August 11
Opdat wij door twee onveranderlijke dingen, in welke het onmogelijk is dat God liege, een sterke vertroosting zouden hebben, wij namelijk, die de toevlucht genomen hebben, om de voorgestelde hope vast te houden.
Hebreeën 6:18
Indien er ooit in uw levenservaring een tijd was van onvergetelijke onrust, van vrees, van schrik, van schuld, en als gij toen nauwelijks wist wat te doen, te denken of te zeggen, werd u een blik vergund op een toevlucht in de Persoon, het werk, het bloed en de gerechtigheid van de Heere het Lam. Indien gij als voortgedreven of voortgetrokken daarheen vluchttet, vriendelijk ontvangen werdt en een schuilplaats vondt tegen schuld en twijfel en vrees, dan weet gij ook zekerlijk wat het zegt, de toevlucht genomen te hebben om de voorgestelde hoop vast te houden. Zij en zij allen zijn erfgenamen der belofte, en van hoe groot belang is het dan deze dingen persoonlijk bij ervaring te kennen. Hoe kunnen wij weten of wij het leven Gods in onze ziel, de genade Gods in ons hart hebben, zo er niet zulk een toevlucht nemen en een vasthouden geweest is?
Zie dus of gij deze twee zaken in uw ziel kunt ontdekken. Ten eerste: of er ooit bij u een tijd was dat gij vreesdet en beefdet voor de toekomende toorn en gedwongen werdt een schuilplaats te zoeken om die te ontvlieden. Maar ten tweede: zo gij geen schuilplaats vondt in uzelf en zaagt dat uw bed te kort en uw dek te smal was, vluchttet gij tot Jezus als uw enige hoop? En zo er toen aan het oog uws geloofs een gezegende opening vergund werd op een schuilplaats, toebereid in de Heere het Lam, waart gij in staat Hem vast te houden in Zijn bondskarakter, en vondt gij rust en vrede in Hem? Zo gij nu deze twee trekken van het Goddelijk leven in uw ziel kunt ontdekken, zijt gij van degenen van wie onze tekst spreekt: gij hebt de toevlucht genomen om eens de in het eeuwig Evangelie voorgestelde hoop vast te houden.
Nu zal mijn ziel, nu zullen al mijn zinnen,
o God, mijn sterkt’, U hartelijk beminnen.
Mijn steenrots, burg en helper is de Heer,
mijn God, mijn rots, mijn zaligheid, mijn eer.
Ps. 18, voorzang
Aan de lezer…
Soms denkt u terug aan die tijd van onrust, toen u nauwelijks wist wat te doen, te denken of te zeggen; toen de toekomende toorn u deed beven, en u zocht en zocht, maar uw bed was te kort en uw dek te smal. Misschien bent u daar nu nog, en ziet u nergens een schuilplaats. Dan is het goed dat u uzelf niets meer kunt aanbieden, want juist zulken worden voortgedreven naar de enige toevlucht.
Die toevlucht is de Persoon, het werk, het bloed en de gerechtigheid van de Heere het Lam. Daar worden vluchtelingen vriendelijk ontvangen; daar is een schuilplaats tegen schuld en twijfel en vrees. En hebt u Hem al eens aangegrepen, laat dan niet los. Het is onmogelijk dat God liege; Zijn onveranderlijke dingen staan vast, en daarin ligt een sterke vertroosting voor allen die de toevlucht genomen hebben om de voorgestelde hoop vast te houden.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Opdat wij door twee onveranderlijke dingen, in welke het onmogelijk is dat God liege, een sterke vertroosting zouden hebben, wij namelijk, die de toevlucht genomen hebben, om de voorgestelde hope vast te houden.
Hebreeën 6:18
Was er ooit in uw leven een onvergetelijke tijd van onrust, van vrees, van schrik en van schuld, waarin u nauwelijks wist wat u moest doen, denken of zeggen? En werd u toen een blik gegund op een toevlucht in de Persoon, het werk, het bloed en de gerechtigheid van de Heere, het Lam? Bent u daarheen gevlucht, als voortgedreven of voortgetrokken, en werd u er vriendelijk ontvangen en vond u een schuilplaats tegen schuld, twijfel en vrees? Dan weet u ook zeker wat het betekent de toevlucht genomen te hebben om de voorgestelde hoop vast te houden. Zij, en zij allen, zijn erfgenamen van de belofte. Hoe belangrijk is het dan om deze dingen persoonlijk, uit bevinding, te kennen! Hoe kunnen wij weten of wij het leven van God in onze ziel en de genade van God in ons hart hebben, als er niet zo’n toevlucht nemen en zo’n vasthouden geweest is?
Ga dus na of u deze twee zaken in uw ziel kunt ontdekken. Ten eerste: was er ooit een tijd dat u vreesde en beefde voor de toekomende toorn, en gedwongen werd een schuilplaats te zoeken om die te ontvluchten? En ten tweede: toen u in uzelf geen schuilplaats vond en zag dat uw bed te kort en uw deken te smal was, vluchtte u toen tot Jezus als uw enige hoop? En toen er aan het oog van uw geloof een gezegende opening gegund werd naar een schuilplaats die in de Heere, het Lam, bereid is, kon u Hem toen vasthouden in Zijn verbondskarakter, en vond u rust en vrede in Hem?
Als u nu deze twee trekken van het Goddelijk leven in uw ziel kunt ontdekken, dan behoort u tot hen over wie onze tekst spreekt: u hebt de toevlucht genomen om de hoop vast te houden die eens in het eeuwige Evangelie is voorgesteld.
Nu zal mijn ziel, nu zullen al mijn zinnen,
o God, mijn sterkt’, U hartelijk beminnen.
Mijn steenrots, burg en helper is de Heer,
mijn God, mijn rots, mijn zaligheid, mijn eer.
Ps. 18, voorzang
Aan de lezer…
Soms denkt u terug aan die tijd van onrust, toen u nauwelijks wist wat u moest doen, denken of zeggen; toen de toekomende toorn u deed beven, en u zocht en zocht, maar uw bed te kort was en uw deken te smal. Misschien bent u daar nu nog, en ziet u nergens een schuilplaats. Dan is het goed dat u uzelf niets meer kunt aanbieden, want juist zulke mensen worden voortgedreven naar de enige toevlucht.
Die toevlucht is de Persoon, het werk, het bloed en de gerechtigheid van de Heere, het Lam. Daar worden vluchtelingen vriendelijk ontvangen; daar is een schuilplaats tegen schuld, twijfel en vrees. En hebt u Hem al eens aangegrepen, laat Hem dan niet los. Het is onmogelijk dat God liegt; Zijn onveranderlijke dingen staan vast, en daarin ligt een sterke vertroosting voor allen die de toevlucht genomen hebben om de voorgestelde hoop vast te houden.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
That by two immutable things, in which it was impossible for God to lie, we might have a strong consolation, who have fled for refuge to lay hold upon the hope set before us.
Hebrews 6:18
If ever there was in your experience a season never to be forgotten of alarm, of fear, of terror, of guilt, of apprehension; and then when you scarcely knew what to do, think or say, there was a view opened up to you of a refuge in the Person and work, blood and righteousness of the Lord the Lamb; if as driven or drawn you fled to it, were kindly received, and found safe harborage from guilt and doubt and fear, then you surely know what it is to have fled for refuge to lay hold upon the hope set before you. It is these, and these only, who are heirs of promise; and therefore how important it is to have had some personal experience of these things.
How are we to know whether we possess the life of God in our soul, the grace of God in our heart, unless there has been some such fleeing and some such laying hold? Do see, then, if you can trace these two things in your breast—first, if there ever was a season with you when you feared, and trembled at the wrath to come, and were compelled to flee for refuge from it.
But, secondly, finding no refuge in self, and that all your own righteousness was a bed too short and a covering too narrow, you fled to Jesus as your only hope; and as there was a sweet opening up to the eye of your faith of a refuge provided in the Lord the Lamb, you were enabled to take hold of Him in His covenant characters and blessed relationships, and found in Him rest and peace. If, then, you can find these two features of divine life in your soul, you are one of the characters of whom our text speaks; you have fled for refuge to lay hold upon the hope set before you in the everlasting gospel.
To the reader…
Sometimes you think back to that time of unrest, when you hardly knew what to do, think or say; when the wrath to come made you tremble, and you searched and searched, but your bed was too short and your covering too narrow. Perhaps you are still there now, and see no refuge anywhere. Then it is good that you have nothing more to offer yourself, for it is precisely such people who are driven on to the only refuge.
That refuge is the Person, the work, the blood and the righteousness of the Lord the Lamb. There fugitives are kindly received; there is a shelter from guilt, doubt and fear. And if you have ever laid hold of Him, do not let Him go. It is impossible for God to lie; His immutable things stand firm, and in them lies a strong consolation for all who have fled for refuge to lay hold upon the hope set before them.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Para que por dos cosas inmutables, en las cuales es imposible que Dios mienta, tengamos un fortísimo consuelo, los que nos acogemos a trabarnos de la esperanza propuesta.
Hebreos 6:18
Si alguna vez hubo en su experiencia una temporada inolvidable de alarma, de temor, de terror, de culpa, de aprensión; y luego, cuando apenas sabía qué hacer, pensar o decir, se le abrió una vista de un refugio en la Persona y la obra, la sangre y la justicia del Señor, el Cordero; si, empujado o atraído, huyó a él, fue recibido con bondad y halló puerto seguro frente a la culpa, la duda y el temor, entonces sin duda sabe lo que es haberse acogido a trabarse de la esperanza propuesta. Son estos, y solo estos, los herederos de la promesa; y por eso, cuán importante es haber tenido alguna experiencia personal de estas cosas.
¿Cómo hemos de saber si poseemos la vida de Dios en nuestra alma, la gracia de Dios en nuestro corazón, a menos que haya habido algún huir semejante y algún trabarse semejante? Vea, pues, si puede trazar estas dos cosas en su pecho: primero, si alguna vez hubo para usted una temporada en que temió y tembló ante la ira venidera, y se vio obligado a huir en busca de refugio frente a ella.
Pero, en segundo lugar, si, no hallando refugio en sí mismo, y viendo que toda su propia justicia era una cama demasiado angosta y una cubierta demasiado estrecha, huyó a Jesús como su única esperanza; y si, al abrirse dulcemente al ojo de su fe un refugio provisto en el Señor, el Cordero, se le concedió asirse de Él en Sus caracteres de pacto y Sus benditas relaciones, y halló en Él descanso y paz. Si, pues, puede hallar estos dos rasgos de la vida divina en su alma, usted es uno de aquellos de quienes habla nuestro texto; se ha acogido a trabarse de la esperanza propuesta en el evangelio eterno.
Al lector…
A veces usted recuerda aquel tiempo de inquietud, cuando apenas sabía qué hacer, pensar o decir; cuando la ira venidera le hacía temblar, y buscaba y buscaba, pero su cama era demasiado angosta y su cubierta demasiado estrecha. Quizá todavía esté ahí ahora, y no vea refugio en ninguna parte. Entonces es bueno que ya no tenga nada que ofrecerse a sí mismo, porque precisamente a personas así se las empuja hacia el único refugio.
Ese refugio es la Persona, la obra, la sangre y la justicia del Señor, el Cordero. Allí los fugitivos son recibidos con bondad; allí hay amparo frente a la culpa, la duda y el temor. Y si alguna vez se ha asido de Él, no le suelte. Es imposible que Dios mienta; Sus cosas inmutables permanecen firmes, y en ellas hay un fortísimo consuelo para todos los que se han acogido a trabarse de la esperanza propuesta.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl