Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot Bevindelijke geschriften & prediking

365 dagen met Philpot

4 juni

Christus’ zitten ter rechterhand Gods

Vandaag

3 min. lezen

Indien iemand gezondigd heeft, wij hebben een Voorspraak bij de Vader, Jezus Christus, de Rechtvaardige, en Hij is een verzoening voor onze zonden.
1 Johannes 2:1-2

Laten we eens kijken naar de kracht van de voorspraak van onze grote Hogepriester in de hemel, en zien hoe geschikt die is om een ziel te verlichten die gebukt gaat onder een last van zonde. „En indien iemand gezondigd heeft,” zegt Johannes, „wij hebben een Voorspraak bij de Vader, Jezus Christus, de Rechtvaardige” (1 Joh. 2:1). Wat kunnen wij doen met onze zonden, met hun last, hun schuld, hun vuil en hun kracht? Niets, helemaal niets, behalve eronder wegzinken, want we kunnen ze verwijderen noch beteugelen. Maar Jezus kan beide, want „Die is ons geworden wijsheid van God, en rechtvaardigheid, en heiligmaking, en verlossing” (1 Kor. 1:30).

Tot Hem kan een arme, schuldige, ellendige en zinkende zondaar zich dus wenden om zijn zaak te laten bepleiten. Want in Hem heeft hij „een Voorspraak bij de Vader”, door God Zelf aangesteld en daarom zeker van het oor van de Rechter: Wonderlijk, Raad (Jes. 9:5). Hij kan in het hemelse gerecht voor hem opkomen; Hij heeft nooit een zaak verloren, een nederig verzoek afgewezen of iemand die zich aan Hem toevertrouwde teleurgesteld. Maar de kracht en invloed van deze Voorspraak in de hemel rust op Zijn zoenoffer, dat op aarde werd gebracht. Daarom voegt Johannes er direct aan toe: „En Hij is een verzoening voor onze zonden.”

Hij is nu onze machtige Voorspraak en Middelaar in de hemel, waar de zaak wordt gehoord en beoordeeld. Dat is Hij omdat Hij „om de zonde te niet te doen, door Zijnszelfs offerande”, en „eenmaal geofferd zijnde, om veler zonden weg te nemen” (Hebr. 9:26, 28). Het is omdat Hij „uitgewist hebbende het handschrift, dat tegen ons was, in inzettingen bestaande, hetwelk, zeg ik, enigerwijze ons tegen was, en heeft datzelve uit het midden weggenomen, hetzelve aan het kruis genageld hebbende” (Kol. 2:14). Het is omdat Zijn werk volbracht is (Joh. 17:4; 19:30) en Hij vrede heeft gemaakt door het bloed van Zijn kruis (Kol. 1:20).

Lezen: 1 Johannes 1:1-2:2

Aan de lezer…

Dat woord over de Voorspraak begint met een vraag: wat kunt u doen met uw zonden, met hun last, hun schuld, hun vuil en hun kracht? Niets, en dat is een harde maar eerlijke waarheid. U kunt ze verwijderen noch beteugelen. Wie dat leert, zinkt onder de last weg en weet niet meer waar hij het zoeken moet. Maar juist voor zo’n arme, schuldige en zinkende zondaar staat hier geschreven: „Wij hebben een Voorspraak bij de Vader.”

Hij is door God Zelf aangesteld en heeft het oor van de Rechter. Hij heeft nooit een zaak verloren of een nederig verzoek afgewezen. En Zijn pleiten rust niet op uw verdiensten, maar op Zijn eigen offer: Hij is een verzoening voor onze zonden. Het handschrift dat tegen u was, is aan het kruis genageld, en Zijn werk is volbracht. Leg uw zaak dan in Zijn handen; die zaak is daar veiliger dan ooit in de uwe.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl