disposición dócil y enseñable. Y, por otra parte, pocas cosas son más ofensivas que el orgullo de la ignorancia, la abominable presunción de personas que creen saberlo todo cuando en realidad no saben nada, pero son demasiado orgullosas para dejarse enseñar.
El único camino al conocimiento es poseer un espíritu manso, enseñable e inquisitivo, una disposición a aprender que brota de la conciencia de la propia ignorancia. Este espíritu es el que vemos a veces en los niños, y no hay vista más agradable para un padre o un maestro que ver a un niño dócil, que busca con empeño saber y se alegra de recibir instrucción. Si algo puede abrir la boca para enseñar, es hallar tal disposición a aprender.
Así sucede en la gracia: donde hay un espíritu humilde, quieto y dócil, parece sacar del corazón y de la boca del Señor aquellos secretos de la sabiduría celestial que Él esconde de otros; como dijo en los días de Su carne: “Te alabo, Padre, Señor del cielo y de la tierra, que hayas escondido estas cosas de los sabios y de los entendidos, y las hayas revelado a los niños.” Los niños son los que son enseñables y como niños, y a quienes, como tales, Dios revela los tesoros de Su sabiduría celestial.
Al lector…
Quizá, querido lector, usted se avergüenza porque sabe tan poco. Ve a otros que pueden hablar de todo, y se siente como un niño que todavía tiene que aprenderlo todo. No se aflija por ello. Yacer ante el trono de la gracia con el corazón quebrantado y el espíritu contrito y orar: “Muéstrame, oh Jehová, Tus caminos; enséñame Tus sendas”, es un lugar bienaventurado. Tal espíritu enseñable no brota de la naturaleza; es el poder de Dios el que saca así a un alma de su justicia propia.
El Señor Jesús dio gracias a Su Padre porque había escondido estas cosas de los sabios y entendidos y las había revelado a los niños. Permanezca, pues, como un niño a Sus pies. Él se deleita en enseñar a un alma pobre e ignorante, y le dará a conocer de Su propia boca los secretos de la sabiduría celestial.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl