Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Vandaag

3 min. lezen

Deze zal zeggen: Ik ben des Heeren, en die zal zich noemen met de name Jacobs; en gene zal met zijn hand schrijven: Ik ben des Heeren; en zich toenoemen met de name Israëls.
Jesaja 44:5

„Een ander zal zich noemen met de name Jacobs.” Jacob was een worstelaar, want hij worstelde de hele nacht met de engel, en om zijn worstelen werd hij gezegend. Zo kunt u nu een worstelende Jacob zijn, terwijl u nog niet de overmogende Israël bent geworden. Misschien bent u nu en dan in uw geweten niet vrij van een gevoel van schuld. Misschien twijfelt en vreest u vaak of de wortel van de zaak wel in u is, omdat u de taal van de verzekerdheid niet kunt gebruiken en niet kunt zeggen: „Ik ben des Heeren.” En toch kunt u een worstelende Jacob zijn.

De Heere kan Zijn Geest in u gelegd hebben om met Hem om de zegen te worstelen, terwijl Hij u nog niet het passende geloof geschonken heeft waardoor u kunt geloven dat Hij de uwe is, en waardoor u Hem zo kunt noemen. Wat was de aartsvader Jacob vol twijfel en vrees, toen zijn leven en dat van zijn vrouw en kinderen in de hand waren van de beledigde Ezau! Maar juist die vrees deed hem des te meer worstelen en des te vuriger roepen: „Ik laat U niet los, tenzij Gij mij zegent.” Kunt u zeggen: „Ik zoek met mijn ganse hart om zulk een zegen; ik worstel erom met God door gebeden en smekingen, en niets dan dat kan mij bevredigen”? Als dat uw bevinding is, dan mag u zich met recht met de naam van Jacob noemen.

„En zal zich toenoemen met de name Israëls.” Als Jacob in het rijk van de genade het beeld is van een worstelaar, dan is Israël het beeld van iemand die de zegen ontvangen heeft. Wanneer een worstelende Jacob dus door de kracht van zijn arm God overmocht heeft, dan mag hij zich met de naam Israël noemen. Dan kan hij zeggen: „Ik heb met God geworsteld om de beloofde zegen, en heb die verkregen. Ik heb de Heere aangeroepen en Hij heeft mijn stem gehoord. Ik heb mijn bede voor Hem gelegd en Hij heeft ze eindelijk gehoord.” Zo worstelden en overwonnen Hanna, David, Hiskia en vele heiligen, zowel zij die al ontslapen zijn als zij die nog leven.

Ik lag gekneld in banden van de dood,
daar d’ angst der hel mij alle troost deed missen.
Ik was benauwd, omringd door droefenissen,
maar riep de Heer dus aan in al mijn nood.

Ps. 116:2, 3

Aan de lezer…

Misschien kunt u nog niet met vrijmoedigheid zeggen: „Ik ben des Heeren.” Twijfelt en vreest u of de wortel van de zaak wel in u is, omdat de taal van de verzekerdheid u niet over de lippen wil komen? Schrik dan niet te veel van uzelf. Er is ook plaats voor een worstelende Jacob. Hij was vol vrees in de nacht voordat hij Ezau ontmoette, en juist die vrees dreef hem om te roepen: „Ik laat U niet los, tenzij Gij mij zegent.”

Zoekt u met heel uw hart naar de zegen en kan niets anders u bevredigen? Dan is het de Geest van de Heere Die u zo doet worstelen, en Hij werkt zulke zuchten niet tevergeefs. Houd aan met gebeden en smekingen, ook als het lang nacht blijft. Zo worstelden Hanna, David en Hiskia, en zij werden verhoord. De dag kan komen dat ook u zegt: „Ik heb de Heere aangeroepen en Hij heeft mijn stem gehoord.”

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl