Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot Bevindelijke geschriften & prediking

Door Baca’s vallei

3 december

Vandaag

3 min. lezen

Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, dat Hij ons de zonden vergeve en ons reinige van alle ongerechtigheid.
1 Johannes 1:9

„Hij is getrouw en rechtvaardig.” O, wat een woord is dit! Naar mijn gedachte is er in de Bijbel nauwelijks een tweede woord als dit, zo groot, zo heerlijk, zo vertroostend. „Hij is getrouw en rechtvaardig.” Rechtvaardig, zegt u? Wel, ik weet dat Gods barmhartigheid en Gods genade zondaren kunnen vergeven; maar hoe kan God rechtvaardig zijn en toch de overtredingen vergeven? Eist Gods rechtvaardigheid niet de straf op de zonden?

Gaan Gods eeuwige bliksemstralen niet juist vanwege Zijn gerechtigheid uit tegen de ziel die Zijn heilige wet overtreedt? Hoe kan het waar zijn dat God rechtvaardig kan zijn en toch de zondaar kan vergeven die zijn zonden belijdt? Maar het is waar, goddelijk, heilig en eeuwig waar. En daarin ligt de grote verborgenheid van de verlossing door het bloed en de gehoorzaamheid van Gods Zoon besloten. Het ligt besloten in dit ene woord: „rechtvaardig.”

„Maar hoe dan?” kan iemand vragen. Zo: de Heere van het leven werd Borg en Plaatsvervanger voor hen die de Vader Hem gegeven had. Hij kwam in hun plaats. Hij onderging de straf die zij verschuldigd waren. Voor hen vervulde Hij de hele wet door Zijn doen en lijden. Voor hen bloedde Hij, voor hen stierf Hij. Voor hen stond Hij op uit de dood, en voor hen voer Hij op naar de rechterhand van de Vader.

En nu eist de gerechtigheid vergeving voor de zondaar en treedt zij op met haar rechtvaardige verdediging. Zie nu het verschil. De barmhartigheid verzoekt, de rechtvaardigheid eist. De barmhartigheid zegt: Ik vraag het als een gunst. De barmhartigheid, als een van de eigenschappen van God, ziet met medelijden neer op de treurende misdadiger. Maar de gerechtigheid zegt: Het is zijn recht; het komt hem toe; het is van hem, omdat de Verlosser zijn schuld heeft voldaan, omdat de Borg in zijn plaats heeft gestaan, omdat de Zaligmaker voor hem de wet heeft gehoorzaamd die hij zelf niet kon gehoorzamen.

Wanneer wij deze gezegende en dierbare waarheid dan kunnen aannemen, dat God getrouw is voor hen die hun zonden belijden, en niet alleen getrouw maar ook rechtvaardig om hun hun zonden te vergeven, hoe zien wij dan uit de boezem van Jehova een volle, vrije en onherroepelijke vergeving uitgaan van alle overtredingen, en vooral van de overtredingen die de zondaar aan Zijn voeten belijdt!

Aan de lezer…

U die uw zonden niet meer durft te belijden, omdat u meent dat de rechtvaardigheid van God tegen u moet getuigen, ziet misschien in uw geweten de bliksemstralen van Zijn heilige wet en houdt alleen nog een zwakke hoop op Zijn barmhartigheid over. Kom dan met al uw schuld aan Zijn voeten. U hoeft niet alleen een beroep te doen op Zijn medelijden; er is een Borg Die in de plaats van de schuldige stond, de straf onderging en de wet volkomen vervulde.

Daarom is God niet alleen getrouw, maar ook rechtvaardig om de zondaar die belijdt te vergeven. De barmhartigheid verzoekt, maar de gerechtigheid eist, omdat de schuld betaald is. Wat een vaste grond voor een bevende ziel! Belijd dan, zonder iets te verbergen, en zie uit de boezem van Jehova een volle, vrije en onherroepelijke vergeving naar u toe komen, juist over de zonden die u aan Zijn voeten neerlegt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl