Joseph Charles Philpot
J.C. Philpot

De diepte van de val

De Schrift getuigt helder hoe diep de mens is gevallen: zijn hart is vijandschap tegen God. Alleen soevereine genade en de kracht van de Heilige Geest kunnen zo’n ziel redden.

De getuigenissen die de Heilige Geest in het woord van de waarheid over de diepte van de val heeft gegeven zijn zeer helder en beslissend. Ze zijn zo helder en beslissend dat het een wonder is hoe mensen die belijden de Schrift als een geïnspireerde openbaring te aanvaarden, kunnen betwisten of ontkennen wat zo duidelijk wordt verklaard door Hem Die niet bedrogen kan worden en niet kan liegen.

In feite is heel het getuigenis van God van begin tot einde een verklaring van wat de mens als gevallen zondaar is voor de ogen van de oneindig Reine. Dat geldt van de bladzijde waarop de moord op de als martelaar gestorven Abel wordt beschreven tot de bladzijde die over de hemelse stad schrijft: Maar buiten zullen zijn de honden, en de tovenaars, en de hoereerders, en de doodslagers, en de afgodendienaars, en een iegelijk, die de leugen liefheeft, en doet. (Openbaring 22:15)

Wat de mens heeft gedaan toen hij aan zichzelf werd overgelaten, laat zien wat de menselijke natuur is: een troebele en verdorven bron die zulke stromen van onuitsprekelijke gruwelen uitstort. Het levendigst is dat getekend door de apostel Paulus in Romeinen 1:21-32.

Kijk naar de samenvatting van die lange lijst van misdaden. Zij is genoeg om de zon haar gezicht te laten verbergen voor zo’n vernedering van de natuur die naar het beeld van God geschapen was. Zo schoon en mooi was zij eens, zo onschuldig en zuiver. Geen ijdele gedachte en geen zinnelijk verlangen verstoorde de rust van dat vlekkeloze hart waarin de trekken van de heerlijke Schepper zo helder stonden. Vergelijk de mens in het paradijs met het woeste monster, het weerzinwekkende schepsel uit de heidense varkensstal dat hier wordt beschreven.

Zo luidt de beschrijving: Vervuld zijnde met alle ongerechtigheid, hoererij, boosheid, gierigheid, kwaadheid, vol van nijdigheid, moord, twist, bedrog, kwaadaardigheid; Oorblazers, achterklappers, haters Gods, smaders, hovaardigen, laatdunkenden, vinders van kwade dingen, den ouderen ongehoorzaam; Onverstandigen, verbondbrekers, zonder natuurlijke liefde, onverzoenlijken, onbarmhartigen; en: niet alleen dezelve doen, maar ook mede een welgevallen hebben in degenen, die ze doen. (Romeinen 1:29-32)

Kan menselijke taal het portret van de mens in donkerder kleuren schilderen? Is er één lichte tint die deze massa schaduw verlicht? Is er één mooie eigenschap die de menselijke natuur redt van zo’n onverzwakte veroordeling?

Nu kan men zeggen dat Paulus hier de heidense wereld beschrijft. Hij tekent de gruwelen van zijn dagen, vóórdat het christendom op aarde was aangebroken. Toen had die milde en weldadige bedeling nog niet in de donkere hoeken van de aarde geschenen en de misdaden van heidendom en afgoderij nog niet verjaagd. Dat is waar. Hij beschrijft de diepten van de menselijke verdorvenheid zoals die toen in de heidense wereld aan het licht kwamen. Het waren misdaden die de verfijnde Griek en de beschaafde Romein zonder wroeging of schaamte pleegden. Dat zijn beschrijving niet overdreven is, weet ieder die enigszins bekend is met de literatuur van die tijd.

Maar ook na al deze aftrek blijft de vraag: hoe kon de menselijke natuur uiterlijk zo walgelijk worden als zij van binnen niet gemeen was? Hoe konden lippen zulke woorden uiten en handen zulke daden van vuil en bloed plegen, als het hart niet eerst de gedachten had ontvangen die zulke gruwelijke vrucht voortbrachten? Zeker moet de bron bitter zijn om zulk bitter water te geven. De boom moet verdorven zijn om vergiftige wijndruiven te dragen. De wijn daarvan is vurig drakenvenijn, en een wreed adderenvergift.

Maar heeft het christendom dan zoveel gedaan? Heeft het de mensheid hervormd en het menselijk geslacht wedergeboren? Het heeft, God zij dank, veel voor de man gedaan en meer nog voor de vrouw. Het heeft misdaden die eens bij klaarlichte dag werden begaan in de duisternis verbannen. Het heeft de gruwelen van de oorlog verzacht en de vrouw verheven tot aan de zijde van de man waaruit zij oorspronkelijk is genomen. Ook heeft het ver en wijd beginselen van zedelijkheid en vriendelijkheid verspreid. Die beïnvloeden het denken van duizenden die nog leven en sterven in alle duisternis en dood van de onwedergeboortheid.

Maar voorbij deze uiterlijke hervorming, en die is hoogst schaars en onvolledig, is het hart van de mens nog altijd een bron van het kwaad die haar boosheid uitspuwt. Het is nog steeds verdorven tot in het middelpunt en vuil tot in de kern: een stromende, stinkende, kokende en gistende massa van vuil en dwaasheid. Het is vol bedrog en huichelarij, ongeloof en afval, morren en lastering, wellust en zinnelijkheid, moord en vijandschap, opstand en wanhoop.

Het neemt toe in boosheid tot in zijn diepste diepten. Ver, ver buiten het bereik van alle menselijk zicht strekken zich namelijk peilloze afgronden van misdaad uit. Zoals een vulkaan maken zij zich alleen bekend door de kokende lava die zij voortdurend uitwerpen.

Eén uitspraak van de Heilige Geest heeft ons vaak getroffen als de beste schildering van wat het hart van de mens werkelijk is: Daarom dat het bedenken des vleses vijandschap is tegen God; want het onderwerpt zich der wet Gods niet; want het kan ook niet. (Romeinen 8:7) Vijandschap tegen God moet niet alleen de zaden van elke andere misdaad in zich dragen, maar is zelf de ergste van alle misdaden.

Een vijand van God te zijn, moet een allerverschrikkelijkste positie zijn voor een schepsel van Zijn hand. Maar vijandschap zelf te zijn, moet de samengebalde kern van zonde en ellende zijn. Een vijand kan verzoend worden, bevredigd, veranderd in een vriend. Vijandschap nooit.

Zij sterft, als zij al kan sterven, vechtend. Zij is bestand tegen alle liefde. Zij zoekt alleen gelegenheid om Hem juist door Zijn vriendelijkheid nog meer te haten. Zij haat Hem het meest om Zijn goedheid. Zij kent geen medelijden en voelt geen wroeging. Zij is aan geen beheersing onderworpen, is onverzoenlijk en niet te bevredigen. Zij zou liever haar eigen innerlijke hel van haat dragen dan een hemel van liefde genieten.

Denk eens even na over wie en wat de grote en heerlijke God is, tegen Wie dit reptielenhart zo’n blijvende en goddeloze vijandschap koestert. Bezie Hem met het oog van het geloof. Hij vervult hemel en aarde met Zijn heerlijkheid en bewoont een ontoegankelijk licht. Toch overlaadt Hij dag na dag al Zijn schepselen met weldaden en is Hij voor Zijn volk vol van de teerste liefde en ontferming.

Wie dan een stervende sterveling ziet, die één frons van Hem uit alle trots van gezondheid en kracht kan storten in de laagste hel van ellende en wee, en ziet hoe hij als een ellendige pad zijn speeksel en gif uitspuwt tegen de heerlijke Koning der koningen, en Heere der heren, die mag zich wel verbazen. Hij mag zich verbazen over de hoogte van die aanmatiging en de diepte van die boosheid, die een ‘worm van de aarde’ zo kunnen wapenen tegen de ‘Majesteit van de hemel’.

Maar het ergste van alles komt dichter bij huis. Het is ons eigen hart te zien, onze eigen vleselijke gezindheid, nog altijd zoals de Heilige Geest haar beschrijft: vijandschap tegen de God van al onze weldaden. Dat is de ergste en wreedste slag van allemaal!

Mensen strijden tegen soevereine genade. En toch, wat anders dan soevereine genade kan een zaak als de onze, zo wanhopig, tegemoetkomen? Wat anders dan een zaligheid zonder geld, en zonder prijs, wat anders dan de breedte, en lengte, en diepte, en hoogte van de stervende liefde van een mensgeworden God en het verzoenende bloed van een dierbare Verlosser kan bij zulke ellendelingen passen en hen redden!

En wat anders dan de almachtige kracht en onoverwinnelijke genade van de Heilige Geest kan de ziel die zo diep in vleselijkheid en dood is gezonken, die wonderlijke geboorte van boven schenken? Daardoor wordt zij uit de macht der duisternis getrokken en overgezet in het Koninkrijk van den Zoon Zijner liefde.

Steun J.C. Philpot

Beste bezoeker,

U kunt jcphilpot.nl steunen met een donatie. Dankzij uw gift kunnen wij deze website blijven onderhouden en beschikbaar houden. Uw bijdrage wordt gebruikt voor de jaarlijkse kosten van hosting en het beheer van de site.

Elke donatie, groot of klein, helpt ons om dit werk voort te zetten. Hartelijk dank voor uw steun!