23 januari
Alzo, dat wijzelf van u roemen in de gemeenten Gods, over uw lijdzaamheid en geloof in al uw vervolgingen en verdrukkingen, die gij verdraagt; een bewijs van Gods rechtvaardig oordeel, opdat gij waardig geacht wordt het Koninkrijk Gods, voor hetwelk gij ook lijdt.
2 Thess. 1:4, 5
De Heere heeft het zo beschikt, dat Zijn volk door diepe en smartelijke wegen heen moet, want het is door vele of velerlei verdrukkingen dat zij moeten ingaan in het Koninkrijk Gods boven, en in de zoetheid en kracht van het Koninkrijk Gods hier beneden (Hand. 14:22). Maar ieder mens zet deze leerregel ter zijde, tenzij God hem er bevindelijk in leidt. Het is zulk een ruw en oneffen pad; het is zo strijdig met vlees en bloed; het is zo onverklaarbaar voor de natuur en rede, dat de mens, de hoogmoedige, wederstrevige mens, of hij een belijdenis heeft of niet, nooit zal geloven dat hij door vele verdrukkingen in het Koninkrijk moet ingaan. En dit is de oorzaak waarom zo velen een gemakkelijker weg vinden of zoeken te vinden dan de Heere voor Zijn volk verordend heeft.
Maar zal het Hoofd een pad bewandelen en de leden een ander pad? Zal de Bruidegom waden door zeeën van smart en de bruid nauwelijks haar voeten nat maken? Zal de Bruidegom gekruist worden in zwakheid en lijden, en zal er dan geen inwendige kruisiging plaatsvinden bij de teder beminde Zijns harten? Zal het Hoofd lijden: droefheid, doodsnoden, zuchten en sterven, en de leden dansen langs een pad met bloemen zonder inwendige smart of uitwendig lijden?
Bastaards mogen de roê ontkomen;
Hun leven hebben in ijdel vermaak.
Maar Gods weêrgeboren vrome
Kust de roede, die hij smaakt.
Doch misschien zijn er sommigen die in hun hart zeggen: Ik ben er wel van overtuigd, maar mijn lafhartig vlees deinst ervoor terug. Ik weet het: zal ik het hemels Kanaän bereiken, dan moet ik het bestemde deel van de beproevingen doorwandelen. Maar mijn schrikachtig vlees ziet ertegen op. Dit doet het. Volkomen waar! Wie zou zichzelf de beproevingen op de hals halen? Daarom laat de Heere deze beproevingen niet in uw handen, maar Hij Zelf bepaalt een zekere mate van beproevingen om te doormaken voor elkeen van Zijn volk. Zij zullen spoedig genoeg op u afkomen; gij behoeft ze niet vooruit te lopen. God brengt ze u toe op Zijn eigen tijd en op Zijn wijze.
En wat meer is, de Heere zal u er niet slechts inbrengen, maar ook doorhelpen en ook uithelpen, want het derde deel werd niet enkel in het vuur gebracht, maar ook door het vuur heen, opdat het Zijn Naam zou aanroepen. Wat zal onze genade zijn? Dit: verwaardigd te worden de Heere te vragen of Hij ons begiftigen wil met geloof en lijdzaamheid in de beproeving; Hem te smeken om kracht en ondersteuning om de storm te mogen doormaken; om als leem in Zijn hand te mogen zijn. Hem te vragen ons gelijkvormig te doen zijn aan het beeld van Zijn Zoon, ons te leiden door dit tranendal beneden en ons eindelijk bij Hem op te nemen in heerlijkheid.
Aan de lezer…
Deinst uw vlees terug voor de weg die voor u ligt? U weet dat het Koninkrijk Gods door vele verdrukkingen ingegaan wordt, en toch ziet u er met schrik tegen op. Wie zou zichzelf beproevingen op de hals halen? Maar bedenk: zou het Hoofd door zeeën van smart gaan, en de leden langs een pad met bloemen? Het ruwe pad is geen teken dat de Heere u vergeten heeft, maar dat u achter Hem aan gaat.
En weet dit: de beproevingen liggen niet in uw hand, maar in de Zijne. Hij bepaalt de mate, de tijd en de wijze; u behoeft ze niet vooruit te lopen. Die u erin brengt, zal u er ook doorhelpen en uithelpen. Vraag Hem dan om geloof en lijdzaamheid, om kracht en ondersteuning in de storm, en dat u als leem in Zijn hand mag zijn. Zo zal Hij u door dit tranendal leiden en u eindelijk bij Zich opnemen in heerlijkheid.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Alzo, dat wijzelf van u roemen in de gemeenten Gods, over uw lijdzaamheid en geloof in al uw vervolgingen en verdrukkingen, die gij verdraagt; een bewijs van Gods rechtvaardig oordeel, opdat gij waardig geacht wordt het Koninkrijk Gods, voor hetwelk gij ook lijdt.
2 Thess. 1:4, 5
De Heere heeft het zo beschikt dat Zijn volk langs diepe en smartelijke wegen moet gaan, want het is door vele of velerlei verdrukkingen dat zij moeten ingaan in het Koninkrijk van God boven, en in de zoetheid en kracht van het Koninkrijk van God hier beneden (Hand. 14:22). Maar ieder mens zet deze leer opzij, tenzij God hem er bevindelijk in leidt. Het is zo’n ruw en oneffen pad; het druist zo in tegen vlees en bloed; het is zo onverklaarbaar voor natuur en verstand, dat de mens, de hoogmoedige, weerspannige mens, of hij nu een belijdenis heeft of niet, nooit zal geloven dat hij door vele verdrukkingen het Koninkrijk moet ingaan. En daarom vinden zovelen een gemakkelijker weg, of proberen die te vinden, dan de Heere voor Zijn volk heeft verordend.
Maar zal het Hoofd het ene pad gaan en de leden een ander pad? Zal de Bruidegom door zeeën van smart waden en de bruid nauwelijks haar voeten nat maken? Zal de Bruidegom gekruisigd worden in zwakheid en lijden, en zal er dan bij de teerbeminde van Zijn hart geen innerlijke kruisiging plaatsvinden? Zal het Hoofd lijden – droefheid, doodsnood, zuchten en sterven – en zullen de leden over een pad met bloemen dansen, zonder innerlijke smart of uiterlijk lijden?
Bastaards mogen de roê ontkomen;
Hun leven hebben in ijdel vermaak.
Maar Gods weêrgeboren vrome
Kust de roede, die hij smaakt.
Maar misschien zeggen sommigen in hun hart: Daar ben ik wel van overtuigd, maar mijn laf vlees deinst ervoor terug. Ik weet het: als ik het hemelse Kanaän wil bereiken, dan moet ik het bestemde deel van de beproevingen doorgaan. Maar mijn angstig vlees ziet ertegen op. Dat doet het. Volkomen waar! Wie zou zichzelf beproevingen op de hals halen? Daarom laat de Heere deze beproevingen niet in uw handen, maar bepaalt Hij Zelf voor ieder van Zijn volk een zekere mate van beproevingen om door te maken. Zij zullen snel genoeg op u afkomen; u hoeft er niet op vooruit te lopen. God brengt ze u op Zijn eigen tijd en op Zijn eigen wijze.
En wat meer is: de Heere zal u er niet alleen in brengen, maar u er ook doorheen helpen en uit helpen, want het derde deel werd niet alleen in het vuur gebracht, maar ook door het vuur heen, opdat het Zijn Naam zou aanroepen. Wat zal dan onze genade zijn? Dit: verwaardigd te worden de Heere te vragen of Hij ons met geloof en lijdzaamheid in de beproeving wil begiftigen; Hem te smeken om kracht en ondersteuning om de storm te mogen doorstaan; om als leem in Zijn hand te mogen zijn. Hem te vragen ons gelijkvormig te maken aan het beeld van Zijn Zoon, ons door dit tranendal hier beneden te leiden en ons ten slotte bij Zich op te nemen in heerlijkheid.
Aan de lezer…
Deinst uw vlees terug voor de weg die voor u ligt? U weet dat het Koninkrijk van God door vele verdrukkingen ingegaan wordt, en toch ziet u er met schrik tegen op. Wie zou zichzelf beproevingen op de hals halen? Maar bedenk: zou het Hoofd door zeeën van smart gaan, en de leden over een pad met bloemen? Het ruwe pad is geen teken dat de Heere u vergeten heeft, maar dat u achter Hem aan gaat.
En weet dit: de beproevingen liggen niet in uw hand, maar in de Zijne. Hij bepaalt de mate, de tijd en de wijze; u hoeft er niet op vooruit te lopen. Hij Die u erin brengt, zal u er ook doorheen en uit helpen. Vraag Hem dan om geloof en lijdzaamheid, om kracht en ondersteuning in de storm, en dat u als leem in Zijn hand mag zijn. Zo zal Hij u door dit tranendal leiden en u ten slotte bij Zich opnemen in heerlijkheid.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
So that we ourselves glory in you in the churches of God for your patience and faith in all your persecutions and tribulations that ye endure: which is a manifest token of the righteous judgment of God, that ye may be counted worthy of the kingdom of God, for which ye also suffer.
2 Thessalonians 1:4-5
The Lord has chosen that His people should pass through deep and cutting afflictions, for it is through much, or many tribulations, as the word really signifies, “through many tribulations” they are to enter the kingdom of God above, and into the sweetness and power of the kingdom of God below (Acts 14:22). But every man will resent this doctrine, except God has led him experimentally into it. It is such a rough and rugged path; it is so contrary to flesh and blood; it is so inexplicable to nature and reason, that man, proud, rebellious man, whether he be in a profession or whether he be out of a profession, will never believe that he must through much tribulation enter into the kingdom.
And this is the reason why so many find, or seek to find, a smoother way to glory than the Lord has appointed His saints to walk in. But shall the Head travel in one path, and the members in another? Shall the Bridegroom walk and wade through seas of sorrow, and the bride never so much as wet her feet with the water? Shall the Bridegroom be crucified in weakness and suffering, and there be no inward crucifixion for the dearly-beloved of His heart? Shall the Head suffer, grieve, agonize, groan, and die, and the members dance down a flowery road, without inward sorrow or outward suffering?
“Bastards may escape the rod,
Sunk in earthly, vain delight;
But the true-born child of God
Must not, would not, if he might.”
But, perhaps, there are some who say in their heart, “I am well convinced of this; but my coward flesh shrinks from it. I know if I am to reach the Canaan above, I must pass through the appointed portion of tribulation. But my coward flesh shrinks back.” It does! it does! Who would willingly bring trials upon himself? Therefore the Lord does not leave these trials in our hands; but He Himself appoints a certain measure of tribulation for each of His people to pass through. They will come soon enough; you need not anticipate them; you need not wish for them.
God will bring them, in His own time and in His own way; and what is more, God will not merely bring you into them, but God will bring you through them, and God will bring you out of them; for the third part was not merely brought into the fire, but through the fire, to cause them to call upon His Name. What, then, will be our mercy? It will be our mercy if enabled to ask the Lord to bless us with faith and patience under tribulation; to ask the Lord to give us strength to bear the storm; to lie as clay in His hands, and ask the Lord to conform us to the image of His Son, to guide us through this valley of tears below, and eventually to take us to be with Him above.
To the reader…
Does your flesh shrink back from the road that lies before you? You know that the kingdom of God is entered through much tribulation, and yet you dread it. Who would bring trials upon himself? But consider: should the Head go through seas of sorrow, and the members along a path of flowers? The rough path is no sign that the Lord has forgotten you, but that you are following after Him.
And know this: the trials do not lie in your hand, but in His. He appoints the measure, the time and the manner; you need not run ahead of them. He Who brings you into them will also bring you through them and out of them. Ask Him, then, for faith and patience, for strength and support in the storm, and that you may be as clay in His hand. So He will lead you through this valley of tears and at last receive you to Himself in glory.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Tanto, que nosotros mismos nos gloriamos de vosotros en las iglesias de Dios, de vuestra paciencia y fe en todas vuestras persecuciones y tribulaciones que sufrís: una demostración del justo juicio de Dios, para que seáis tenidos por dignos del reino de Dios, por el cual asimismo padecéis.
2 Tesalonicenses 1:4-5
El Señor ha dispuesto que Su pueblo pase por aflicciones profundas y cortantes, porque es por mucha, o muchas tribulaciones, como realmente significa la palabra, “por muchas tribulaciones” como han de entrar en el reino de Dios arriba, y en la dulzura y el poder del reino de Dios aquí abajo (Hechos 14:22). Pero todo hombre se resentirá de esta doctrina, a menos que Dios le haya llevado a ella de manera experimental. Es un camino tan áspero y escabroso; es tan contrario a la carne y la sangre; es tan inexplicable para la naturaleza y la razón, que el hombre, el hombre orgulloso y rebelde, ya sea que haga profesión de religión o no, nunca creerá que tiene que entrar en el reino por muchas tribulaciones.
Y esta es la razón por la que tantos hallan, o procuran hallar, un camino más llano hacia la gloria que el que el Señor ha señalado para que anden Sus santos. Pero ¿irá la Cabeza por un camino y los miembros por otro? ¿Andará el Esposo y vadeará mares de dolor, y la esposa nunca se mojará siquiera los pies en el agua? ¿Será el Esposo crucificado en flaqueza y sufrimiento, y no habrá crucifixión interior para la muy amada de Su corazón? ¿Sufrirá la Cabeza, se afligirá, agonizará, gemirá y morirá, y los miembros irán danzando por un camino florido, sin dolor interior ni sufrimiento exterior?
“Los bastardos pueden escapar de la vara,
hundidos en vano deleite terrenal;
pero el verdadero hijo de Dios
no debe, ni querría, aunque pudiera.”
Pero quizá hay algunos que dicen en su corazón: “Estoy bien convencido de esto; pero mi carne cobarde retrocede ante ello. Sé que si he de llegar a la Canaán de arriba, tengo que pasar por la porción señalada de tribulación. Pero mi carne cobarde retrocede.” ¡Así es! ¡Así es! ¿Quién traería pruebas sobre sí de buena gana? Por eso el Señor no deja estas pruebas en nuestras manos, sino que Él mismo señala cierta medida de tribulación por la que ha de pasar cada uno de Su pueblo. Vendrán bastante pronto; usted no necesita anticiparlas; no necesita desearlas.
Dios las traerá a Su tiempo y a Su manera; y lo que es más, Dios no solo le meterá en ellas, sino que Dios le hará pasar a través de ellas, y Dios le sacará de ellas; porque la tercera parte no solo fue metida en el fuego, sino pasada por el fuego, para que invocara Su Nombre. ¿Cuál será, pues, nuestra misericordia? Será nuestra misericordia si se nos concede pedir al Señor que nos bendiga con fe y paciencia en la tribulación; pedir al Señor que nos dé fuerza para soportar la tormenta; estar como barro en Sus manos y pedir al Señor que nos conforme a la imagen de Su Hijo, que nos guíe por este valle de lágrimas aquí abajo y que finalmente nos lleve a estar con Él arriba.
Al lector…
¿Retrocede su carne ante el camino que tiene delante? Usted sabe que se entra en el reino de Dios por muchas tribulaciones, y sin embargo lo teme. ¿Quién traería pruebas sobre sí? Pero considere: ¿iría la Cabeza por mares de dolor, y los miembros por un sendero de flores? El camino áspero no es señal de que el Señor le haya olvidado, sino de que usted le está siguiendo.
Y sepa esto: las pruebas no están en su mano, sino en la Suya. Él señala la medida, el tiempo y la manera; usted no necesita adelantarse a ellas. El que le mete en ellas también le hará pasar a través de ellas y le sacará de ellas. Pídale, pues, fe y paciencia, fuerza y sostén en la tormenta, y que pueda estar como barro en Su mano. Así le guiará por este valle de lágrimas y al fin le recibirá consigo en la gloria.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl