20 september
Zijt te allen dage in de vreze des Heeren. Want zekerlijk, daar is een beloning.
Spreuken 23:17-18
De Heere spreekt hier tot een ziel die gebogen gaat onder verzoeking en bijzonder aangevochten wordt; en dit is de vermaning die Hij geeft: „Zijt te allen dage in de vreze des Heeren”; Zijn hand gadeslaande, zich onderwerpende aan Zijn wil; alles aan Zijn zorg en leiding overgevende; uw hart niet tegen Hem verhardende, maar tot Hem opziende en Hem met godsdienstige vreze aanbiddende; „want zekerlijk, daar is een beloning.” Gij moogt verzocht, geoefend en door moeilijkheden omringd zijn en geen uitkomst zien; maar voorzeker, er is een einde; en als het einde daar is, dan wordt alles duidelijk en helder.
Tot die stille onderwerping, tot dat toeziend wachten, kan niemand ooit gebracht worden voordat er een einde is aan zijn eigen kracht, wijsheid en gerechtigheid. Stil te zitten is het moeilijkste dat een mens doen kan. Lijdelijk aan de voetbank Gods neder te liggen, wanneer alles tegen ons schijnt te zijn; een hobbelige weg te moeten betreden, omringd van allerlei moeilijkheden, en toch te allen dage in de vreze des Heeren te zijn, op Zijn hand te letten, zich aan Zijn wil te willen onderwerpen; alleen die wijsheid te zoeken die van boven komt, en te vertrouwen dat Hij de weg zal banen; onze hand niet aan het werk te slaan, maar alles aan de Heere over te laten: welk een vreemde, geheimzinnige weg! En toch is het de enige die de christen ware vrede geeft; „want zekerlijk, er is een einde.”
Welke zorgen en kommer een mens ook moet doorworstelen, voorzeker, er zal een einde komen. Wanneer wij trachten onszelf uit onze verlegenheden te redden, zijn wij gelijk iemand die een verwarde streng zijde tracht te ontwarren door er met geweld aan te trekken; hoe meer eraan getrokken wordt, des te meer raakt zij verward, en des te vaster worden de knopen. Zo ook, wanneer wij in enige beproeving gedompeld worden, hetzij in de voorzienigheid of in het geestelijke, en wij trachten ons daaruit met alle macht te ontworstelen, door de verzenen tegen de prikkels te slaan en ons te verzetten, dan raken wij slechts te meer verward. Daarom zegt de Heere, om ons aan te moedigen Hem geduldig te verwachten totdat Hij zal verschijnen: „Zeker, er is een einde.” Dit is het algemene getuigenis der Schrift, dat de Heere verschijnt en bevrijdt wanneer er geen uitkomst meer is; en de ervaring der gelovigen stemt met het getuigenis van het geschreven Woord overeen: „Want Ik ken de gedachten, die Ik over u heb, zegt de Heere; gedachten des vredes en niet des kwaads, om u een verwacht einde te geven.”
’k Zal dit melden, ’k zal altijd
zingen Jakobs God ter eer,
slaan der bozen hoornen neer,
vellen wat zijn naam bestrijdt;
maar der vromen hoorn en macht
zal verhoogd zijn door Gods kracht.
Ps. 75:6
Aan de lezer…
U die gebogen gaat onder verzoeking en geen uitkomst ziet, wiens krachten op zijn en die niet meer weet hoe verder te gaan: tot u is dit woord gesproken: bent te allen dage in de vreze des Heeren. Verhard uw hart niet tegen Hem, maar zie tot Hem op, let op Zijn hand en geef alles over aan Zijn zorg. Stil te zitten is het moeilijkste wat een mens doen kan; maar het is ook de enige weg die ware vrede geeft.
Want zekerlijk, er is een einde. U ziet het nu nog niet, en alles schijnt tegen u te zijn; maar wanneer het einde daar is, wordt alles duidelijk en helder. De Heere verschijnt juist wanneer er geen uitkomst meer is. Zijn gedachten over Zijn volk zijn gedachten des vredes en niet des kwaads. Wacht dan geduldig op Hem, totdat Hij verschijnt; Hij zal de weg banen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Zijt te allen dage in de vreze des Heeren. Want zekerlijk, daar is een beloning.
Spreuken 23:17-18
De Heere spreekt hier tot een ziel die gebogen gaat onder verzoeking en zwaar aangevochten wordt. Dit is de vermaning die Hij geeft: „Zijt te allen dage in de vreze des Heeren.” Let op Zijn hand en onderwerp u aan Zijn wil. Geef alles over aan Zijn zorg en leiding. Verhard uw hart niet tegen Hem, maar zie naar Hem op en aanbid Hem met eerbiedige vreze, „want zekerlijk, daar is een beloning.” U kunt verzocht, beproefd en door moeilijkheden omringd zijn en geen uitweg zien; maar zeker, er is een einde. En wanneer het einde daar is, wordt alles duidelijk en helder.
Tot die stille onderwerping, tot dat afwachtend uitzien, kan niemand ooit gebracht worden voordat er een einde is gekomen aan zijn eigen kracht, wijsheid en gerechtigheid. Stilzitten is het moeilijkste wat een mens kan doen. Lijdzaam neerliggen aan de voetbank van God, wanneer alles tegen ons lijkt te zijn; een hobbelige weg moeten gaan, omringd door allerlei moeilijkheden, en toch te allen dage in de vreze des Heeren zijn; op Zijn hand letten en ons aan Zijn wil willen onderwerpen; alleen die wijsheid zoeken die van boven komt, en vertrouwen dat Hij de weg zal banen; zelf de hand niet aan het werk slaan, maar alles aan de Heere overlaten: wat een vreemde, geheimzinnige weg! En toch is het de enige weg die de christen ware vrede geeft, „want zekerlijk, er is een einde.”
Welke zorgen en kommer een mens ook moet doorworstelen, zeker zal er een einde komen. Als wij proberen onszelf uit onze moeilijkheden te bevrijden, lijken wij op iemand die een verwarde streng zijde probeert te ontwarren door er hard aan te trekken: hoe meer eraan getrokken wordt, hoe meer zij in de war raakt en hoe vaster de knopen worden. Zo gaat het ook als wij in een beproeving terechtkomen, in de weg van Gods voorzienigheid of in ons geestelijk leven, en wij proberen ons daaruit met alle macht los te rukken door de verzenen tegen de prikkels te slaan en ons te verzetten: wij raken alleen maar meer verstrikt. Daarom zegt de Heere, om ons aan te moedigen geduldig op Hem te wachten totdat Hij verschijnt: „Zeker, er is een einde.” Dit is het algemene getuigenis van de Schrift: de Heere verschijnt en bevrijdt wanneer er geen uitweg meer is. En de ervaring van de gelovigen stemt overeen met het getuigenis van het geschreven Woord: „Want Ik ken de gedachten, die Ik over u heb, zegt de Heere; gedachten des vredes en niet des kwaads, om u een verwacht einde te geven.”
’k Zal dit melden, ’k zal altijd
zingen Jakobs God ter eer,
slaan der bozen hoornen neer,
vellen wat zijn naam bestrijdt;
maar der vromen hoorn en macht
zal verhoogd zijn door Gods kracht.
Ps. 75:6
Aan de lezer…
U die gebogen gaat onder verzoeking en geen uitweg ziet, van wie de krachten op zijn en die niet meer weet hoe verder te gaan: tot u is dit woord gesproken: „Zijt te allen dage in de vreze des Heeren.” Verhard uw hart niet tegen Hem, maar zie naar Hem op, let op Zijn hand en geef alles over aan Zijn zorg. Stilzitten is het moeilijkste wat een mens kan doen; maar het is ook de enige weg die ware vrede geeft.
Want zekerlijk, er is een einde. U ziet het nu nog niet, en alles lijkt tegen u te zijn; maar wanneer het einde daar is, wordt alles duidelijk en helder. De Heere verschijnt juist wanneer er geen uitweg meer is. Zijn gedachten over Zijn volk zijn gedachten des vredes en niet des kwaads. Wacht dan geduldig op Hem, totdat Hij verschijnt; Hij zal de weg banen.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
Be thou in the fear of the LORD all the day long. For surely there is an end; and thine expectation shall not be cut off.
Proverbs 23:17-18
The Lord is here addressing Himself to a soul laboring under temptation, and passing through peculiar exercises; and this is the exhortation that He gives it—“Be in the fear of the Lord all the day long;” watching His hand, submitting to His will, committing everything into His care and keeping; not hardening your heart against Him, but looking up to Him, and worshiping Him with godly fear; “there is surely a future hope for you.”
You may be tempted, exercised, and surrounded with difficulties, and see no outlet; but “there is surely a future hope for you;” and, when the end comes, it will make all plain and clear. This quiet submission, this watching and waiting, a man can never be brought to unless he has seen an end to all creature perfection; an end of his own strength, wisdom, and righteousness. To sit still is the hardest thing a man can do. To lie passive at God’s footstool when all things seem to be against us; to have a rough path to walk in, to be surrounded with difficulties, and yet to be in the fear of the Lord all the day long, watching His hand, desiring to submit to His will, seeking only that wisdom which comes from above, and trusting that He will make the way straight; not putting our hand to the work, but leaving it all to the Lord—how strange, how mysterious a path!
And yet it is the only one that brings solid peace to a Christian; “there is surely a future hope for you.” Whatever sorrows and troubles a man may have to wade through, there will surely be an end of them. If we try to get ourselves out of perplexities, we are like a person trying to unravel a tangled skein of silk by pulling it forcibly; the more it is pulled, the more entangled it gets, and the faster the knots become. So if we are plunged into any trial, providential or spiritual, and we attempt to extricate ourselves by main force, by kicking and rebelling, we only get more entangled.
The Lord, then, to encourage us to wait patiently upon Him until He shall appear, says, “there is surely a future hope for you.” This is the universal testimony of the Scripture, that the Lord appears and delivers, when there is no other to help; and the experience of the saints agrees with the testimony of the written word—“For I know the thoughts that I think toward you, says the Lord, thoughts of peace, and not of evil, to give you an expected end.”
To the reader…
You who are bowed down under temptation and see no way out, whose strength is spent and who no longer know how to go on: to you this word is spoken: “Be thou in the fear of the Lord all the day long.” Do not harden your heart against Him, but look up to Him, watch His hand, and commit everything to His care. To sit still is the hardest thing a man can do; but it is also the only way that brings true peace.
For surely there is an end. You do not see it yet, and everything seems to be against you; but when the end comes, all will be made plain and clear. The Lord appears just when there is no way out left. His thoughts towards His people are thoughts of peace, and not of evil. Wait patiently for Him, then, until He appears; He will make the way.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
Antes persevera en el temor de Jehová todo tiempo: Porque ciertamente hay fin, y tu esperanza no será cortada.
Proverbios 23:17-18
El Señor se dirige aquí a un alma que trabaja bajo la tentación y pasa por ejercicios peculiares; y esta es la exhortación que le da: “Persevera en el temor de Jehová todo tiempo”; observando Su mano, sometiéndose a Su voluntad, encomendándolo todo a Su cuidado y custodia; no endureciendo el corazón contra Él, sino mirando a Él y adorándole con temor piadoso; “porque ciertamente hay fin.”
Puede usted estar tentado, ejercitado y rodeado de dificultades, y no ver salida; pero “ciertamente hay fin”; y cuando llegue el fin, lo dejará todo llano y claro. A esta sumisión callada, a este velar y esperar, nunca puede ser llevado un hombre a menos que haya visto el fin de toda perfección de la criatura; el fin de su propia fuerza, sabiduría y justicia. Estarse quieto es lo más difícil que un hombre puede hacer. Yacer pasivo al estrado de los pies de Dios cuando todas las cosas parecen estar contra nosotros; tener que andar por un camino áspero, estar rodeado de dificultades, y aun así perseverar en el temor del Señor todo el día, observando Su mano, deseando someterse a Su voluntad, buscando solo aquella sabiduría que viene de lo alto, y confiando en que Él enderezará el camino; no poniendo nuestra mano en la obra, sino dejándolo todo al Señor: ¡qué senda tan extraña, tan misteriosa!
Y sin embargo, es la única que trae paz sólida a un cristiano; “ciertamente hay fin.” Cualesquiera que sean las tristezas y angustias que un hombre tenga que vadear, ciertamente tendrán un fin. Si intentamos salir por nosotros mismos de las perplejidades, somos como una persona que intenta desenredar una madeja enmarañada de seda tirando de ella con fuerza; cuanto más se tira, más se enreda, y más apretados se hacen los nudos. Así, si somos sumergidos en alguna prueba, providencial o espiritual, e intentamos librarnos a viva fuerza, dando coces y rebelándonos, solo nos enredamos más.
El Señor, pues, para animarnos a esperarle con paciencia hasta que Él aparezca, dice: “ciertamente hay fin, y tu esperanza no será cortada.” Este es el testimonio universal de la Escritura: que el Señor aparece y libra cuando no hay otro que ayude; y la experiencia de los santos concuerda con el testimonio de la palabra escrita: “Porque yo sé los pensamientos que tengo acerca de vosotros, dice Jehová, pensamientos de paz, y no de mal, para daros el fin que esperáis.”
Al lector…
A usted, que está abatido bajo la tentación y no ve salida, cuyas fuerzas se han agotado y que ya no sabe cómo seguir, se le dirige esta palabra: “Persevera en el temor de Jehová todo tiempo.” No endurezca su corazón contra Él, sino mire a Él, observe Su mano y encomiéndelo todo a Su cuidado. Estarse quieto es lo más difícil que un hombre puede hacer; pero es también el único camino que trae verdadera paz.
Porque ciertamente hay fin. Usted todavía no lo ve, y todo parece estar en su contra; pero cuando llegue el fin, todo quedará llano y claro. El Señor aparece precisamente cuando ya no queda salida. Sus pensamientos acerca de Su pueblo son pensamientos de paz, y no de mal. Espérele, pues, con paciencia hasta que aparezca; Él abrirá el camino.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl