7 januari
Want het bedenken des vleses is de dood; maar het bedenken des Geestes is het leven en vrede.
Romeinen 8:6
In dezelfde verhouding als ons hart en onze liefde tot het hemelse zich bevindt, zullen wij ook een zoete smaak des hemels in ons binnenste gevoelen; en daar wij alleen kunnen teruggeven wat wij ontvangen, zo is ook elke uitdrukking naar buiten van het Goddelijke leven de vrucht en de werking van het inkomen van dat leven van boven. Christus is ons leven (Kol. 3:4); en als Hij door Zijn Geest en genade het leven des geloofs in de ziel bestendigt, openbaart het zich in dankbaarheid aan Hem. Zonder deze geestelijke gezindheid is de godsdienst niets meer dan een naam, een ijdel masker, een zelfbedrog en een valstrik. God neemt niet in Zijn hemel, in de volheid Zijner eigen eeuwige zaligheid, hen op die Hij niet liefheeft en die Hem niet liefhebben. Het is een toebereid volk voor een toebereide woning.
En die bereidheid voor de hemel, als een innerlijke genade, bestaat meest in die zoete geestelijke toestand der ziel, waarbij de dingen die des hemels zijn, ons enig geluk uitmaken, en men een inwendig genot smaakt dat het hart verruimt, de ziel veredelt en de gehele ziel als het ware doet opstijgen in een heilige atmosfeer, waarin zij zich als in haar meest geliefde element baadt. Het is „het leven”, niet die koude, dode belijdenis van die vleselijke creaturen die alleen een natuurlijk geloof hebben in de Heere Jezus Christus en in de waarheden van Zijn evangelie, maar dat zalige leven dat nooit zal sterven, maar leven in de eeuwige tegenwoordigheid Gods, wanneer de aarde en al wat zij bevat, vergaan zal in de vernielende vlammen des vuurs. En het is door „vrede” — de nalatenschap des Verlossers bij Zijn sterven — dat Hij, terwijl Hij ze Zelf vervult, de verborgen golven der ziel bedaart, elke weerspannige aandoening stilt, en Zichzelf op de troon plaatst als de Vorst des Vredes.
Geef dat mijn oog het goed’ aanschouw’,
’t welk Gij uit onbezweken trouw
Uw uitverkoor’nen toe wilt voegen.
Ps. 106:3
Aan de lezer…
Misschien, lezer, schrikt u van dit woord: „Het bedenken des vleses is de dood.” Want u merkt hoe uw gedachten telkens weer naar beneden trekken, naar de zorgen en de dingen van deze aarde, en u vraagt u af of er in u wel iets van die geestelijke gezindheid te vinden is. Weet dan dat het hart alleen kan teruggeven wat het ontvangen heeft. U kunt die hemelse smaak niet uit uzelf voortbrengen; hij komt van boven, van Christus, Die het leven van Zijn volk is.
Zoek het dan niet in uzelf, maar bij Hem. Als Hij door Zijn Geest Zich aan de ziel ontdekt, worden de dingen des hemels het enige ware geluk, en wordt het hart verruimd. En wat zoekt u anders dan vrede? Die vrede heeft de Verlosser bij Zijn sterven nagelaten. Hij kan de verborgen golven in uw binnenste bedaren en elke weerspannige gedachte stillen, wanneer Hij als de Vorst des Vredes Zijn troon in uw hart opricht. Bid Hem dat Hij dat in u doen wil.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Want het bedenken des vleses is de dood; maar het bedenken des Geestes is het leven en vrede.
Romeinen 8:6
In de mate waarin ons hart en onze liefde op het hemelse gericht zijn, zullen wij ook een zoete smaak van de hemel in ons binnenste voelen. Wij kunnen alleen teruggeven wat wij ontvangen. Daarom is ook elke uiting naar buiten van het goddelijk leven de vrucht en de werking van dat leven dat van boven in ons komt. Christus is ons leven (Kol. 3:4). Als Hij door Zijn Geest en genade het leven van het geloof in de ziel in stand houdt, blijkt dat in dankbaarheid aan Hem. Zonder deze geestelijke gezindheid is de godsdienst niets meer dan een naam, een leeg masker, een zelfbedrog en een valstrik. God neemt niet in Zijn hemel, in de volheid van Zijn eigen eeuwige zaligheid, hen op die Hij niet liefheeft en die Hem niet liefhebben. Het is een toebereid volk voor een toebereide woning.
Die toebereiding voor de hemel, als een innerlijke genade, bestaat vooral in die zoete geestelijke gesteldheid van de ziel waarin de hemelse dingen ons enige geluk zijn. Dan smaakt men een innerlijk genot dat het hart verruimt, de ziel veredelt en de hele ziel als het ware doet opstijgen in een heilige atmosfeer, waarin zij zich baadt als in haar meest geliefde element. Het is „het leven”. Niet die koude, dode belijdenis van vleselijke mensen die alleen een natuurlijk geloof hebben in de Heere Jezus Christus en in de waarheden van Zijn Evangelie. Nee, het is dat zalige leven dat nooit zal sterven, maar zal leven in de eeuwige tegenwoordigheid van God, wanneer de aarde en alles wat zij bevat in de verterende vlammen van het vuur zal vergaan. En het is door „vrede”, de nalatenschap van de Verlosser bij Zijn sterven, dat Hij de ziel vervult en tegelijk haar verborgen golven bedaart. Hij stilt elke weerspannige aandrift en plaatst Zichzelf op de troon als de Vorst des Vredes.
Geef dat mijn oog het goed’ aanschouw’,
’t welk Gij uit onbezweken trouw
Uw uitverkoor’nen toe wilt voegen.
Ps. 106:3
Aan de lezer…
Misschien schrikt u van dit woord: „Het bedenken des vleses is de dood.” U merkt immers hoe uw gedachten telkens weer naar beneden trekken, naar de zorgen en de dingen van deze aarde, en u vraagt zich af of er in u wel iets van die geestelijke gezindheid te vinden is. Weet dan dat het hart alleen kan teruggeven wat het ontvangen heeft. U kunt die hemelse smaak niet uit uzelf voortbrengen; hij komt van boven, van Christus, Die het leven van Zijn volk is.
Zoek het dan niet in uzelf, maar bij Hem. Als Hij Zich door Zijn Geest aan de ziel ontdekt, worden de hemelse dingen het enige ware geluk en wordt het hart verruimd. En wat zoekt u anders dan vrede? Die vrede heeft de Verlosser bij Zijn sterven nagelaten. Hij kan de verborgen golven in uw binnenste bedaren en elke weerspannige gedachte stillen, wanneer Hij als de Vorst des Vredes Zijn troon in uw hart opricht. Bid Hem dat Hij dat in u wil doen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
For to be carnally minded is death; but to be spiritually minded is life and peace.
Romans 8:6
Just in proportion as our heart and affections are engaged on heavenly objects, shall we feel a sweet savor of heaven resting upon our spirit; and as we can only give back what we receive, every going forth of divine life from the soul below is but the fruit and effect of the incoming of that life from above. Christ is our life above (Col. 3:4); and as He by His Spirit and grace maintains the life of faith in the soul, it manifests itself in gracious actings upon Himself. Without this spirituality of mind, religion is but a mere name, an empty mask, a delusion, and a snare.
God does not take into heaven, into the fullness of His own eternal bliss, those whom He does not love, and who do not love Him. It is a prepared people for prepared mansions. And this preparedness for heaven, as an inward grace, much consists in that sweet spirituality of mind whereby heavenly things become our only happiness, and an inward delight is felt in them, that enlarges the heart, ennobles the mind, softens the spirit, and lifts the whole soul, as it were, up into a holy atmosphere in which it bathes as its choice element.
This is “life,” not the cold, dead profession of those poor carnal creatures who have only a ‘natural faith’ in the Lord Jesus Christ and the truths of His gospel; but that blessed life which shall never die, but live in the eternal presence of God when earth and all it holds shall be wrapped in the devouring flames. And it is “peace”—the Redeemer’s dying legacy—whereby, as He Himself fulfils it, He calms the troubled waves of the soul, stills every rebellious movement, and enthrones Himself in the heart as the Prince of peace.
To the reader…
Perhaps this word alarms you: “To be carnally minded is death.” For you notice how your thoughts keep pulling downward, to the cares and things of this earth, and you wonder whether anything of that spiritual mind is to be found in you at all. Know, then, that the heart can only give back what it has received. You cannot produce that heavenly savor from within yourself; it comes from above, from Christ, Who is the life of His people.
So do not look for it in yourself, but in Him. When He reveals Himself to the soul by His Spirit, heavenly things become its only true happiness and the heart is enlarged. And what else are you seeking but peace? That peace the Redeemer left behind as His dying legacy. He can calm the hidden waves within you and still every rebellious thought, when He sets up His throne in your heart as the Prince of peace. Ask Him to do that in you.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Porque la intención de la carne es muerte; mas la intención del espíritu, vida y paz.
Romanos 8:6
Exactamente en la medida en que nuestro corazón y nuestros afectos se ocupan en objetos celestiales, sentiremos un dulce sabor del cielo reposar sobre nuestro espíritu; y como solo podemos devolver lo que recibimos, toda salida de la vida divina desde el alma aquí abajo no es sino fruto y efecto de la entrada de esa vida desde arriba. Cristo es nuestra vida en lo alto (Col. 3:4); y así como Él, por Su Espíritu y Su gracia, mantiene la vida de fe en el alma, esta se manifiesta en actos de gracia dirigidos a Él mismo. Sin esta espiritualidad de mente, la religión no es más que un simple nombre, una máscara vacía, un engaño y un lazo.
Dios no lleva al cielo, a la plenitud de Su propia dicha eterna, a aquellos a quienes no ama y que no le aman. Es un pueblo preparado para moradas preparadas. Y esta preparación para el cielo, como gracia interior, consiste en gran parte en esa dulce espiritualidad de mente por la cual las cosas celestiales llegan a ser nuestra única felicidad, y se siente en ellas un deleite interior que ensancha el corazón, ennoblece la mente, ablanda el espíritu y eleva, por así decirlo, toda el alma a una atmósfera santa en la que se baña como en su elemento predilecto.
Esto es “vida”; no la profesión fría y muerta de aquellas pobres criaturas carnales que solo tienen una ‘fe natural’ en el Señor Jesucristo y en las verdades de Su evangelio, sino aquella bendita vida que nunca morirá, sino que vivirá en la presencia eterna de Dios cuando la tierra y todo lo que contiene sean envueltos en llamas devoradoras. Y es “paz”, el legado del Redentor al morir, por la cual, cuando Él mismo lo cumple, calma las olas turbadas del alma, aquieta todo movimiento rebelde y se entroniza en el corazón como el Príncipe de paz.
Al lector…
Quizá esta palabra le alarma: “La intención de la carne es muerte”. Porque nota cómo sus pensamientos tiran una y otra vez hacia abajo, a los afanes y las cosas de esta tierra, y se pregunta si se halla en usted algo de esa mente espiritual. Sepa, pues, que el corazón solo puede devolver lo que ha recibido. Usted no puede producir ese sabor celestial desde dentro de sí mismo; viene de arriba, de Cristo, que es la vida de Su pueblo.
No lo busque, pues, en usted mismo, sino en Él. Cuando Él se revela al alma por Su Espíritu, las cosas celestiales llegan a ser su única felicidad verdadera y el corazón se ensancha. ¿Y qué otra cosa busca usted sino paz? Esa paz la dejó el Redentor como Su legado al morir. Él puede calmar las olas ocultas dentro de usted y aquietar todo pensamiento rebelde, cuando establece Su trono en su corazón como el Príncipe de paz. Pídale que haga eso en usted.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl