Nieuw verschenenHet gesprek van een gelovige met zijn zielPreken · 4 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Door Baca’s Vallei

Vandaag
1 januari Door Baca’s vallei

Houdende mijn gangen in Uw sporen, opdat mijn voetstappen niet zouden wankelen.
Psalm 17:5

Zonder op een twijfelachtige of bijgelovige manier stil te staan bij dagen, maanden en jaren, zijn er over het algemeen maar weinigen onder ons die zo’n gewichtig moment als het aanbreken van een nieuw jaar op ons levenspad voorbij laten gaan zonder er tegenover God of mensen iets van te erkennen. Wanneer wij op de eerste morgen van het jaar onze ogen openen, zeggen wij heel gewoon: „Het is vandaag Nieuwjaarsdag.” Maar dat zou niet de enige opmerking moeten zijn die wij maken over het pas begonnen jaar, waarvan wij immers het einde niet kunnen overzien. Wanneer wij onze knieën buigen voor de troon van de genade, brengen wij daar onze dankbare erkenning voor de weldaden die ons het afgelopen jaar geschonken zijn, zowel in de voorzienigheid als in de genade. En wij zenden ernstige gebeden op om in het begonnen jaar bijzondere weldaden te mogen ervaren en genieten. Op de laatste avond van het afgelopen jaar getuigden onze belijdenissen van de vele, vele zware zonden, omzwervingen, afwijkingen en het verlaten van de levende God in het vervlogen jaar. Deze morgen daarentegen getuigen onze smeekbeden ervan dat wij genade vragen, dat onze gangen in Zijn sporen gehouden mogen worden, opdat onze voetstappen niet zouden wankelen.

Tranen passen het best bij de begrafenis van de doden, hoop en wensen bij de geboorte van de levenden. Het afgelopen jaar was als de gestorven vader, afgetakeld door ouderdom en zwakheid; het nieuwe jaar is het pasgeboren kind in de armen van de lachende kraamverzorgster. De eerste dag van het nieuwe jaar verschilt uiterlijk maar weinig van de laatste dag van het vorige jaar, de laatste van de voorgaande dagen. Het is nog midden in de winter. Maar het peinzende, biddende gemoed let maar weinig op het winterweer. Het ziet dat het oude, versleten jaar in zijn graf is weggezonken, met al zijn beproevingen en verdrukkingen, en dat er een nieuw jaar voor in de plaats gekomen is, met nieuwe verwachtingen en nieuwe weldaden. En mocht het nieuwe beproevingen brengen, dan blijft de belofte van kracht dat er nieuwe ondersteuning gegeven zal worden om die te overwinnen.

Verkwikt en versterkt door zulke oefeningen van gemeenschap met de God van alle genade aan de troon van de genade, gaan wij onze familieleden ontmoeten, en meteen worden wij van alle kanten begroet met: „Ik wens u een gelukkig Nieuwjaar”. Die groet beantwoorden wij evengoed met hartelijkheid en genegenheid. Bijna iedere vriend, bijna iedere bekende die wij in de loop van de dag ontmoeten, groet ons met dezelfde hartelijke wens. Nu kan er in dit alles veel uiterlijke schijn, lippenwerk of gewoonte zitten, maar er kan ook veel oprechtheid, vriendelijkheid en genegenheid in zijn. Wij zijn werkelijk niet zo in ons ellendige eigen ik gekeerd, dat wij onze familieleden en vrienden, en ook onze bekenden, geen gezondheid en welzijn zouden toewensen, zowel naar het tijdelijke als naar het geestelijke. En wanneer wij hun het goede toewensen, hoeven wij ons niet terughoudend of afkerig te tonen om dat in een paar vriendelijke woorden uit te spreken.

„Zijt vreedzaam onder elkander”, „barmhartig, vriendelijk”, „niet hooghartig”, „indien het mogelijk is, zoveel in u is, houdt vrede met alle mensen”: dit zijn voorschriften die in het Evangelie gegrond zijn. Zij mogen, ja, moeten zelfs beoefend worden, zonder ook maar iets op te offeren van de trouw die past bij hen die dagelijks in de vreze Gods willen wandelen. Er kan een voorbeeld zijn van vriendelijke woorden, net zo goed als een voorbeeld van gezonde woorden. Als wij de gezonde woorden gebruiken in volkomen overeenstemming met de leer van het Evangelie, dan mogen wij de vriendelijke woorden gebruiken in volkomen overeenstemming met de geest van het Evangelie.

Aan de lezer…

Er zijn tijden die om een bijzondere bede vragen, en nu er een nieuw jaar voor u ligt waarvan u het einde niet kunt overzien, is zo’n tijd gekomen. Met welke bede gaat u het in? Achter u liggen vele zonden, omzwervingen en afwijkingen; voor u liggen wegen die u niet kent. U weet hoe gemakkelijk uw voet uitglijdt en hoe snel uw hart afdwaalt. Breng dat alles eerlijk voor de troon van de genade, en zeg de dichter na: „Houdende mijn gangen in Uw sporen, opdat mijn voetstappen niet zouden wankelen.”

Want het oude jaar is met zijn beproevingen in het graf gezonken, en als het nieuwe jaar nieuwe beproevingen brengt, blijft de belofte van kracht dat er nieuwe ondersteuning gegeven zal worden. En wanneer u dan uw naasten tegemoetgaat, groet hen met oprechte, vriendelijke woorden. Wie zelf genade nodig heeft, mag ook een ander van harte het goede toewensen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl

Open als losse pagina

Blader door alle dagen van dit Bijbels Dagboek
Steun dit werk