Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 6 dagen geleden
Joseph Charles Philpot J.C. Philpot Bevindelijke geschriften & prediking
Steun

Door Baca’s vallei

22 december

Vandaag

3 min. lezen

Opdat gij moogt volmaakt zijn en geheel oprecht, in geen ding gebrekkelijk.
Jacobus 1:4

Het woord „volmaakt”, zoals het in de Schrift voorkomt, betekent, toegepast op een kind van God, niet een staat die beantwoordt aan het begrip volmaaktheid, alsof het kind van God zonder vlek en zonder rimpel of heilig zou zijn. Het wil zeggen dat zo’n kind van God gerijpt is of rijp geworden in het leven van God, zodat hij geen kind meer is, maar een volwassen man is geworden. Zoals een boom die tot volle wasdom gekomen is. Zo is het ook: wanneer de Geest van de Heere het werk van de lijdzaamheid in uw ziel gewerkt heeft, dan bent u met betrekking tot dat werk volmaakt, want het is Gods werk in u; en in zoverre bent u ook „geheel oprecht”, dat wil zeggen: u bezit alles wat de genade geven kan en u hebt aan niets gebrek van wat die genade kan meedelen.

Geheel onderworpen zijn aan de wil van God en daarmee geheel instemmen, is het hoogtepunt van de volmaaktheid van de christen hier beneden, en wie dat beleeft, heeft niets nodig, want hij heeft alle dingen in Christus. Wat is dan de hoogste trap van genade waartoe een ziel kan opklimmen? Waar schitterde de genade zo verheven als in de Heere Jezus Christus? En waar openbaarde de genade zich meer dan in de donkere hof en aan het kruis? Was de menselijke natuur van Christus niet duidelijk met de Geest vervuld, en blonk niet elke genade in Hem meer uit in Gethsémané en op Golgotha dan toen Hij op de berg van de verheerlijking was?

Zo blinkt ook de genade in het hart van een kind van God, dat onder beproeving en verzoeking kan zeggen: „Uw wil geschiede”, en dat zich onderwerpt aan de kastijdende roede van zijn hemelse Vader, meer uit dan wanneer hij zich baadt in de volle stralen van de Zon van de gerechtigheid. Hoe vaak vergissen wij ons hierin, wanneer wij verlangen naar genieten, in plaats van te beseffen dat de ware genade ons onderworpen maakt aan de wil van God, of wij nu in het dal of op de berg zijn!

Aan de lezer…

Hoe donker kan het worden wanneer u meent dat de genade in u dood is, omdat u geen zoete genietingen meer kent en uw weg door het dal gaat! Verlangt u naar de berg, en tast u dagelijks in het donker? Zie dan naar Hem in Wie de genade het heerlijkst schitterde: niet het meest op de berg van de verheerlijking, maar in Gethsémané en op Golgotha, waar Hij Zich onderwierp aan de wil van Zijn Vader.

Zo kan het ook in uw ziel zijn. Waar de Geest van de Heere het werk van de lijdzaamheid werkte, daar blinkt de genade misschien meer uit dan in de dagen van overvloed. Kunt u onder de kastijdende roede, al is het met tranen, stamelen: „Uw wil geschiede”? Dan is daar Gods eigen werk in u, en wat Hij begonnen heeft, laat Hij rijpen. Wie alles in Christus heeft, mag arm zijn in zichzelf en toch in geen ding gebrekkelijk.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl