Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Vandaag

2 min. lezen

Daarom, broeders! benaarstigt u te meer om uw roeping en verkiezing vast te maken. Want dat doende zult gij nimmermeer struikelen.
2 Petrus 1:10

Hebt u een bewijs dat u werkelijk geroepen bent? Heeft de genade werkelijk haar intrek in uw hart genomen? O, mocht u vollediger en krachtiger weten welk een gezegende hoop op eeuwig leven er in die hemelse roeping is weggelegd! Dan zou zij u opbeuren en aanmoedigen om u steeds meer te haasten om alles wat u in Christus geschonken is, zowel voor hier als voor hiernamaals, in de tegenwoordige genade en de toekomstige heerlijkheid, werkelijkheid te laten worden. Omdat de heiligen van God weten wat de hoop van hun roeping is, leren zij dat deze hoop alle dingen omvat die hun in Christus geschonken zijn, of het nu leven is of dood, tegenwoordige of toekomstige dingen. Dat alles is hun eigendom, en wel om deze gezegende en afdoende reden: dat zij van Christus zijn en Christus van God is.

Door onze roeping vast te maken, maken wij onze verkiezing vast, want het ene is het zekere bewijs van het andere. Als er dus twijfel en onzekerheid bestaat over onze roeping, dan bestaat dezelfde twijfel en onzekerheid ook over onze verkiezing tot het eeuwige leven. Maar wanneer die twijfel en onzekerheid zijn weggenomen door de Geest van de wijsheid en de openbaring in de kennis van Christus, en wij duidelijk kunnen zien en vast kunnen geloven dat de genade van God ons werkelijk geroepen heeft uit de duisternis tot Zijn wonderbaar licht, dan zien wij door het geloof wat er in deze roeping is weggelegd. Dan zien wij ook welk een heerlijke hoop op eeuwig leven daarbij wordt aangeboden, als een veilig en onwrikbaar anker voor de ziel, en dus een overvloedige hoop door de kracht van de Heilige Geest.

Doch gij, mijn ziel, het ga zo ’t wil,
stel u gerust, zwijg Gode stil.
Ik wacht op Hem, zijn hulp zal blijken.
Hij is mijn rots, mijn heil in nood,
mijn hoog vertrek: zijn macht is groot,
ik zal noch wank’len, noch bezwijken.

Ps. 62:4

Aan de lezer…

Misschien worstelt u met de vraag die hier gesteld wordt: heeft de genade werkelijk haar intrek genomen in mijn hart? U durft het niet te ontkennen, maar evenmin vrijmoedig te zeggen. En omdat uw roeping u onzeker is, staat ook uw verkiezing u als een gesloten boek voor ogen. Dat is een zware en eenzame weg. Blijf er echter niet bij stilstaan alsof het zo moet blijven, want de apostel zegt: „benaarstigt u.”

U hoeft niet op te klimmen in de verborgen raad van God om uw verkiezing te weten; zie naar uw roeping. Hebt u iets gekend van het geroepen worden uit de duisternis tot Zijn wonderbaar licht? Vraag dan om de Geest van de wijsheid en de openbaring in de kennis van Christus, en bid dat Hij de twijfel wegneemt. Voor wie van Christus is, ligt alles klaar: leven en dood, het tegenwoordige en het toekomende. Die hoop is een veilig en onwrikbaar anker voor de ziel, en wie zo verankerd is, zal nimmermeer struikelen.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl