Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

365 dagen met Philpot

30 september

Zie mij aan

Vandaag

3 min. lezen

Zie mij aan, wees mij genadig, naar het recht aan degenen, die Uw Naam beminnen.
Psalm 119:132

Waar vraagt u God om in uw gebed? Ik neem aan dat velen van u op de knieën vallen voor de voetbank van de genade. Waar vraagt u God dan om in uw gebed? Is het om een bijzondere zegen voor uw ziel? Is het om een openbaring van Jezus aan uw hart? Is het om de Heere te vragen Zelf neer te zien op een schuldige worm en uw ziel zacht Zijn genade en liefde in te fluisteren? Dit zijn ware gebeden, dit zijn geestelijke zuchten. Dit is de voorbede van de Geest in het hart van de zondaar, met zuchtingen die niet kunnen worden uitgesproken.

Misschien weet u uit de bevinding van uw ziel wat het is om zo, in nederigheid, eenvoud, oprechtheid, ontroostbaarheid en verslagenheid, voor de voetbank van de genade te liggen en uit te roepen: „Zie mij aan.” „Mij”, die Uw genade volkomen onwaardig is. „Mij”, die steeds weer van U afgeweken is. „Mij”, die de verachtelijkste van de verachtelijken is, de schuldigste van de schuldigen; maar: „Zie mij aan”, want ik kan het niet verdragen dat U ongemerkt aan mij voorbij zou gaan, dat U mijn ziel niet zou aanzien terwijl U Uw kinderen aanziet. Dat is een roepen dat zeker verhoord wordt.

Wees mij genadig. Wanneer zullen u en ik buiten het bereik van de genade komen? Zullen we ooit boven het verlangen ernaar uitgroeien zolang we hier beneden ademen? God beware ons, die Zijn Naam vrezen, ervoor ook maar één dag te leven zonder in meerdere of mindere mate te verlangen naar de merkbare bewijzen van de genade. „Maar,” zegt u, „u hebt genade gekregen; waarom hebt u haar weer nodig? Is één keer in uw leven niet genoeg?” Wie dat zegt, kent zijn eigen hart niet en kent niet de genade die God aan de ziel van een zondaar openbaart.

Als de zonden overvloedig zijn, als de schuld gevoeld wordt, als het verderf werkt, als het geweten belast is, als de zondigheid van het hart wordt blootgelegd en ons hart in het licht van de Geest wordt geopend, voelen we dan niet voortdurend dat we genade nodig hebben? Genade voor elke overspelige blik, genade voor elke begerige gedachte, genade voor elk lichtvaardig en ijdel woord, genade voor elke zondige beweging van ons verdorven hart. Genade zolang we leven en genade als we sterven. Genade om ons elk ogenblik te vergezellen, met ons mee te gaan tot aan de poort van het graf, ons veilig door de gezwollen Jordaan te dragen en ons veilig neer te zetten voor de troon van de Heiland.

Lezen: Psalm 56

Aan de lezer…

Wie voor de voetbank van de genade neerknielt, heeft iets te vragen. Waar vraagt u God om? Durft u nog te zeggen: „Zie mij aan; mij, die Uw genade volkomen onwaardig is, die steeds weer van U afgeweken is”? Misschien schaamt u zich dat u na zoveel jaren nog altijd om genade moet roepen, alsof één keer genoeg had moeten zijn. Maar wie zo spreekt, kent zijn eigen hart niet.

Zolang het licht van de Geest de zondigheid van uw hart blootlegt, zult u genade nodig hebben voor elke blik, elke gedachte en elk lichtvaardig woord. Dat is geen teken dat u buiten de genade staat, maar dat u er niet buiten kunt. Laat uw roepen dan niet ophouden, want het is een roepen dat zeker verhoord wordt. Er is genade zolang u leeft, genade als u sterft, en genade om u veilig door de Jordaan te dragen tot voor de troon van de Heiland.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl