22 de noviembre
En wij hoopten, dat Hij was Degene, Die Israël verlossen zou.
Lukas 24:21
Wat een beproeving voor hun geloof moet de dood van Jezus voor de discipelen en gelovige volgelingen geweest zijn! Toen hun Heere en Meester stierf, scheen voor die tijd althans hun hoop met Hem vergaan te zijn. En inderdaad moet dit zo geweest zijn voor het oog van hun gevoel, en vielen de waarheid, de heiligheid en de onschuld, door de arm des gewelds gekwetst, toen Jezus hing aan het kruis. Voor de toeschouwer werden al Zijn wonderen van liefde en barmhartigheid, Zijn woorden van genade en waarheid, Zijn heilig en vlekkeloos leven, Zijn aanspraak, die Hij maakte, van te zijn de Zoon van God, de beloofde Messias, de Verlosser van Israël, met alle beloften en elke profetie betreffende Hem, uitgeblust, toen Hij te midden van de zegepraal Zijner vijanden, in pijn, schande en ontering de geest gaf.
Nu zien wij dat de Heere door Zijn bloedstorting en dood verlossing heeft teweeggebracht en het werk voleindigd heeft hetwelk de Vader Hem te doen gegeven had; dat Hij door Zijns Zelfs offerande de zonde heeft weggenomen, de kerk met God verzoend en over dood en hel getriomfeerd heeft; de satan heeft overwonnen, de wet verhoogd en verheerlijkt, de gerechtigheid verhoogd en barmhartigheid heeft voortgebracht. Hij heeft iedere schijnbaar tegenstrijdige eigenschap doen overeenstemmen, Zijn hemelse Vader verheerlijkt en miljoenen verlost met een eeuwigdurende verlossing.
Doch hadden wij het gezien gelijk wij het nu zien, hadden wij met een wenende Maria en met een van hart verbroken Johannes de beschimpingen der schriftgeleerden en Farizeeën gehoord, de spottende lach der Romeinse soldaten en de honende uitroepen van het Joodse gepeupel, terwijl tevens of tegelijkertijd het licht zich had ingetrokken en de vaste aarde onder onze voeten schudde, waar zou ons geloof gebleven zijn? Wat anders dan een wonder van almachtige genade kon het ondersteund hebben te midden van zulke donkere wolken, zulk een kracht van gewaarwordingen, zulk een menigte van beroeringen in het gemoed, zulk een tegenstand van het ongeloof?
Gelijk het geweest is en in deze tijd zal zijn, zullen de waarheid, de oprechtheid en de godzaligheid, en de zaak van God in het algemeen, als onderscheiden van en tegenovergesteld aan dwaling, zullen gekruisigd worden, niet in de Persoon, maar naar het voorbeeld van een gekruisigde Jezus. Het is een goddeloze wereld; de satan, niet Jezus, is haar god en vorst, en derhalve vieren geen waarheid, maar valsheid, geen goed, maar kwaad, geen liefde, maar vijandschap, geen oprechtheid, maar list en bedrieglijkheid, geen gerechtigheid en heiligheid, maar zonde en goddeloosheid hoogtij, evenals bij het kruis.
Deze beproeven het geloof; maar zijn ondersteuning en geneesmiddel is om te midden van deze donkere wolken te zien naar het kruis en te blikken op de lijdende Zoon van God. Dan zien wij dat het gejuich der goddelozen slechts is voor een ogenblik, en dat, ofschoon de waarheid nu lijdt, zij met Christus lijdt; en gelijk Hij stierf en weder opstond, zo zal ook zij heerlijk opstaan en eeuwig triomferen.
Aan de lezer…
„En wij hoopten…” Kent u, waarde lezer, die verslagen woorden? Er zijn uren waarin alles wat u geloofde schijnt te sterven; waarin de waarheid gekruisigd wordt en de goddelozen juichen; waarin het licht zich intrekt en de aarde onder uw voeten schudt. Dan vraagt u met de discipelen of uw hoop niet ijdel geweest is. Wat anders dan een wonder van almachtige genade kan het geloof dan ondersteunen?
Ziet dan, te midden van die donkere wolken, naar het kruis. Wat voor het oog der discipelen een nederlaag scheen, was het voleindigde werk dat de Vader Hem te doen gegeven had. Daar heeft Hij de zonde weggenomen en over dood en hel getriomfeerd. Het gejuich der goddelozen is slechts voor een ogenblik. Lijdt de waarheid, lijdt u om de waarheid, u lijdt met Christus; en gelijk Hij stierf en weder opstond, zo zal ook Zijn zaak heerlijk opstaan en eeuwig triomferen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
En wij hoopten, dat Hij was Degene, Die Israël verlossen zou.
Lukas 24:21
Wat een beproeving voor hun geloof moet de dood van Jezus voor de discipelen en gelovige volgelingen geweest zijn! Toen hun Heere en Meester stierf, leek hun hoop, althans voor die tijd, met Hem vergaan te zijn. En voor het oog van hun gevoel moet dit inderdaad zo geweest zijn: de waarheid, de heiligheid en de onschuld vielen, gewond door de arm van het geweld, toen Jezus aan het kruis hing. Voor de toeschouwer werden al Zijn wonderen van liefde en barmhartigheid, Zijn woorden van genade en waarheid, Zijn heilig en vlekkeloos leven, Zijn aanspraak dat Hij de Zoon van God was, de beloofde Messias, de Verlosser van Israël, met alle beloften en iedere profetie over Hem, uitgeblust toen Hij te midden van de zegepraal van Zijn vijanden, in pijn, schande en smaad de geest gaf.
Nu zien wij dat de Heere door Zijn bloedstorting en dood verlossing heeft teweeggebracht en het werk voleindigd heeft dat de Vader Hem te doen gegeven had. Wij zien dat Hij door het offer van Zichzelf de zonde heeft weggenomen, de kerk met God verzoend heeft en over dood en hel getriomfeerd heeft; dat Hij satan heeft overwonnen, de wet groot en heerlijk gemaakt, de gerechtigheid verhoogd en barmhartigheid voortgebracht heeft. Hij heeft elke schijnbaar tegenstrijdige eigenschap met elkaar in overeenstemming gebracht, Zijn hemelse Vader verheerlijkt en miljoenen verlost met een eeuwige verlossing.
Maar hadden wij het gezien zoals wij het nu zien? Hadden wij met een wenende Maria en een in het hart verbroken Johannes de beschimpingen van de schriftgeleerden en Farizeeën gehoord, de spottende lach van de Romeinse soldaten en de honende uitroepen van het Joodse volk, terwijl tegelijkertijd het licht zich terugtrok en de vaste aarde onder onze voeten schudde, waar zou ons geloof dan gebleven zijn? Wat anders dan een wonder van almachtige genade had het kunnen ondersteunen te midden van zulke donkere wolken, zo’n kracht van gevoelens, zo’n menigte van beroeringen in het gemoed, zo’n tegenstand van het ongeloof?
Zoals het geweest is, zo zal het ook in deze tijd zijn: de waarheid, de oprechtheid en de godzaligheid, en de zaak van God in het algemeen, onderscheiden van en tegenovergesteld aan de dwaling, zullen gekruisigd worden; niet in de Persoon, maar naar het voorbeeld van een gekruisigde Jezus. Het is een goddeloze wereld; satan, niet Jezus, is haar god en vorst. Daarom vieren niet de waarheid maar de valsheid, niet het goede maar het kwade, niet de liefde maar de vijandschap, niet de oprechtheid maar list en bedrog, niet gerechtigheid en heiligheid maar zonde en goddeloosheid hoogtij, net als bij het kruis.
Deze dingen beproeven het geloof. Maar zijn steun en geneesmiddel is om te midden van deze donkere wolken naar het kruis te zien en op de lijdende Zoon van God te zien. Dan zien wij dat het gejuich van de goddelozen maar voor een ogenblik is. En hoewel de waarheid nu lijdt, lijdt zij met Christus; en zoals Hij stierf en weer opstond, zo zal ook zij heerlijk opstaan en eeuwig triomferen.
Aan de lezer…
„En wij hoopten…” Kent u, waarde lezer, die verslagen woorden? Er zijn uren waarin alles wat u geloofde lijkt te sterven; waarin de waarheid gekruisigd wordt en de goddelozen juichen; waarin het licht zich terugtrekt en de aarde onder uw voeten schudt. Dan vraagt u zich met de discipelen af of uw hoop niet ijdel geweest is. Wat anders dan een wonder van almachtige genade kan het geloof dan ondersteunen?
Zie dan, te midden van die donkere wolken, naar het kruis. Wat voor het oog van de discipelen een nederlaag leek, was het voleindigde werk dat de Vader Hem te doen gegeven had. Daar heeft Hij de zonde weggenomen en over dood en hel getriomfeerd. Het gejuich van de goddelozen duurt maar een ogenblik. Lijdt de waarheid, lijdt u om de waarheid, dan lijdt u met Christus; en zoals Hij stierf en weer opstond, zo zal ook Zijn zaak heerlijk opstaan en eeuwig triomferen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
“But we trusted that it had been he which should have redeemed Israel.”
Luke 24:21
What a trial to their faith must the death of Jesus have been to His disciples and believing followers! When their Lord and Master died, their hopes, for the time at least, seem almost to have died with Him. And indeed to the eye of sense—truth, holiness, innocence, all fell crushed by the arm of violence as Jesus hung on the cross. To the spectator there, all His miracles of love and mercy, His words of grace and truth, His holy, spotless life, His claims to be the Son of God, the promised Messiah, the Redeemer of Israel, with every promise and every prophecy concerning Him were all extinguished when, amid the triumph of His foes, in pain, shame, and ignominy, He yielded up His breath.
We now see that, by His blood-shedding and death, the blessed Lord wrought out redemption, finished the work which the Father gave Him to do, put away sin by the sacrifice of Himself, reconciled the Church unto God, triumphed over death and hell, vanquished Satan, magnified the law and made it honorable, exalted justice, brought in mercy, harmonized every apparently jarring attribute, glorified His heavenly Father, and saved millions with an everlasting salvation.
But would we have seen this as we see it now, had we stood at the cross with weeping Mary and broken-hearted John, heard the railing taunts of the scribes and Pharisees, the crude laughter of the Roman soldiery, and the mocking cries of the Jewish mob, viewed the darkened sky above, and felt the solid earth beneath rocking under our feet? Where would our faith have been then? What but a miracle of almighty grace and power could have sustained it amid such clouds of darkness, such strength of sense, such a crowd of conflicting passions, such opposition of unbelief?
So it ever has been, so it ever will be in this time state. Truth, uprightness, godliness, the cause of God as distinct from, as opposed to error and evil, have always suffered crucifixion, not only in the Person, but in the example of a crucified Jesus. It is an ungodly world; Satan, not Jesus, is its god and prince; and therefore, not truth but falsehood, not good but evil, not love but enmity, not sincerity and uprightness but craft and deceptiveness, not righteousness and holiness but sin and godlessness prevail and triumph as they did at the cross.
This tries faith; but its relief and remedy are to look up, amid these clouds, to the cross, and see on it the suffering Son of God. Then we see that the triumphing of the wicked is but for a moment; that though truth is now suffering, it is suffering with Christ; and that as He died and rose again, so it will have a glorious resurrection, and an eternal triumph.
To the reader…
“But we trusted…” Do you know those crushed words, dear reader? There are hours in which everything you believed seems to die; in which the truth is crucified and the wicked rejoice; in which the light withdraws and the earth shakes beneath your feet. Then, with the disciples, you ask yourself whether your hope has not been in vain. What but a miracle of almighty grace can uphold faith then?
Look, then, amid those dark clouds, to the cross. What seemed a defeat to the eyes of the disciples was the finished work which the Father had given Him to do. There He put away sin and triumphed over death and hell. The triumphing of the wicked lasts only a moment. If the truth suffers, if you suffer for the truth, then you suffer with Christ; and as He died and rose again, so His cause too will rise gloriously and triumph forever.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
“Mas nosotros esperábamos que Él era el que había de redimir a Israel.”
Lucas 24:21
¡Qué prueba para su fe debió de ser la muerte de Jesús para Sus discípulos y Sus seguidores creyentes! Cuando murió su Señor y Maestro, sus esperanzas, al menos por un tiempo, parecen casi haber muerto con Él. Y en verdad, a los ojos de los sentidos, la verdad, la santidad y la inocencia cayeron todas aplastadas por el brazo de la violencia cuando Jesús pendía de la cruz. Para el espectador que estaba allí, todos Sus milagros de amor y misericordia, Sus palabras de gracia y verdad, Su vida santa e inmaculada, Su pretensión de ser el Hijo de Dios, el Mesías prometido, el Redentor de Israel, con cada promesa y cada profecía acerca de Él, quedaron todos apagados cuando, en medio del triunfo de Sus enemigos, con dolor, vergüenza e ignominia, entregó Su aliento.
Ahora vemos que, por el derramamiento de Su sangre y por Su muerte, el bendito Señor obró la redención, acabó la obra que el Padre le dio que hiciese, quitó el pecado por el sacrificio de Sí mismo, reconcilió a la Iglesia con Dios, triunfó sobre la muerte y el infierno, venció a Satanás, engrandeció la ley y la hizo honorable, exaltó la justicia, introdujo la misericordia, armonizó todo atributo aparentemente discordante, glorificó a Su Padre celestial y salvó a millones con una salvación eterna.
¿Pero lo habríamos visto así, como lo vemos ahora, si hubiéramos estado junto a la cruz con María llorosa y Juan quebrantado de corazón, si hubiéramos oído las burlas injuriosas de los escribas y fariseos, la risa grosera de la soldadesca romana y los gritos de escarnio de la turba judía, si hubiéramos visto el cielo oscurecido arriba y sentido la tierra firme temblar bajo nuestros pies? ¿Dónde habría estado entonces nuestra fe? ¿Qué sino un milagro de gracia y poder omnipotentes podría haberla sostenido en medio de tales nubes de tinieblas, tal fuerza de los sentidos, tal multitud de pasiones encontradas, tal oposición de la incredulidad?
Así ha sido siempre, y así será siempre en este estado del tiempo. La verdad, la rectitud, la piedad, la causa de Dios, como distinta y opuesta al error y al mal, siempre han sufrido crucifixión, no solo en la Persona, sino en el ejemplo de un Jesús crucificado. Es un mundo impío; Satanás, y no Jesús, es su dios y príncipe; y por tanto, no la verdad sino la mentira, no el bien sino el mal, no el amor sino la enemistad, no la sinceridad y la rectitud sino la astucia y el engaño, no la justicia y la santidad sino el pecado y la impiedad, prevalecen y triunfan como lo hicieron en la cruz.
Esto prueba la fe; pero su alivio y remedio es mirar arriba, en medio de estas nubes, a la cruz, y ver en ella al Hijo de Dios que padece. Entonces vemos que el triunfo de los impíos es solo por un momento; que aunque la verdad padece ahora, padece con Cristo; y que, así como Él murió y resucitó, así ella tendrá una gloriosa resurrección y un triunfo eterno.
Al lector…
“Mas nosotros esperábamos…” ¿Conoce usted esas palabras abatidas, querido lector? Hay horas en que todo lo que usted creía parece morir; en que la verdad es crucificada y los impíos se alegran; en que la luz se retira y la tierra tiembla bajo sus pies. Entonces, con los discípulos, se pregunta si su esperanza no ha sido en vano. ¿Qué sino un milagro de gracia omnipotente puede sostener entonces la fe?
Mire, pues, en medio de esas nubes oscuras, a la cruz. Lo que a los ojos de los discípulos parecía una derrota era la obra consumada que el Padre le había dado que hiciese. Allí quitó el pecado y triunfó sobre la muerte y el infierno. El triunfo de los impíos dura solo un momento. Si la verdad padece, si usted padece por la verdad, entonces padece con Cristo; y así como Él murió y resucitó, así también Su causa se levantará gloriosamente y triunfará para siempre.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl