14 september
Die in duisternis en de schaduw des doods zaten.
Psalm 107:10
Gods volk wordt hier niet voorgesteld als zittende in de dood; zaten zij daar, dan zouden zij geheel en al dood zijn, maar zij zitten in de schaduw des doods. Bemerk wel, de dood is voor hen geen dood meer; hij kan alleen een schaduw, een donkere schaduw over hun zielen werpen, maar ook slechts een schaduw. De levendmakende kracht van Gods Geest in hen heeft het wezen des doods geestelijk vernietigd, en de dood en de opstanding van de Heere Jezus hebben het wezen des doods natuurlijk vernietigd. Ofschoon het sombere monster, doodheid der ziel, en de spookachtige koning der verschrikking, de dood des lichaams, ontwapend en vernietigd zijn, toch werpen beide nu en dan een akelige, donkere schaduw over de zielen van hen die God vrezen.
Wordt uw ziel, arm kind van God, niet van tijd tot tijd door de inwendige dood bestreden? Doodheid in het gebed; doodheid bij het lezen des Woords; doodheid bij het horen der Waarheid; doodheid in het verlangen naar de Heere; doodheid in alles wat heilig, geestelijk, hemels en Goddelijk is? Hoe belemmert en verlamt hij iedere zucht van onze ziel tot God! Toch is hij slechts een schaduw. Schrijf geen bitterheid tegen uzelf, arm, verzocht, aangevochten kind van God, omdat gij van tijd tot tijd zulk een doodheid en koudheid in uw hart gevoelt. Hij zal u niet verderven; ja, het is het leven in uw ziel dat u die doodheid doet gevoelen; en hoe meer het leven Gods in uw geweten gevoeld wordt, des te pijnlijker wordt de doodheid in uw geweten gevoeld.
Verwacht gij dat uw vleselijk hart altijd levendig zal zijn in de dingen Gods? Wat is het anders dan een dode klomp, een grote massa goddeloosheid, die, gelijk zekere Behemoth, zijn brede zijden telkens in het hart omhoog heft? Toch wordt het volk van God dikwijls in hun harten verontrust door de sombere schaduwen welke deze dood over hun ziel werpt. Maar die onrust is een teken van leven. Zou ik haar kunnen voelen, indien ik dood was?
Het ergste verschijnsel van dood in de zonde is, dat hij niet gevoeld wordt. Maar terwijl wij hem voelen, terwijl wij erover zuchten, terwijl wij hem haten en onszelf wegens hem haten, ofschoon hij pijn en smart moge veroorzaken, hij kan niet vernietigen. Hij heeft zijn wezen verloren, ofschoon hij een sombere schaduw verspreidt.
Ps. 38:6
Aan de lezer…
Deze woorden over hen die in de schaduw des doods zaten, kunnen ook op u passen. Is uw gebed dor, uw lezen koud, en voelt u in uw hart weinig anders dan een dode klomp? Dan zal de vijand u misschien toefluisteren dat er bij u geen leven is. Maar luister niet naar hem, en schrijf geen bitterheid tegen uzelf. Het is juist het leven in uw ziel dat u die doodheid zo pijnlijk doet voelen.
Een dode ziel voelt haar dood niet; maar u zucht erover, u haat hem en u hebt er smart van. Dat is een teken van leven, door de Geest Gods in u gewerkt. De schaduw kan donker zijn, maar het is slechts een schaduw; het wezen des doods is door de dood en de opstanding van de Heere Jezus vernietigd. Die doodheid zal u niet verderven. Houd dan moed, arm, aangevochten kind van God, en zie op Hem Die de dood heeft overwonnen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Die in duisternis en de schaduw des doods zaten.
Psalm 107:10
Gods volk wordt hier niet voorgesteld als zittend in de dood. Zaten zij daar, dan zouden zij helemaal dood zijn; maar zij zitten in de schaduw des doods. Let wel: de dood is voor hen geen dood meer. Hij kan alleen een schaduw, een donkere schaduw over hun zielen werpen, maar ook niet meer dan een schaduw. De levendmakende kracht van Gods Geest in hen heeft het wezen van de dood geestelijk vernietigd, en de dood en de opstanding van de Heere Jezus hebben het wezen van de dood natuurlijk vernietigd. Het sombere monster, de doodheid van de ziel, en de spookachtige koning der verschrikkingen, de dood van het lichaam, zijn ontwapend en vernietigd. Toch werpen beide nu en dan een akelige, donkere schaduw over de zielen van hen die God vrezen.
Wordt uw ziel, arm kind van God, niet van tijd tot tijd door de inwendige dood bestreden? Doodheid in het gebed, doodheid bij het lezen van het Woord, doodheid bij het horen van de Waarheid, doodheid in het verlangen naar de Heere, doodheid in alles wat heilig, geestelijk, hemels en Goddelijk is? Hoe belemmert en verlamt hij iedere zucht van onze ziel naar God! Toch is hij maar een schaduw. Schrijf geen bitterheid tegen uzelf, arm, verzocht, aangevochten kind van God, omdat u van tijd tot tijd zo’n doodheid en koudheid in uw hart voelt. Hij zal u niet verderven. Ja, het is juist het leven in uw ziel dat u die doodheid doet voelen. En hoe meer het leven van God in uw geweten gevoeld wordt, hoe pijnlijker de doodheid in uw geweten gevoeld wordt.
Verwacht u dat uw vleselijk hart altijd levendig zal zijn in de dingen van God? Wat is het anders dan een dode klomp, een grote massa goddeloosheid, die als een soort Behemoth telkens zijn brede flanken in het hart omhoog heft? Toch wordt het volk van God vaak in hun hart verontrust door de sombere schaduwen die deze dood over hun ziel werpt. Maar die onrust is een teken van leven. Zou ik haar kunnen voelen als ik dood was?
Het ergste kenmerk van de dood in de zonde is dat hij niet gevoeld wordt. Maar zolang wij hem voelen, erover zuchten, hem haten en onszelf om hem haten, kan hij, al veroorzaakt hij pijn en smart, niet vernietigen. Hij heeft zijn wezen verloren, ook al verspreidt hij een sombere schaduw.
Ps. 38:6
Aan de lezer…
Deze woorden over hen die in de schaduw des doods zaten, kunnen ook op u passen. Is uw gebed dor, uw lezen koud, en voelt u in uw hart weinig anders dan een dode klomp? Dan zal de vijand u misschien influisteren dat er bij u geen leven is. Maar luister niet naar hem, en schrijf geen bitterheid tegen uzelf. Het is juist het leven in uw ziel dat u die doodheid zo pijnlijk doet voelen.
Een dode ziel voelt haar dood niet; maar u zucht erover, u haat hem en u hebt er smart over. Dat is een teken van leven, door de Geest van God in u gewerkt. De schaduw kan donker zijn, maar het is slechts een schaduw; het wezen van de dood is door de dood en de opstanding van de Heere Jezus vernietigd. Die doodheid zal u niet verderven. Houd dan moed, arm, aangevochten kind van God, en zie op Hem Die de dood heeft overwonnen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Such as sit in darkness and in the shadow of death.
Psalm 107:10
God’s people are here represented not as sitting in death; were they sitting there, they would be dead altogether; but they are sitting in the shadow of death. Observe, death has lost its reality to them; it now can only cast a shadow, often a gloomy shadow, over their souls; but there is no substance in it. The quickening of the Spirit of God in them has destroyed the substance of death spiritually; and the death and resurrection of Jesus have destroyed the substance of death physically.
Yet, though the gloomy monster—deadness of soul; and that ghastly king of terrors—the death of the body; have been disarmed and destroyed by “Immanuel, God with us;” yet each of them casts at times a gloomy, darkling shadow over the souls of those who fear God. Is not your soul, poor child of God, exercised from time to time with this inward death? Deadness in prayer, deadness in reading the word, deadness in hearing the truth, deadness in desires after the Lord, deadness to everything holy, spiritual, heavenly, and divine? How it benumbs and paralyzes every breathing of our soul Godwards! Yet it is but a shadow.
Write not bitter things against yourself, poor, tempted, exercised child of God, because you feel such deathliness and coldness from time to time in your heart. It will not destroy you; no, it is life in your soul that makes it felt; and the more the life of God has been felt in your conscience, the more painfully the deathliness of your carnal mind is experienced.
Do you expect that your ‘carnal mind’ will ever be lively in the things of God? What is it but a lump of death, a huge mass of ungodliness, which, like some Behemoth, upheaves its broad flanks continually in the heart? Yet the people of God are very often troubled in their minds by the gloomy shadow that this death casts over their souls. But this trouble is a mark of life. If I were dead, could I feel it? The worst symptom of those dead in sin is, that they do not feel it. But, while we feel it, while we sigh on account of it, while we hate it, and hate ourselves on account of it, though it may pain and grieve, it never can destroy. It has lost its substance, though it casts its gloomy shadow.
To the reader…
These words about those who sit in the shadow of death may well fit you too. Is your prayer dry, your reading cold, and do you feel little in your heart but a lump of deadness? Then perhaps the enemy will whisper that there is no life in you. But do not listen to him, and write no bitter things against yourself. It is the very life in your soul that makes you feel this deadness so painfully.
A dead soul does not feel its death; but you sigh over it, you hate it, and you grieve over it. That is a mark of life, wrought in you by the Spirit of God. The shadow may be dark, but it is only a shadow; the substance of death has been destroyed by the death and resurrection of the Lord Jesus. This deadness will not destroy you. Take courage, then, poor tempted child of God, and look to Him Who has overcome death.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Los que moraban en tinieblas y sombra de muerte.
Salmo 107:10
Aquí no se representa al pueblo de Dios como morando en la muerte; si moraran allí, estarían enteramente muertos; sino que moran en la sombra de muerte. Observe que la muerte ha perdido para ellos su realidad; ahora solo puede proyectar una sombra, a menudo una sombra lúgubre, sobre sus almas; pero no hay sustancia en ella. La vivificación del Espíritu de Dios en ellos ha destruido espiritualmente la sustancia de la muerte; y la muerte y resurrección de Jesús han destruido físicamente la sustancia de la muerte.
Sin embargo, aunque el monstruo lúgubre, la muerte del alma, y aquel espantoso rey de los espantos, la muerte del cuerpo, han sido desarmados y destruidos por “Emmanuel, Dios con nosotros”, aun así cada uno de ellos proyecta a veces una sombra lúgubre y oscura sobre las almas de los que temen a Dios. ¿No es ejercitada su alma, pobre hijo de Dios, de tiempo en tiempo con esta muerte interior? ¿Muerte en la oración, muerte al leer la palabra, muerte al oír la verdad, muerte en los deseos hacia el Señor, muerte para todo lo santo, espiritual, celestial y divino? ¡Cómo entumece y paraliza todo aliento de nuestra alma hacia Dios! Y sin embargo, no es más que una sombra.
No escriba amarguras contra sí mismo, pobre hijo de Dios tentado y ejercitado, porque siente de tiempo en tiempo tal mortandad y frialdad en su corazón. No le destruirá; no, es la vida en su alma la que hace que se sienta; y cuanto más se ha sentido la vida de Dios en su conciencia, tanto más dolorosamente se experimenta la mortandad de su mente carnal.
¿Espera usted que su ‘mente carnal’ llegue jamás a estar viva en las cosas de Dios? ¿Qué es sino un bulto de muerte, una enorme masa de impiedad que, como algún Behemot, levanta continuamente sus anchos costados en el corazón? Sin embargo, el pueblo de Dios se ve muy a menudo turbado en su mente por la lúgubre sombra que esta muerte proyecta sobre sus almas. Pero esta turbación es una marca de vida. Si yo estuviera muerto, ¿podría sentirla? El peor síntoma de los muertos en el pecado es que no lo sienten. Pero mientras la sentimos, mientras suspiramos a causa de ella, mientras la aborrecemos y nos aborrecemos a nosotros mismos a causa de ella, aunque pueda doler y entristecer, nunca puede destruir. Ha perdido su sustancia, aunque proyecte su lúgubre sombra.
Al lector…
Estas palabras acerca de los que moran en sombra de muerte bien pueden aplicarse también a usted. ¿Es seca su oración, fría su lectura, y siente en su corazón poco más que un bulto de muerte? Entonces quizá el enemigo le susurre que no hay vida en usted. Pero no le escuche, y no escriba amarguras contra sí mismo. Es precisamente la vida en su alma la que le hace sentir tan dolorosamente esta mortandad.
Un alma muerta no siente su muerte; pero usted suspira por ella, la aborrece y se aflige por ella. Esa es una marca de vida, obrada en usted por el Espíritu de Dios. La sombra puede ser oscura, pero no es más que una sombra; la sustancia de la muerte ha sido destruida por la muerte y resurrección del Señor Jesús. Esta mortandad no le destruirá. Cobre ánimo, pues, pobre hijo de Dios tentado, y mire a Aquel que ha vencido a la muerte.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl