19 juli
En de armen wordt het Evangelie verkondigd.
Mattheus 11:5
Wat is het Evangelie? Is het Evangelie geen afkondiging van zuivere barmhartigheid, van overvloedige genade? Verklaart het niet de liefde Gods in de zending van de eengeboren Zoon om te lijden en te sterven, en door Zijn gehoorzaamheid, Zijn bloed en verdienste een behoudenis aan te brengen, zonder geld en zonder prijs? Is dit niet het Evangelie? Niet bemoeilijkt door voorwaarden, noch verlamd door iets dat het schepsel doen moet, maar vrij daarheen vloeiende als de lucht in de dampkring.
De armen aan wie het Evangelie verkondigd wordt, is het dierbaar; het is juist voor hen geschikt; het is lieflijk en kostbaar wanneer het hart is neergedrukt. Maar als ik mij verhef in geestelijke trots, als ik steun op mijn eigengerechtigheid, als ik niet ontdaan ben van alles in het schepsel, wat is dan het Evangelie voor mij? Ik heb geen hart om het te ontvangen; er is geen plaats in mijn ziel voor een Evangelie zonder geld en zonder prijs. Maar als ik zink in de diepte van de armoede van het schepsel, wanneer ik niets ben en niets heb dan een massa zonde en schuld, dan wordt het Evangelie, dat mijn zonde vergeeft, mijn naakte ziel bedekt, de liefde Gods verspreidt, mij in al wat goed is leidt, en mij opvoert tot de vreugde met een Drieënig God — dan, zeg ik, wordt het Evangelie kostbaar.
Als zulk een zuiver, zaligend Evangelie in mijn hart en geweten komt, heeft dan mijn voorafgaande armoede des geestes mij daartoe niet voorbereid? Heeft mijn vroeger bedelen het niet een weg gebaand, het mij aannemelijk en, als het komt, het mij kostbaar gemaakt? Wij moeten dus arm van geest worden om de kostelijkheid te gevoelen en te drinken van de lieflijkheid en zaligheid van het Evangelie van Gods genade.
Heer, ik voel mijn krachten wijken
en bezwijken.
Haast U tot mijn hulp en red,
red mij, Schutsheer, God der góden,
troost in noden,
grote Hoorder van ’t gebed!
Ps. 38:22
Aan de lezer…
Soms zinkt u in de diepte, en hebt u niets dan een massa zonde en schuld. Voelt u uw krachten wijken, en schaamt u zich dat u met lege handen staat? Dan is dit woord u geen bedreiging, maar een blijde boodschap: de armen wordt het Evangelie verkondigd. Het is juist voor zulken geschikt, niet bemoeilijkt door voorwaarden, maar vrij als de lucht.
Uw armoede des geestes is niet tevergeefs. Al uw bedelen baant het Evangelie een weg, en maakt het u aannemelijk en kostbaar wanneer het komt. Het vergeeft de zonde, bedekt de naakte ziel en verspreidt de liefde Gods in het hart, zonder geld en zonder prijs. Wie zich verheft, heeft geen plaats voor zulk een genade; maar wie niets is en niets heeft, mag haar ontvangen. Roep dan tot de grote Hoorder van het gebed.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
En de armen wordt het Evangelie verkondigd.
Mattheus 11:5
Wat is het Evangelie? Is het Evangelie niet de afkondiging van louter barmhartigheid, van overvloedige genade? Maakt het niet de liefde van God bekend in het zenden van Zijn eniggeboren Zoon, om te lijden en te sterven en door Zijn gehoorzaamheid, Zijn bloed en Zijn verdienste een behoudenis tot stand te brengen, zonder geld en zonder prijs? Is dat niet het Evangelie? Het wordt niet bemoeilijkt door voorwaarden en niet verlamd door iets wat het schepsel moet doen, maar het stroomt vrij, zoals de lucht in de dampkring.
Voor de armen aan wie het Evangelie verkondigd wordt, is het dierbaar. Het is juist voor hen bestemd; het is lieflijk en kostbaar wanneer het hart neergedrukt is. Maar als ik mij verhef in geestelijke trots, als ik steun op mijn eigengerechtigheid, als ik niet ontdaan ben van alles wat van het schepsel is, wat is het Evangelie dan voor mij? Dan heb ik geen hart om het te ontvangen; dan is er in mijn ziel geen plaats voor een Evangelie zonder geld en zonder prijs. Maar wanneer ik wegzink in de diepte van de armoede van het schepsel, wanneer ik niets ben en niets heb dan een massa zonde en schuld, dan wordt het Evangelie dat mijn zonde vergeeft, mijn naakte ziel bedekt, de liefde van God uitstort, mij leidt in alles wat goed is en mij omhoogvoert tot de vreugde bij een Drie-enig God, dan, zeg ik, wordt het Evangelie kostbaar.
Wanneer zo’n zuiver, zaligmakend Evangelie in mijn hart en geweten komt, heeft mijn voorafgaande armoede van geest mij daar dan niet op voorbereid? Heeft mijn bedelen van vroeger er niet de weg voor gebaand, en het mij aannemelijk en, als het komt, kostbaar gemaakt? We moeten dus arm van geest worden om de kostbaarheid van het Evangelie van Gods genade te voelen en om te drinken van de lieflijkheid en zaligheid ervan.
Heer, ik voel mijn krachten wijken
en bezwijken.
Haast U tot mijn hulp en red,
red mij, Schutsheer, God der góden,
troost in noden,
grote Hoorder van ’t gebed!
Ps. 38:22
Aan de lezer…
Soms zinkt u weg in de diepte, en hebt u niets dan een massa zonde en schuld. Voelt u uw krachten wijken, en schaamt u zich dat u met lege handen staat? Dan is dit woord voor u geen bedreiging, maar een blijde boodschap: de armen wordt het Evangelie verkondigd. Het is juist voor zulke mensen bestemd, niet bemoeilijkt door voorwaarden, maar vrij als de lucht.
Uw armoede van geest is niet tevergeefs. Al uw bedelen baant het Evangelie een weg, en maakt het voor u aannemelijk en kostbaar wanneer het komt. Het vergeeft de zonde, bedekt de naakte ziel en stort de liefde van God uit in het hart, zonder geld en zonder prijs. Wie zich verheft, heeft geen plaats voor zo’n genade; maar wie niets is en niets heeft, mag haar ontvangen. Roep dan tot de grote Hoorder van het gebed.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
The poor have the gospel preached to them.
Matthew 11:5
What is the gospel? Is not the gospel a proclamation of pure mercy, of super-abounding grace? Does it not declare the loving-kindness of God in sending His only-begotten Son to bleed and die, and, by His obedience, blood, and merit, to bring in a salvation without money and without price? Is not this the gospel? Not clogged by conditions, nor crippled by anything that the creature has to perform; but flowing freely forth as the air in the skies?
The poor to whom the gospel is preached, value it; it is suitable to them; it is sweet and precious when the heart is brought down. But if I stand up in religious pride, if I rest upon my own righteousness, if I am not stripped of everything in the creature, what is the gospel to me? I have no heart to receive it; there is no place in my soul for a gospel without money and without price.
But when I sink into the depth of creature poverty, when I am nothing and have nothing but a mass of sin and guilt, then the blessed gospel, pardoning my sins, covering my naked soul, shedding abroad the love of God, guiding me into everything good, and leading me up into enjoyment with a Three-One God, becomes prized. When such a pure, such a blessed gospel comes into my heart and conscience, has not my previous poverty of spirit prepared me for it? Has not my previous beggary and necessity made a way for it, made it suitable to me, and when it comes, makes it precious to me? We must, then, sink into poverty of spirit, that painful place, in order to feel the preciousness, and drink into the sweetness and blessedness of the gospel of the grace of God.
To the reader…
Sometimes you sink into the depths, and you have nothing but a mass of sin and guilt. Do you feel your strength giving way, and are you ashamed to stand there with empty hands? Then this word is not a threat to you, but glad tidings: the poor have the gospel preached to them. It is meant precisely for such people, not clogged by conditions, but free as the air.
Your poverty of spirit is not in vain. All your begging makes a way for the gospel, and makes it suitable and precious to you when it comes. It pardons sin, covers the naked soul and sheds abroad the love of God in the heart, without money and without price. Whoever exalts himself has no room for such grace; but whoever is nothing and has nothing may receive it. Cry, then, to the great Hearer of prayer.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
A los pobres es anunciado el evangelio.
Mateo 11:5
¿Qué es el evangelio? ¿No es el evangelio una proclamación de pura misericordia, de gracia sobreabundante? ¿No declara la misericordia amorosa de Dios al enviar a Su Hijo unigénito a sangrar y morir, y a traer, por Su obediencia, Su sangre y Su mérito, una salvación sin dinero y sin precio? ¿No es esto el evangelio? ¿No entorpecido por condiciones, ni mutilado por cosa alguna que la criatura haya de cumplir, sino fluyendo libremente como el aire en los cielos?
Los pobres a quienes se anuncia el evangelio lo aprecian; les es adecuado; es dulce y precioso cuando el corazón ha sido abatido. Pero si me levanto en orgullo religioso, si descanso en mi propia justicia, si no he sido despojado de todo lo que es de la criatura, ¿qué es para mí el evangelio? No tengo corazón para recibirlo; no hay lugar en mi alma para un evangelio sin dinero y sin precio.
Pero cuando me hundo en lo profundo de la pobreza de la criatura, cuando no soy nada y no tengo nada sino una masa de pecado y culpa, entonces el bendito evangelio, que perdona mis pecados, cubre mi alma desnuda, derrama el amor de Dios, me guía a todo lo bueno y me conduce al gozo de un Dios Trino, llega a ser estimado. Cuando un evangelio tan puro, tan bendito, entra en mi corazón y en mi conciencia, ¿no me ha preparado para él mi anterior pobreza de espíritu? ¿No le ha abierto camino mi anterior mendicidad y necesidad, no me lo ha hecho adecuado, y, cuando llega, no me lo hace precioso? Debemos, pues, hundirnos en la pobreza de espíritu, ese lugar doloroso, para sentir lo precioso del evangelio de la gracia de Dios y beber de su dulzura y bienaventuranza.
Al lector…
A veces usted se hunde en lo profundo y no tiene nada sino una masa de pecado y culpa. ¿Siente que sus fuerzas le abandonan, y se avergüenza de estar ahí con las manos vacías? Entonces esta palabra no es para usted una amenaza, sino buenas nuevas: a los pobres es anunciado el evangelio. Está destinado precisamente a personas así, no entorpecido por condiciones, sino libre como el aire.
Su pobreza de espíritu no es en vano. Toda su mendicidad abre camino al evangelio, y se lo hace adecuado y precioso cuando llega. Perdona el pecado, cubre el alma desnuda y derrama el amor de Dios en el corazón, sin dinero y sin precio. Quien se ensalza a sí mismo no tiene lugar para tal gracia; pero quien no es nada y no tiene nada puede recibirla. Clame, pues, al gran Oidor de la oración.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl