Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot Bevindelijke geschriften & prediking

Door Baca’s vallei

18 december

Vandaag

3 min. lezen

De Heere is God, Die ons licht gegeven heeft.
Psalm 118:27

Het is duidelijk dat de psalmist het licht bezat, want hij zegt: „De Heere is God, Die ons licht gegeven heeft.” En omdat hij dit licht bezat, was het voor hem een licht van het leven. Dit licht had in zijn hart geschenen; de stralen van de goddelijke waarheid waren in zijn geweten doorgedrongen. Hij droeg een licht in zich dat van God was uitgegaan, en in dit licht zag hij licht en onderscheidde hij alles wat het licht openbaarde. Zo wist hij door dit inwendige licht wat goed en wat kwaad, wat zoet en wat bitter, wat waar en wat vals, wat geestelijk en wat natuurlijk was.

Hij zei niet: „Dit licht heeft een natuurlijke oorsprong en is voortgebracht door mijn eigen wijsheid; dit licht was natuur, maar omgezet door een daad van mijn eigen wil, en zo is het geleidelijk en door lange, onvermoeide arbeid geworden wat het nu is.” Nee, hij schrijft al het licht dat hij bezat toe aan God de Heere, als de enige Oorsprong en de enige Gever ervan. Als de Heere u en mij ooit hetzelfde licht geschonken heeft dat Hij Zijn dienaar van vroeger schonk, dan dragen wij min of meer de overtuiging in ons mee dat wij dit licht van Hem ontvangen hebben. Er zal inderdaad menige donkere wolk over het licht trekken, en twijfel en vrees zullen zich vaak laten gelden. Die hangen als een nevel en damp over onze ziel en roepen de vraag op of wij het licht wel of niet van God ontvangen hebben.

Maar dan zijn er de plechtige ogenblikken waarop het de Heere behaagt Zijn werk een beetje te verlevendigen, de tijden en gelegenheden waarop Hij Zich verwaardigt de genegenheden van ons hart naar Zich toe te trekken, ons in Zijn tegenwoordigheid te brengen, ons in zekere mate te verbergen in de holte van Zijn hand en ons toegang tot Zich te geven. Op zulke ogenblikken dragen wij een vaste overtuiging in ons mee dat wij licht hebben en dat wij dit licht van God ontvangen hebben. Dat is zo ondanks ons ongeloof en alle inblazingen van de vijand, ondanks alle twijfel en vrees en de opwellingen die uit de diepte van het vleselijke gemoed opkomen, en ondanks alle tegenstand en ondermijning. En hoe komt dat? Omdat wij kunnen terugzien op een tijd toen wij zonder dit licht leefden, toen wij zo’n licht niet kenden, toen alle geestelijke en hemelse dingen zo verborgen waren en wij met betrekking tot die dingen zo in het duister waren.

Aan de lezer…

Hoe vaak hangen twijfel en vrees als een nevel over uw ziel, zodat u zich afvraagt of u ooit wel licht van God ontvangen hebt! U bent niet de eerste. Menige donkere wolk trekt over het licht, en de vijand blaast zijn bedenkingen in. Maar houd dit vast: het licht dat de psalmist van God ontving, was geen vrucht van eigen wijsheid of lange arbeid, en zo is het ook met het licht waardoor u ooit het goede van het kwade leerde onderscheiden.

Kijk dan eens terug. Was er niet een tijd waarin u zonder dit licht leefde, en alle geestelijke en hemelse dingen voor u verborgen waren? Wie dat verschil kent, mag weten dat het niet uit hemzelf kwam. En als de Heere u straks weer een beetje verlevendigt, u in Zijn tegenwoordigheid brengt en in de holte van Zijn hand verbergt, dan zult u ondanks uw ongeloof weer met overtuiging zeggen: „De Heere is God, Die ons licht gegeven heeft.”

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl