December 27
Zij zullen opvaren met vleugelen gelijk de arenden.
Jesaja 40:31
Er wordt van de arend gezegd dat hij opstijgt naar de zon, en dat van alle vogels hij de enige is die recht tegen de zon in kan zien met een onverschrokken oog. Zo is het ook met het geloof in de ziel. Des Heeren volk alleen kan door het geloof zien op de Zon der gerechtigheid, blikken op de verheven Immanuël aan de rechterhand des Vaders, en zij zien de dierbare Jezus steeds tussentreden voor hen en hen trekken tot Zijn boezem. En wanneer deze gezegende Jezus een zekere mate van Zijn liefde en bloed aan hun consciëntie mededeelt, en het geloof in Zijn Naam opwekt en oproept, dan begint de ziel op te varen met vleugelen gelijk de arenden, stijgende al hoger en hoger, totdat zij komt in de tegenwoordigheid Gods; in haar geestelijke vlucht al hoger cirkelende, totdat zij doordringt tot in het heiligdom van Jehova.
Nu, is uw ziel somtijds ook niet eens opgevaren als met arendsvleugelen? Hebt gij niet deze mededelingen van Goddelijk leven en licht ontmoet, deze opwekkingen des geloofs, deze verankeringen der hoop, deze verschijningen der liefde, waardoor uw ziel in staat gesteld werd om op te varen en gij u verheugen kondt in Jezus, en Zijn Naam, liefde en bloed u dierbaar waren? Zijt gij ook niet opgevaren, niet alleen in de oefening van het levend geloof en der hoop, maar ook in hemelse toegenegenheid?
Soms zijn wij zo vastgeklonken aan deze aarde, dit tranendal, deze woeste, huilende wildernis, zo eraan vastgeketend, dat wij net zijn als een vogel met een gebroken vleugel, die niet kan opvliegen. Wij zijn zo verzwolgen in het wereldse, dat wij God en de godzaligheid vergeten. Maar zijn er geen tijden en stonden dat de ziel ontslagen wordt van deze ketenen en banden, dat de aardse zorgen uit het hart worden weggenomen, dat onze vleugelen als het ware nieuwe vederen en pennen krijgen, dat de wereld en haar verzoekingen, de zonde en haar strikken op de achtergrond geraken, en dat er een zoete opklimming is in de gewaarwording van hemelse genegenheden? Dit wil het zeggen, „op te varen met vleugelen gelijk de arenden”, en de opstijgende ziel zal nooit ophouden dit te doen, totdat zij zal gekomen zijn in de tegenwoordigheid van het drie-enige Goddelijke Wezen, de God Israëls.
Aan de lezer…
Voelt u zich vandaag als een vogel met een gebroken vleugel, waarde lezer, vastgeklonken aan deze aarde en zo verzwolgen in het wereldse dat u God bijna vergeet? Verwijt het uzelf eerlijk, maar wanhoop er niet over. U kunt uw vleugelen niet zelf nieuwe vederen geven; het geloof kan alleen opvaren wanneer de dierbare Jezus een zekere mate van Zijn liefde en bloed aan uw consciëntie mededeelt.
Gedenk dan de tijden toen uw ziel wel eens opvoer, toen Zijn Naam u dierbaar was en de zonde met haar strikken op de achtergrond raakte. Diezelfde Immanuël zit nog aan de rechterhand des Vaders en treedt nog voor Zijn volk tussen. Zie dan door het geloof op die Zon der gerechtigheid, en wacht op Hem. Hij kan de ketenen weer losmaken, en de ziel die Hij eenmaal deed opstijgen, zal niet ophouden totdat zij in Gods tegenwoordigheid gekomen is.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Zij zullen opvaren met vleugelen gelijk de arenden.
Jesaja 40:31
Van de arend wordt gezegd dat hij opstijgt naar de zon, en dat hij van alle vogels de enige is die met een onverschrokken oog recht in de zon kan kijken. Zo is het ook met het geloof in de ziel. Alleen het volk van de Heere kan door het geloof opzien naar de Zon van de gerechtigheid, opzien naar de verheven Immanuël aan de rechterhand van de Vader, en zij zien hoe de dierbare Jezus steeds voor hen tussenbeide treedt en hen naar Zijn boezem trekt. En wanneer deze gezegende Jezus een zekere mate van Zijn liefde en bloed aan hun geweten meedeelt, en het geloof in Zijn Naam opwekt en oproept, dan begint de ziel op te varen met vleugels als de arenden. Zij stijgt hoger en hoger, totdat zij in de tegenwoordigheid van God komt; zij cirkelt in haar geestelijke vlucht steeds hoger, totdat zij doordringt tot in het heiligdom van Jehova.
Is uw ziel ook niet soms opgevaren als met arendsvleugels? Hebt u niet deze mededelingen van goddelijk leven en licht ontvangen, deze opwekkingen van het geloof, deze verankeringen van de hoop, deze verschijningen van de liefde, waardoor uw ziel in staat werd gesteld op te varen en u zich in Jezus kon verheugen, en Zijn Naam, Zijn liefde en Zijn bloed u dierbaar waren? Bent u ook niet opgevaren, niet alleen in de beoefening van het levende geloof en de hoop, maar ook in hemelse genegenheid?
Soms zijn wij zo vastgeklonken aan deze aarde, dit tranendal, deze woeste, huilende wildernis, er zo aan vastgeketend, dat wij precies zijn als een vogel met een gebroken vleugel, die niet kan opvliegen. Wij gaan zo op in het wereldse, dat wij God en de godzaligheid vergeten. Maar zijn er geen tijden en ogenblikken waarop de ziel van deze ketenen en banden bevrijd wordt, waarop de aardse zorgen uit het hart worden weggenomen, waarop onze vleugels als het ware nieuwe veren en pennen krijgen, waarop de wereld en haar verzoekingen, de zonde en haar strikken naar de achtergrond gaan, en er een zoete opgang is in het ervaren van hemelse genegenheden? Dat betekent het „op te varen met vleugelen gelijk de arenden”, en de opstijgende ziel zal daar nooit mee ophouden, totdat zij gekomen is in de tegenwoordigheid van het drie-enige goddelijke Wezen, de God van Israël.
Aan de lezer…
Voelt u zich vandaag als een vogel met een gebroken vleugel, waarde lezer, vastgeklonken aan deze aarde en zo opgaand in het wereldse dat u God bijna vergeet? Verwijt het uzelf eerlijk, maar wanhoop er niet over. U kunt uw vleugels niet zelf nieuwe veren geven; het geloof kan alleen opvaren wanneer de dierbare Jezus een zekere mate van Zijn liefde en bloed aan uw geweten meedeelt.
Denk dan aan de tijden waarin uw ziel weleens opvoer, toen Zijn Naam u dierbaar was en de zonde met haar strikken naar de achtergrond ging. Diezelfde Immanuël zit nog aan de rechterhand van de Vader en treedt nog voor Zijn volk tussenbeide. Zie dan door het geloof op naar die Zon van de gerechtigheid, en wacht op Hem. Hij kan de ketenen weer losmaken, en de ziel die Hij eenmaal deed opstijgen, zal niet ophouden totdat zij in Gods tegenwoordigheid gekomen is.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
“They shall mount up with wings as eagles.”
Isaiah 40:31
It is said of the eagle, that he mounts up towards the sun; and that of all birds, he is the only one which can gaze upon the sun with unshrinking eye. So with faith in the soul. The Lord’s people alone can look by faith upon the “Sun of righteousness,” gaze upon a glorious Immanuel at the right hand of the Father, and see a precious Jesus ever interceding for them, and drawing them near to His bosom. And when this blessed Jesus communicates a measure of His love and blood to their consciences, and raises up and draws forth faith in His Name, then the soul begins to mount up with these wings like eagles, soaring higher and higher, until it comes into the presence of God; mounting up in higher and higher circles of spiritual flight, until it penetrates into the very sanctuary of Jehovah.
Now, has not your soul thus soared sometimes as upon eagle’s wings? Have there not been those communications of divine life and light, those mountings of faith, those anchorings of hope, those goings forth of love, whereby your soul was enabled to mount up and find delight in Jesus, and felt His Name, love, and blood precious? Have you not mounted up too, not only in the exercise of living faith and hope, but also of heavenly affection?
Sometimes we are so fastened down to this earth, this valley of tears, this waste-howling wilderness; so chained down to it, that we are like a bird with a broken wing, and cannot mount. We are swallowed up in the world, forgetting God and godliness. But are there not times and seasons when the soul is delivered from these chains and fetters, when earthly cares drop off from the mind, when our wings are strong, and fresh pinions as it were given, when the world and its temptations, sin and its snares are left behind, and there is a sweet mounting up in the feelings of heavenly affection? This is to “mount up with wings as eagles,” and the soaring soul never ceases to mount until it comes into the very presence of the Three-One God of Israel.
To the reader…
Do you feel today like a bird with a broken wing, dear reader, chained to this earth and so taken up with worldly things that you almost forget God? Reproach yourself honestly for it, but do not despair over it. You cannot give your wings new feathers yourself; faith can only mount up when the precious Jesus imparts a measure of His love and blood to your conscience.
Think, then, of the times when your soul did mount up, when His Name was precious to you and sin with its snares fell into the background. That same Immanuel still sits at the right hand of the Father and still intercedes for His people. Look up by faith, then, to that Sun of righteousness, and wait for Him. He can loosen the chains again, and the soul He has once made to rise will not stop until it has come into God’s presence.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
“Levantarán las alas como águilas.”
Isaías 40:31
Se dice del águila que se remonta hacia el sol, y que de todas las aves es la única que puede mirar al sol con ojo que no se arredra. Así sucede con la fe en el alma. Solo el pueblo del Señor puede mirar por fe al “Sol de justicia”, contemplar a un glorioso Emmanuel a la diestra del Padre y ver a un precioso Jesús que siempre intercede por ellos y los atrae cerca de Su seno. Y cuando este bendito Jesús comunica a su conciencia una medida de Su amor y de Su sangre, y levanta y hace salir la fe en Su Nombre, entonces el alma comienza a levantar estas alas como águilas, remontándose más y más alto, hasta llegar a la presencia de Dios; elevándose en círculos de vuelo espiritual cada vez más altos, hasta penetrar en el mismo santuario de Jehová.
Ahora bien, ¿no se ha remontado así su alma a veces como sobre alas de águila? ¿No ha habido aquellas comunicaciones de vida y luz divinas, aquellos remontes de la fe, aquellos anclajes de la esperanza, aquellas salidas del amor, por las cuales su alma fue capacitada para elevarse y hallar deleite en Jesús, y sintió preciosos Su Nombre, Su amor y Su sangre? ¿No se ha remontado usted también, no solo en el ejercicio de una fe y una esperanza vivas, sino también del afecto celestial?
A veces estamos tan sujetos a esta tierra, a este valle de lágrimas, a este desierto horrible y yermo; tan encadenados a ella, que somos como un ave con un ala rota, y no podemos remontarnos. Estamos absorbidos por el mundo, olvidando a Dios y la piedad. Pero ¿no hay tiempos y ocasiones en que el alma es librada de estas cadenas y grillos, en que los cuidados terrenales se desprenden de la mente, en que nuestras alas son fuertes y, por así decirlo, se nos dan plumas nuevas, en que el mundo y sus tentaciones, el pecado y sus lazos quedan atrás, y hay un dulce remontarse en los sentimientos del afecto celestial? Esto es “levantar las alas como águilas”, y el alma que se remonta nunca deja de elevarse hasta llegar a la presencia misma del Dios trino de Israel.
Al lector…
¿Se siente usted hoy como un ave con un ala rota, querido lector, encadenado a esta tierra y tan ocupado en las cosas del mundo que casi olvida a Dios? Repréndase honradamente por ello, pero no desespere. No puede dar usted mismo plumas nuevas a sus alas; la fe solo puede remontarse cuando el precioso Jesús imparte a su conciencia una medida de Su amor y de Su sangre.
Piense, pues, en los tiempos en que su alma sí se remontó, cuando Su Nombre le era precioso y el pecado con sus lazos quedaba en segundo plano. Ese mismo Emmanuel sigue sentado a la diestra del Padre y sigue intercediendo por Su pueblo. Mire, pues, por fe a ese Sol de justicia, y espérele. Él puede soltar de nuevo las cadenas, y el alma que Él una vez hizo elevarse no se detendrá hasta llegar a la presencia de Dios.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl