August 20
En aldaar zal Ik bij u komen, en Ik zal met u spreken van boven het verzoendeksel af, van tussen de twee Cherubims, die op de ark der getuigenis zijn zullen; alles wat Ik u gebieden zal aan de kinderen Israëls.
Exodus 25:22
Welk hart kan haar bevatten en welke tong kan haar beschrijven, de zaligheid der hemelse waarheid, dat er ten allen tijde, onder alle omstandigheden en aan alle plaatsen een troon is van barmhartigheid en een troon van genade, waar de God van alle genade en een zondaar die zich zijn zonde bewust is, elkander vrij, zonder enig beletsel of enige hinderpaal, kunnen ontmoeten, zo er althans enige geest des gebeds in de ziel des bidders is? Daar geen plaats te donker is voor Zijn oog, zo is er ook geen omstandigheid die Hij niet zou zien; daar geen bedeksel te dik is, zo is er ook geen omstandigheid te duister voor Zijn oog om er niet doorheen te dringen.
„Kan iemand zich ergens in een geheime plaats verbergen, dat Ik hem niet zien zou? zegt de HEERE. Vervul Ik niet de hemel en de aarde? zegt de HEERE.” Dat gevoelde de psalmist ook, toen hij zeide: „Indien ik zeide: de duisternis zal mij immers bedekken; dan is de nacht een licht om mij. Ook verduistert de duisternis voor U niet, maar de nacht licht als de dag; de duisternis is als het licht.”
Des nachts op ons bed; bij dag bij onze verschillende bezigheden; in de volle straten of in het eenzame veld; omringd door goddelozen of in gezelschap van het volk des Heeren, kunnen wij, zo des Heeren Geest ons daartoe in staat stelt, een zucht uit het hart doen opstijgen, een woord van belijdenis spreken of een enkele begeerte uiten. Dit moge voor sommigen niet genoeg zijn om de genadige vervulling der belofte te waarborgen: „Daar zal Ik bij u komen”; en toch bewijst elke verlichting die daardoor verkregen wordt, dat het zo is. Want waar en wanneer wij ook het bewustzijn verkrijgen van ’s Heeren tegenwoordigheid of ’s Heeren macht, hebben wij er de getuigenis in, die elke gelovige het best kent, en de liefelijke ervaring ervan, dat God Zijn eigen genadig woord vervult: „Daar zal Ik bij u komen.”
G’ omringt mijn gaan en liggen. Gij
o Heer, zijt altoos nevens mij.
Uw onbepaalde wetenschap
kent mijne weg van stap tot stap.
Geen woord is nog mijn tong ontgleden,
of Gij, Gij weet alreeds mijn reden.
Ps. 139:2
Aan de lezer…
Meent u soms dat u te ver weg bent, of dat uw omstandigheden te duister zijn om de Heere te ontmoeten? Ligt u des nachts wakker, of gaat u overdag gebukt onder uw bezigheden, omringd door mensen die niet naar God vragen? Bedenk dan dat er geen plaats te donker is voor Zijn oog, en geen omstandigheid te duister om er niet doorheen te dringen. Overal en altijd is er een troon van genade, waar Hij een zondaar die zich zijn zonde bewust is, wil ontmoeten.
Al is het maar één zucht uit het hart, één woord van belijdenis of één enkele begeerte die u in de volle straat of in het eenzame veld mag uiten, het is niet tevergeefs. Hij Die gezegd heeft: „Daar zal Ik bij u komen”, vervult Zijn eigen genadig woord. Elke verlichting die u zo ontvangt, is een getuigenis dat het waar is. Zucht dan maar, waar u ook bent; Hij hoort.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
En aldaar zal Ik bij u komen, en Ik zal met u spreken van boven het verzoendeksel af, van tussen de twee Cherubims, die op de ark der getuigenis zijn zullen; alles wat Ik u gebieden zal aan de kinderen Israëls.
Exodus 25:22
Welk hart kan haar bevatten en welke tong kan haar beschrijven, de zaligheid van deze hemelse waarheid? Te allen tijde, onder alle omstandigheden en op alle plaatsen is er een troon van barmhartigheid en een troon van genade. Daar kunnen de God van alle genade en een zondaar die zich van zijn zonde bewust is, elkaar vrij ontmoeten, zonder enig beletsel of enige hindernis, als er tenminste enige geest van gebed in de ziel van de bidder is. Zoals geen plaats te donker is voor Zijn oog, zo is er ook geen omstandigheid die Hij niet zou zien. Zoals geen bedekking te dik is, zo is er ook geen omstandigheid te duister, of Zijn oog dringt erdoorheen.
„Kan iemand zich ergens in een geheime plaats verbergen, dat Ik hem niet zien zou? zegt de HEERE. Vervul Ik niet de hemel en de aarde? zegt de HEERE.” Dat voelde de psalmdichter ook, toen hij zei: „Indien ik zeide: de duisternis zal mij immers bedekken; dan is de nacht een licht om mij. Ook verduistert de duisternis voor U niet, maar de nacht licht als de dag; de duisternis is als het licht.”
’s Nachts op ons bed, overdag bij onze verschillende bezigheden, in de drukke straten of in het eenzame veld, omringd door goddelozen of in gezelschap van het volk van de Heere: overal kunnen wij, als de Geest van de Heere ons daartoe in staat stelt, een zucht uit het hart laten opstijgen, een woord van belijdenis spreken of een enkele begeerte uiten. Voor sommigen lijkt dit misschien niet genoeg om de genadige vervulling van de belofte te waarborgen: „Daar zal Ik bij u komen.” En toch bewijst elke verlichting die daardoor ontvangen wordt, dat het zo is. Want waar en wanneer wij ook het besef ontvangen van de tegenwoordigheid of de macht van de Heere, daarin hebben wij het getuigenis, dat elke gelovige het best kent, en de lieflijke bevinding dat God Zijn eigen genadig woord vervult: „Daar zal Ik bij u komen.”
G’ omringt mijn gaan en liggen. Gij
o Heer, zijt altoos nevens mij.
Uw onbepaalde wetenschap
kent mijne weg van stap tot stap.
Geen woord is nog mijn tong ontgleden,
of Gij, Gij weet alreeds mijn reden.
Ps. 139:2
Aan de lezer…
Meent u soms dat u te ver weg bent, of dat uw omstandigheden te duister zijn om de Heere te ontmoeten? Ligt u ’s nachts wakker, of gaat u overdag gebukt onder uw bezigheden, omringd door mensen die niet naar God vragen? Bedenk dan dat er geen plaats te donker is voor Zijn oog, en geen omstandigheid te duister dat Hij er niet doorheen ziet. Overal en altijd is er een troon van genade, waar Hij een zondaar die zich van zijn zonde bewust is, wil ontmoeten.
Al is het maar één zucht uit het hart, één woord van belijdenis of één enkele begeerte die u in de drukke straat of in het eenzame veld mag uiten, het is niet tevergeefs. Hij Die gezegd heeft: „Daar zal Ik bij u komen”, vervult Zijn eigen genadig woord. Elke verlichting die u zo ontvangt, is een getuigenis dat het waar is. Zucht dan maar, waar u ook bent; Hij hoort.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
And there I will meet with thee, and I will commune with thee from above the mercy seat, from between the two cherubims which are upon the ark of the testimony.
Exodus 25:22
What heart can conceive or tongue describe the blessedness of this heavenly truth that at all times, under all circumstances, and in all places there is provided a mercy seat, a throne of grace, at which the God of all grace and a sensible sinner may freely meet without hindrance, if indeed there be any spirit of prayer in the petitioner’s breast? As no place, so no circumstance is too dark for His eye not to see; as no covering is too thick, so no circumstance is too obscure for His sight not to pierce through—“Can any hide himself in secret places that I shall not see him? says the Lord. Do not I fill heaven and earth? says the Lord.” So felt the Psalmist—“If I say, Surely the darkness shall cover me; even the night shall be light about me. Yes, the darkness hides not from You; but the night shines as the day; the darkness and the light are both alike to You.”
By night upon our bed; by day in our various occupations; in the crowded streets or in the lonely fields; surrounded by the ungodly or in company with the Lord’s people, we may, if the Lord the Spirit enables us, lift up a hearty sigh, utter a confessing word, and pour forth one simple desire. This may not to some seem to be sufficient to warrant the gracious fulfillment of the promise, “There will I meet with you;” and yet every relief thereby obtained proves that it is so.
For wherever or whenever we get any sense of the Lord’s presence or of the Lord’s power, any intimation that His eye is upon us for good, and His ear listening to our cry, be the prayer short or long, be it uttered on our knees or sighed out on our feet, be it in the quiet room or the bustling street, we have in it that evidence which each believer knows best in the sweet experience of it, that God does fulfill His own gracious word, “There will I meet with you.”
To the reader…
Do you sometimes think that you are too far away, or that your circumstances are too dark to meet with the Lord? Do you lie awake at night, or are you bowed down by your work during the day, surrounded by people who do not ask after God? Then remember that no place is too dark for His eye, and no circumstance too obscure for Him to see through it. Everywhere and always there is a throne of grace, where He will meet a sinner who is conscious of his sin.
Even if it is only one sigh from the heart, one word of confession or one single desire that you may utter in the busy street or the lonely field, it is not in vain. He Who has said, “There I will meet with thee,” fulfils His own gracious word. Every relief you receive in this way is a testimony that it is true. So sigh to Him, wherever you are; He hears.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Y de allí me declararé á ti, y hablaré contigo de sobre la cubierta, de entre los dos querubines que están sobre el arca del testimonio.
Éxodo 25:22
¿Qué corazón puede concebir, o qué lengua describir, la bienaventuranza de esta verdad celestial: que en todo tiempo, en toda circunstancia y en todo lugar hay provisto un propiciatorio, un trono de gracia, donde el Dios de toda gracia y un pecador sensible pueden encontrarse libremente y sin estorbo, si es que hay algún espíritu de oración en el pecho del que suplica? Así como ningún lugar, tampoco ninguna circunstancia es demasiado oscura para que Su ojo no la vea; así como ninguna cubierta es demasiado espesa, tampoco ninguna circunstancia es demasiado oscura para que Su vista no la traspase: “¿Ocultaráse alguno, dice Jehová, en escondrijos que yo no lo vea? ¿No hincho yo, dice Jehová, el cielo y la tierra?” Así lo sentía el salmista: “Si dijere: Ciertamente las tinieblas me encubrirán; aun la noche resplandecerá tocante á mí. Aun las tinieblas no encubren de ti, y la noche resplandece como el día: lo mismo te son las tinieblas que la luz.”
De noche en nuestra cama; de día en nuestras diversas ocupaciones; en las calles concurridas o en los campos solitarios; rodeados de impíos o en compañía del pueblo del Señor, podemos, si el Señor el Espíritu nos capacita, elevar un suspiro sincero, pronunciar una palabra de confesión y derramar un solo deseo sencillo. Puede que a algunos esto no les parezca suficiente para justificar el cumplimiento misericordioso de la promesa: “Allí me declararé á ti”; y sin embargo, cada alivio así obtenido demuestra que es así.
Porque dondequiera y cuandoquiera que tengamos algún sentir de la presencia del Señor o del poder del Señor, alguna indicación de que Su ojo está sobre nosotros para bien y de que Su oído escucha nuestro clamor, sea la oración corta o larga, sea pronunciada de rodillas o suspirada de pie, sea en el cuarto tranquilo o en la calle bulliciosa, tenemos en ello aquella evidencia que cada creyente conoce mejor en la dulce experiencia de ella: que Dios sí cumple Su propia palabra llena de gracia: “Allí me declararé á ti.”
Al lector…
¿Piensa usted a veces que está demasiado lejos, o que sus circunstancias son demasiado oscuras para encontrarse con el Señor? ¿Está despierto de noche, o se halla agobiado por su trabajo durante el día, rodeado de personas que no preguntan por Dios? Entonces recuerde que ningún lugar es demasiado oscuro para Su ojo, y ninguna circunstancia demasiado oscura para que Él no la traspase con la vista. En todas partes y siempre hay un trono de gracia, donde Él saldrá al encuentro de un pecador consciente de su pecado.
Aunque solo sea un suspiro del corazón, una palabra de confesión o un solo deseo lo que pueda pronunciar en la calle concurrida o en el campo solitario, no es en vano. Aquel que ha dicho: “Allí me declararé á ti”, cumple Su propia palabra llena de gracia. Cada alivio que recibe de esta manera es un testimonio de que es verdad. Suspire, pues, a Él, dondequiera que esté; Él oye.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl