February 13
Zend Uw licht, en Uw waarheid, dat die mij leiden; dat ze mij brengen tot de berg Uwer heiligheid, en tot Uwe woningen.
Psalm 43:3
Een levend mens kan in waarheid de gedachte niet verdragen van stil te staan; dat wil zeggen: zodanig stil te staan dat er geen geestelijk werk in hem plaatsvindt; en nog minder kan hij het denkbeeld verdragen van terug te gaan. Hij wil voorwaarts gaan. Dikwijls is hij onvoldaan over zijn toestand; hij voelt hoe weinig hij kent; hij is wel verzekerd dat hetgeen hij verkregen heeft in het Goddelijke leven oppervlakkig is, en ook van zijn onwetendheid aangaande de toekomst; hij wil voorwaarts gaan, geheel en alleen in de kracht des Heeren, geleid, bestuurd, geleerd, vastgehouden worden, niet door de wijsheid en de kracht van het schepsel, maar door het bovennatuurlijke inkomen van licht en Waarheid in zijn ziel.
De troon der genade is voortdurend in wolken gehuld; God verbergt Zich en hij kan Hem niet aanschouwen; de Waarheid is verduisterd, zodat hij haar niet onderscheiden kan. Hij kan dikwijls de weg niet vinden tot Christus; hij kan het pad des levens niet zien, ook niet of zijn voeten op die weg staan. Hij ziet zo weinig kenmerken van genade in zijn ziel, en gevoelt zo krachtig de werkingen van zonde en bederf, hij vindt zo weinig dingen voor en zoveel dingen tegen, dat hij dikwijls twijfelmoedig wordt en ontroerd is in zijn geest, en er bijna een gevoel in zijn hart komt dat hij geheel van de genade Gods is uitgesloten, dat de verborgenheid des Heeren niet met hem is, maar dat hij is een huichelaar in Sion, aan wiens ziel zelfs nooit een beginsel van wijsheid is geschonken.
Nu dan, o Heer, wat is ’t dat ik verwacht?
Mijn hope staat op U alleen!
Verlos mij door Uw onweerstaanbre kracht
van al mijn ongerechtigheên
en stel mij niet, getrouwe Toeverlaat,
de dwaze sterv’ling tot een smaad.
Ps. 39:5
Aan de lezer…
Is de troon der genade voor u in wolken gehuld, lezer? Kunt u de weg tot Christus niet vinden, en ziet u zoveel tegen en zo weinig voor? Dan komt wellicht de bange gedachte op dat u een huichelaar in Sion bent, aan wie nooit een beginsel van wijsheid geschonken werd. Ik beschrijf die duisternis zo nauwkeurig, omdat ik haar ken. U bent dus niet de eerste die zo door het dal moet.
Maar let op wat er in die beschrijving ook staat: de levende mens kan het niet verdragen stil te staan. Hij is onvoldaan, hij wil voorwaarts, hij wil geleid worden door het licht en de waarheid van God Zelf. Is dat uw klacht en uw verlangen, dan is dat geen kenmerk van een huichelaar, maar van leven. Breng dan uw duisternis in het gebed van de psalmist: „Zend Uw licht en Uw waarheid, dat die mij leiden.” Hij Die dat verlangen gaf, zal het niet onbeantwoord laten.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Zend Uw licht, en Uw waarheid, dat die mij leiden; dat ze mij brengen tot de berg Uwer heiligheid, en tot Uwe woningen.
Psalm 43:3
Een levend mens kan werkelijk de gedachte niet verdragen dat hij stilstaat, dat wil zeggen: zo stilstaat dat er geen geestelijk werk in hem plaatsvindt. Nog minder kan hij de gedachte verdragen dat hij teruggaat. Hij wil voorwaarts. Vaak is hij ontevreden over zijn toestand; hij voelt hoe weinig hij weet. Hij is ervan overtuigd dat wat hij in het Goddelijke leven verkregen heeft, oppervlakkig is, en hij beseft ook hoe onwetend hij is over de toekomst. Hij wil voorwaarts gaan, geheel en alleen in de kracht van de Heere. Hij wil geleid, bestuurd, onderwezen en vastgehouden worden, niet door de wijsheid en de kracht van het schepsel, maar doordat er op bovennatuurlijke wijze licht en Waarheid in zijn ziel binnenkomen.
De troon van de genade is voortdurend in wolken gehuld. God verbergt Zich en hij kan Hem niet zien; de Waarheid is verduisterd, zodat hij haar niet kan onderscheiden. Vaak kan hij de weg naar Christus niet vinden. Hij kan het pad van het leven niet zien, en ook niet of zijn voeten op die weg staan. Hij ziet zo weinig kenmerken van genade in zijn ziel en voelt zo krachtig de werkingen van zonde en verdorvenheid; hij vindt zo weinig dingen vóór en zoveel dingen tegen, dat hij vaak moedeloos wordt van twijfel en ontroerd is in zijn geest. Dan komt er bijna een gevoel in zijn hart dat hij volkomen buitengesloten is van de genade van God, dat de verborgenheid van de Heere niet met hem is, maar dat hij een huichelaar in Sion is, aan wiens ziel zelfs nooit een beginsel van wijsheid geschonken is.
Nu dan, o Heer, wat is ’t dat ik verwacht?
Mijn hope staat op U alleen!
Verlos mij door Uw onweerstaanbre kracht
van al mijn ongerechtigheên
en stel mij niet, getrouwe Toeverlaat,
de dwaze sterv’ling tot een smaad.
Ps. 39:5
Aan de lezer…
Is de troon van de genade voor u in wolken gehuld, lezer? Kunt u de weg naar Christus niet vinden, en ziet u zoveel tegen en zo weinig vóór? Dan komt misschien de bange gedachte op dat u een huichelaar in Sion bent, aan wie nooit een beginsel van wijsheid geschonken werd. Ik beschrijf die duisternis zo nauwkeurig, omdat ik haar ken. U bent dus niet de eerste die zo door het dal moet.
Maar let op wat er in die beschrijving ook staat: de levende mens kan het niet verdragen stil te staan. Hij is ontevreden, hij wil voorwaarts, hij wil geleid worden door het licht en de waarheid van God Zelf. Is dat uw klacht en uw verlangen, dan is dat geen kenmerk van een huichelaar, maar van leven. Breng dan uw duisternis in het gebed van de psalmist: „Zend Uw licht en Uw waarheid, dat die mij leiden.” Hij Die dat verlangen gaf, zal het niet onbeantwoord laten.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
O send out Thy light and Thy truth: let them lead me; let them bring me unto Thy holy hill, and to Thy tabernacles.
Psalm 43:3
A spiritually living man cannot, in his right mind, bear the idea of standing still, that is to say, standing still so as to have no spiritual work going on within; and still less can he bear the idea of going backward. He wants to go forward. He is often dissatisfied with his state; he feels how little he knows; he is well aware of the shallowness of his attainments in the divine life, as well as of the ignorance and the blindness that are in him; and therefore, laboring under the feeling of his own shortcomings for the past, his helplessness for the present, and his ignorance for the future, he wants to go forward wholly and solely in the strength of the Lord, to be led, guided, directed, kept, not by the wisdom and power of the creature, but by the supernatural entrance of light and truth into his soul.
The mercy-seat is continually covered with clouds; God hides Himself, and he cannot behold Him; the truth seems obscured so that he cannot realize it. He often cannot find his way to Christ; he cannot perceive the path of life, nor whether his feet are in that path. He sees so few marks of grace in his soul, and feels so powerfully the workings of sin and corruption; he finds so few things for him and so many things against him, that he often staggers, and is perplexed in his mind, and seems almost to come to a feeling in his heart, that he is destitute of the grace of God altogether, that the secret of the Lord is not with him, but that he is a hypocrite in Zion, who has never had even the beginning of wisdom communicated to his soul.
To the reader…
Is the throne of grace wrapped in clouds for you, reader? Can you not find the way to Christ, and do you see so much against you and so little for you? Then perhaps the anxious thought arises that you are a hypocrite in Zion, who never received even the beginning of wisdom. I describe that darkness so precisely because I know it. So you are not the first who must pass through the valley in this way.
But notice what is also said in that description: the living man cannot bear to stand still. He is dissatisfied, he wants to go forward, he wants to be led by the light and truth of God Himself. If that is your complaint and your longing, it is no mark of a hypocrite, but of life. Bring your darkness, then, into the prayer of the psalmist: “O send out Thy light and Thy truth: let them lead me.” He Who gave that longing will not leave it unanswered.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Envía Tu luz y Tu verdad: éstas me guiarán, me conducirán al monte de Tu santidad, y a Tus tabernáculos.
Salmo 43:3
Un hombre espiritualmente vivo no puede, estando en su sano juicio, soportar la idea de quedarse quieto, es decir, quedarse quieto de modo que no haya ninguna obra espiritual en su interior; y menos aún puede soportar la idea de retroceder. Quiere avanzar. A menudo está descontento de su estado; siente cuán poco sabe; es muy consciente de lo superficial de sus logros en la vida divina, así como de la ignorancia y la ceguera que hay en él; y por eso, agobiado por el sentimiento de sus propias faltas en el pasado, de su impotencia en el presente y de su ignorancia en cuanto al futuro, quiere avanzar total y únicamente en la fuerza del Señor, ser conducido, guiado, dirigido y guardado, no por la sabiduría y el poder de la criatura, sino por la entrada sobrenatural de luz y verdad en su alma.
El propiciatorio está continuamente cubierto de nubes; Dios se esconde, y él no puede contemplarle; la verdad parece oscurecida, de modo que no puede hacerla real para sí. A menudo no puede hallar el camino hacia Cristo; no puede percibir la senda de la vida, ni si sus pies están en esa senda. Ve tan pocas señales de gracia en su alma, y siente con tanta fuerza las obras del pecado y la corrupción; halla tan pocas cosas a su favor y tantas en su contra, que a menudo vacila, se turba en su mente, y parece casi llegar a sentir en su corazón que está del todo desprovisto de la gracia de Dios, que el secreto del Señor no está con él, sino que es un hipócrita en Sion, a cuya alma nunca se le ha comunicado siquiera el principio de la sabiduría.
Al lector…
¿Está para usted el trono de la gracia envuelto en nubes, lector? ¿No puede hallar el camino hacia Cristo, y ve tanto en su contra y tan poco a su favor? Entonces quizá surge el pensamiento angustioso de que es usted un hipócrita en Sion, que nunca recibió siquiera el principio de la sabiduría. Describo esa oscuridad con tanta exactitud porque la conozco. Así que no es usted el primero que ha de pasar de este modo por el valle.
Pero observe lo que también se dice en esa descripción: el hombre vivo no puede soportar quedarse quieto. Está descontento, quiere avanzar, quiere ser guiado por la luz y la verdad de Dios mismo. Si esa es su queja y su anhelo, no es señal de un hipócrita, sino de vida. Lleve, pues, su oscuridad a la oración del salmista: “Envía Tu luz y Tu verdad: éstas me guiarán”. Aquel que dio ese anhelo no lo dejará sin respuesta.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl