Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · vandaag
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Door Baca’s vallei

13 december

Vandaag

3 min. lezen

Daarna toonde hij mij Jozua, de hogepriester, staande voor het aangezicht van de Engel des Heeren; en de satan stond aan zijn rechterhand om hem te wederstaan.
Zacharia 3:1

Het is het doel van satan om hen die veilig in zijn handen zijn, gerust te houden; en ook de Heere vindt het niet gepast hun rust te verstoren. Maar aan de andere kant: waar satan merkt dat er een werk van de genade begonnen is, waar hij soms de ogen met tranen gevuld ziet, waar hij de zuchten hoort opstijgen uit het berouwvolle hart, waar hij merkt dat de knieën in het verborgen gebogen worden, waar zijn oplettende oor vaak de smartelijke belijdenis hoort van zonden, zwakheden en afdwalingen voor Gods aangezicht — want uit deze waarnemingen hebben wij reden om te geloven dat satan nog in bekwaamheid toeneemt — waar hij dit verborgen werk in de ziel bemerkt, daar koelt hij zijn helse nijd, razend van toorn en vervuld van boosheid, op de voorwerpen van Gods liefde.

Soms probeert hij hen in de zonde te verstrikken, soms komt hij met verzoekingen bij hen; soms hitst hij hun ellendige hart op tot een vreselijke opstand; soms werkt hij op hun natuurlijke ongeloof, en soms plaagt hij hen met grenzeloze twijfels en vrezen over de vraag of zij wel waarachtig en oprecht zijn voor het hartdoorzoekende oog van God. Zo worden zij die geen werk van de genade in hun hart hebben, met vrede gelaten en zijn zij vrij van twijfel en vrees. Maar zij in wie God werkt, worden geoefend en bemoeilijkt in hun gemoed, en kunnen vaak niet geloven dat zij het volk zijn waarin God een welbehagen heeft.

De diepten van de schijnheiligheid van de mens, de ontstellende afstand die een belijdenis kan afleggen, het bedrog van het vleselijke gemoed, de strikken die voor de onbedachtzame voet worden uitgespreid, het vreselijke gevaar om op het laatst toch bedrogen uit te komen: al deze dingen bezorgen hen die dood zijn in de zonden geen zorg. Als zij hun natuurlijke geweten kunnen bevredigen en iets kunnen doen om een vluchtige overtuiging tot bedaren te brengen, zijn zij blij bedrogen te worden.

Maar aan de andere kant: wie in de vreze Gods een teder geweten heeft, weet wat een ontzaglijke zaak het is om als een schijnheilige voor God te staan, een leugen in zijn rechterhand te hebben en door de vorst van de duisternis bedrogen te worden. Daarom moet hij beproefd en geoefend worden in zijn gemoed, totdat het God behaagt met kracht door Zijn mond in de ziel te spreken en hem zeker te maken van zijn deel aan Christus, door Zijn liefde in zijn hart uit te storten. Hij moet vaak heen en weer geschud worden, om de eenvoudige reden dat hij nergens tevreden in kan rusten dan alleen in de persoonlijke bekendmakingen van de genade van God.

Aan de lezer…

Het kan zijn dat u heen en weer geschud wordt door twijfels en vrezen of het met u wel waarachtig is. Kunt u vaak niet geloven dat u behoort tot het volk waarin God een welbehagen heeft? Kijk dan eens om u heen: wie dood is in de zonden, wordt met rust gelaten en is blij bedrogen te worden. Dat u zo bestreden wordt, kan juist zijn omdat de vijand merkt dat er in u een werk van de genade begonnen is.

Uw tranen in het verborgen, uw zuchten, uw smartelijke belijdenis voor Gods aangezicht zijn hem niet ontgaan, maar zij zijn ook de Heere niet ontgaan. U kunt niet tevreden rusten in een vluchtige gerustheid; u moet het uit Zijn eigen mond horen. Wacht dan op Hem, totdat het Hem behaagt met kracht in uw ziel te spreken, u zeker te maken van uw deel aan Christus en Zijn liefde in uw hart uit te storten.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl