Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot Bevindelijke geschriften & prediking

Door Baca’s vallei

3 mei

Vandaag

3 min. lezen

Te dien dage zal des Heeren Spruite zijn tot sieraad en tot heerlijkheid.
Jesaja 4:2

Waar in de hemel of op aarde kan zo’n beminnelijk Voorwerp gevonden worden als de Zoon van God? „Wat is uw Liefste meer dan eens anders liefste?” vragen de gezellinnen van de bruid. Maar zij antwoordt: „Mijn Liefste is blank en rood; Hij draagt de banier boven tienduizend.” Als u nooit enige schoonheid in Jezus gezien hebt, dan hebt u Jezus nooit gezien. Dan heeft Hij Zichzelf nooit aan u geopenbaard. U hebt dan nooit een glimp van Zijn beminnelijk aangezicht ontvangen, nooit iets van Zijn tegenwoordigheid gesmaakt en nooit een woord van Zijn lippen gehoord, en ook heeft Zijn hand u niet aangeraakt.

Maar als u Hem gezien hebt met het oog van het geloof, en Hij Zich, al was het maar door een kiertje, aan u heeft ontdekt, dan hebt u in Hem een schoonheid waargenomen die alles te boven gaat. Want het is een heilige schoonheid, een Goddelijke schoonheid, de schoonheid van Zijn hemelse genade, de schoonheid van Zijn ongeschapen en eeuwige heerlijkheid. Het is een schoonheid die op aarde niet te vinden is en die door geen man of vrouw bezeten kan worden. Zelfs Adam bezat haar niet in zijn onschuld vóór de val, en ook zijn schone metgezellin Eva niet, met al haar deugd, bevalligheid en waardigheid. Want het is de schoonheid van de heerlijke Zoon van God, die Hij voor altijd draagt als de Zoon van de Vader, in waarheid en liefde.

En zo schoon als Hij is, zo „heerlijk” is Hij ook. O, wat een heerlijkheid ziet het geloof soms in Zijn eeuwige Godheid, in Zijn Goddelijk Zoonschap, in wat Hij in Zichzelf is als het afschijnsel van Gods heerlijkheid en het uitgedrukte beeld van Zijn zelfstandigheid, en in wat Hij voor ons geworden is: wijsheid, rechtvaardigheid, heiligmaking en verlossing. Hoe heerlijk toont Hij Zich in Zijn verzoenend bloed en stervende liefde! Zelfs wanneer Hij in de donkere hof van Gethsémané grote druppels bloed zweette, en wanneer Hij in pijn en doodsstrijd aan het kruis hing, ziet het geloof schoonheid in de heerlijke Verlosser, ook in de diepste diepten van schande en schaamte.

Was er geen heerlijkheid in Zijn nederige gehoorzaamheid, in Zijn geduld onder het lijden, in Zijn onderwerping aan de wil van Zijn Vader? In Zijn berusting, dat wil zeggen, in Zijn gelatenheid onder de zwaarste slagen van de wrekende gerechtigheid? In het dragen van onze zonden in Zijn heilig lichaam op het hout, waardoor Hij de zonde tenietdeed door de offerande van Zichzelf? Maar vooral ziet het geloof Hem heerlijk opstaan uit de dood, opvaren naar de hemel en zitten aan de rechterhand van de Vader, gekroond met eer en heerlijkheid, terwijl alle dingen onder Zijn voeten gesteld zijn.

Aan de lezer…

Hebt u ooit, al was het maar door een kiertje, iets van de schoonheid van Christus gezien? Dat is een ernstige vraag, want wie nooit schoonheid in Jezus zag, heeft Jezus nooit gezien. Maar is uw hart weleens naar Hem uitgegaan, zodat u met de bruid moest zeggen: „Mijn Liefste is blank en rood; Hij draagt de banier boven tienduizend”? Dan heeft Hij Zich aan u ontdekt, hoe klein die glimp ook was.

Wees dan niet bedroefd dat het zo weinig is en zo zelden komt. Wat u zag, was geen aardse schoonheid, maar de heilige schoonheid van de Zoon van God, des Heeren Spruite, tot sieraad en tot heerlijkheid. Het geloof ziet die heerlijkheid zelfs in Gethsémané en aan het kruis, in Zijn diepe vernedering voor zondaren. En dezelfde Verlosser zit nu aan de rechterhand van de Vader, gekroond met eer. Zoek Hem dan opnieuw. Hij Die Zich eens liet zien, kan en wil Zich weer openbaren aan wie naar Hem verlangt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl