Nieuw verschenenEen medelijdende Hogepriester en een troon der genadePreken · 2 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 dagen met Philpot

26 augustus

Roepende tot de Heere

Vandaag

3 min. lezen

Doch roepende tot de HEERE in de benauwdheid die zij hadden, verloste Hij hen uit hun angsten.
Psalm 107:13

U die God vreest, hoe zijn uw gebeden als u geen moeiten, geen lasten, geen opgaven en geen benauwdheden hebt? Zijn uw gebeden dan niet halfslachtig? Worstelt u dan met de Heere? Zucht uw ziel dan tot Hem? Ik weet uit ervaring dat we moeiten, beproevingen, verleidingen en slag op slag nodig hebben om onze ziel te laten roepen. Wat een zegen is het als er een roepen komt!

Sommige van onze moeiten en beproevingen overweldigen ons, en dan kunnen we niet roepen. Sommige snoeren ons de mond, bijna in wanhoop en vertwijfeling, en dan kunnen we niet roepen. We kunnen niet roepen. Sommige zetten ons aan tot opstandigheid en tot de gedachte dat de Heere ons hard behandelt, en dan kunnen we niet roepen. Sommige maken ons koppig en roekeloos, en dan kunnen we niet roepen. We kunnen zelf geen roepen voortbrengen.

We kunnen in de ergste moeiten verkeren en toch in koppige eigenzinnigheid zwijgen. Maar als de Heere in de moeiten een roepen schenkt, zal Hij zeker, wanneer het Hem goeddunkt, op Zijn eigen manier verlossing geven. Kijkt u eens naar de woorden: „Doch roepende tot de HEERE in de benauwdheid” (Ps. 107:6).

Niet ervóór, niet erna, maar erin. Toen ze er middenin zaten; toen de moeiten om hun hoofd gewonden waren, zoals het wier om het hoofd van Jona gewonden was; toen ze erdoor omringd waren en geen uitweg zagen; toen ze, als iemand in de mist, voor noch achter een mogelijkheid zagen om te ontkomen; toen niets dan een donkere wolk van verwarring hun ziel omgaf en ze niet wisten of die wolk ooit zou wegtrekken — toen riepen ze. Maar wat doet hen roepen? Het is de oprechte overtuiging in hun hart dat ze geen andere toevlucht hebben dan God.

De Heere brengt al Zijn kinderen op dit punt: dat ze geen andere toevlucht hebben dan Hemzelf. Vrienden, raadgevers en kennissen kunnen met hen meeleven, maar ze kunnen geen verlichting geven. Er is geen toevlucht, geen schuilplaats, geen haven en geen thuis waarheen ze kunnen vluchten, behalve de Heere. Daarom brengen moeiten ons ertoe om persoonlijk met God om te gaan. Ze verjagen die halfslachtige vroomheid die zo veel voorkomt, en ze verdrijven die verstandskennis en dorre belijdenis waarmee we ons zo vaak tevredenstellen.

Lezen: Psalm 107:1-16

Aan de lezer…

Hier staat een woord voor wie nu midden in de benauwdheid zit. Niet ervóór, niet erna, maar erin, met de wolk om uw hoofd en geen uitweg voor of achter u? Misschien bent u zelfs zo terneergeslagen dat u niet eens kunt roepen, en verwijt u uzelf uw zwijgen en uw hardheid. Weet dan dat het roepen zelf een gave van de Heere is. U kunt het niet voortbrengen, maar Hij kan het in uw hart leggen, juist daar waar alle andere toevlucht wegvalt.

Vrienden mogen met u meeleven, maar verlichting kunnen zij u niet geven. Zo drijft de Heere u uit al uw schuilhoeken, zodat u persoonlijk met Hem te maken krijgt, en niet langer met een halfslachtige vroomheid of een dorre belijdenis. Is er een zucht in u: „Heere, help mij”? Veracht die niet. Hij Die het roepen geeft, verlost ook uit de angsten, wanneer het Hem goeddunkt en op Zijn eigen wijze.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl