2 maart
In het hart des mans zijn vele gedachten; maar de raad des Heeren, die zal bestaan.
Spreuken 19:21
Een mens in zijn vleselijke aard is er gewoonlijk op uit om de een of andere manier uit te denken waardoor hij een dadelijke onderwerping aan het Evangelie kan ontgaan; de een of andere manier waardoor hij kan ontkomen om te wandelen in de weg van zelfverloochening en doding van het vlees, en het kruisigen van de oude mens met zijn bewegingen en begeerlijkheden. Hij zoekt gewoonlijk gehoor te geven aan het vlees en op dezelfde tijd te staan in de vrijheid van het Evangelie; alles te hebben wat zijn vleselijk gemoed kan behagen, en ter zelfder tijd een welgegronde hoop te hebben op een eeuwig leven. Maar de Heere zegt: Neen, deze twee dingen zijn niet verenigbaar. Hij die met Christus zal leven, moet met Christus sterven; hij die met Christus zal regeren, moet met Christus lijden; hij die de kroon zal dragen, moet het kruis dragen.
Zodat, welke voornemens er ook mogen zijn in des mensen hart, en welke wegen en plannen hij zal trachten ten uitvoer te brengen, de raad des Heeren zal bestaan. Goddelijke soevereiniteit zal vervullen wat de goddelijke soevereiniteit heeft bepaald, en het voornemen Gods zal zich staande houden op de puinhopen van de oogmerken van het schepsel. En het is de barmhartigheid Gods, voor zover wij kinderen zijn van de levende God, het is Zijn barmhartigheid, dat het zo zijn moet. Waar zouden wij op dit ogenblik zijn, als de voornemens in ons hart zich hadden kunnen verwezenlijken? Wij zouden in de hel geweest zijn. Waar zouden wij geweest zijn, sedert het de Heere behaagd heeft — naar wij vertrouwen — onze ziel met geestelijk leven te bedelen, wanneer wij al onze voornemens ten uitvoer hadden kunnen brengen?
Onze ogen zouden hebben uitgepuild van vet en wij waren de inbeelding des harten te boven gegaan. Wij zouden mogelijk aan een vreselijke verzoeking gehoor hebben gegeven, of reeds onze naam voor de kerk Gods te schande hebben gemaakt. Of, indien wij dat ontgaan waren, wij zouden een naam gehad hebben dat wij leefden, terwijl onze harten dood waren voor God. Wij zouden een gedaante van godzaligheid vertoond hebben, terwijl wij in- en uitwendig de kracht daarvan verloochenden. En daarom is het een grote barmhartigheid dat de raadslagen onzes harten niet ten uitvoer konden worden gebracht, maar dat de raad des Heeren over alle voornemens van onze lage natuur de overhand gehad heeft.
Wanneer een mens op de rechte plaats en in een rechte gestalte gebracht wordt, om Gods handelingen, met hem gemaakt, van het begin af na te speuren, dan ziet hij dat het een vriendelijke hand is geweest die zijn gezwellen opende en hem vernederde; dat het een vriendelijke hand was die al zijn wereldse inzichten wegvaagde en hem bracht tot natuurlijke zowel als tot geestelijke armoede. En dat dit hem leidde tot oefeningen, beproevingen, droefheden, smarten en verdriet, en dat in deze beproevingen de Heere hem min of meer bij bevinding dierbaar geworden is. Zo was het met Jacob. Hij zegende de Heere voor de weg waarin Hij hem geleid had. Ofschoon zijn dagen weinig en kwaad geweest waren, zag hij hoe de Heere hem gevoed had van dat hij was tot op die dag, te midden van alle veranderlijke omstandigheden die hij had moeten doormaken, beide in lichaam en ziel. En hij loofde en prees de hand die hem door die moeilijke weg geleid had en gebracht tot een stad ter woning.
Aan de lezer…
Misschien zijn uw plannen in duigen gevallen. Hebt u uw eigen weg uitgedacht en heeft de Heere die weggevaagd, zodat u in armoede, beproeving en verdriet terechtkwam? Het is moeilijk om dat te verstaan terwijl het gebeurt. Maar bedenk eens: waar zou u nu zijn als alle voornemens van uw hart waren uitgekomen? Misschien had u een naam dat u leefdet, terwijl uw hart dood was voor God.
„In het hart des mans zijn vele gedachten; maar de raad des Heeren, die zal bestaan.” Dat is geen harde waarheid, maar een barmhartige. Het was een vriendelijke hand die u vernederde en uw wereldse inzichten wegnam, opdat de Heere u in de beproeving dierbaar zou worden. Jacob mocht aan het eind van zijn weg de Heere zegenen voor elke stap. Vertrouw dan dat ook uw moeilijke weg uitkomt bij een stad ter woning.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
In het hart des mans zijn vele gedachten; maar de raad des Heeren, die zal bestaan.
Spreuken 19:21
Een mens is in zijn vleselijke aard er gewoonlijk op uit om een of andere manier te bedenken waardoor hij aan een werkelijke onderwerping aan het Evangelie kan ontkomen; een of andere manier waardoor hij kan ontkomen aan het wandelen op de weg van zelfverloochening en doding van het vlees, en aan het kruisigen van de oude mens met zijn bewegingen en begeerlijkheden. Gewoonlijk probeert hij aan het vlees toe te geven en tegelijk te staan in de vrijheid van het Evangelie: alles te hebben wat zijn vleselijk gemoed kan behagen, en tegelijk een goed gefundeerde hoop te hebben op het eeuwige leven. Maar de Heere zegt: Nee, deze twee dingen zijn niet te verenigen. Wie met Christus zal leven, moet met Christus sterven; wie met Christus zal regeren, moet met Christus lijden; wie de kroon zal dragen, moet het kruis dragen.
Welke voornemens er dus ook in het hart van de mens mogen zijn, en welke wegen en plannen hij ook probeert uit te voeren, de raad van de Heere zal bestaan. De Goddelijke soevereiniteit zal vervullen wat de Goddelijke soevereiniteit heeft bepaald, en het voornemen van God zal overeind blijven op de puinhopen van de bedoelingen van het schepsel. En voor zover wij kinderen van de levende God zijn, is het Gods barmhartigheid, ja, het is Zijn barmhartigheid dat het zo moet zijn. Waar zouden wij op dit ogenblik zijn als de voornemens van ons hart werkelijkheid hadden kunnen worden? Wij zouden in de hel geweest zijn. Waar zouden wij geweest zijn, sinds het de Heere behaagd heeft, zo vertrouwen wij, onze ziel geestelijk leven te schenken, als wij al onze voornemens hadden kunnen uitvoeren?
Onze ogen zouden van vet hebben uitgepuild, en wij zouden de inbeeldingen van ons hart te boven zijn gegaan. Misschien hadden wij toegegeven aan een vreselijke verzoeking, of onze naam al tot schande voor de kerk van God gemaakt. Of, als wij daaraan ontkomen waren, dan zouden wij de naam gehad hebben dat wij leefden, terwijl ons hart dood was voor God. Wij zouden een gedaante van godzaligheid vertoond hebben, terwijl wij innerlijk en uiterlijk de kracht ervan verloochenden. Daarom is het een grote barmhartigheid dat de plannen van ons hart niet konden worden uitgevoerd, maar dat de raad van de Heere de overhand gehad heeft over alle voornemens van onze lage natuur.
Wanneer een mens op de juiste plaats en in de juiste gestalte gebracht wordt om Gods handelingen met hem vanaf het begin na te gaan, dan ziet hij dat het een vriendelijke hand is geweest die zijn gezwellen opende en hem vernederde. Hij ziet dat het een vriendelijke hand was die al zijn wereldse vooruitzichten wegvaagde en hem in natuurlijke en geestelijke armoede bracht. En hij ziet dat dit hem leidde tot oefeningen, beproevingen, droefheden, smarten en verdriet, en dat de Heere hem in deze beproevingen meer of minder bij bevinding dierbaar geworden is. Zo was het met Jakob. Hij zegende de Heere voor de weg waarop Hij hem geleid had. Hoewel zijn dagen weinig en kwaad geweest waren, zag hij hoe de Heere hem gevoed had van zijn bestaan af tot op die dag, te midden van alle wisselende omstandigheden die hij naar lichaam en ziel had moeten doormaken. En hij loofde en prees de hand die hem langs die moeilijke weg geleid en tot een stad ter woning gebracht had.
Aan de lezer…
Misschien zijn uw plannen in duigen gevallen. Hebt u uw eigen weg uitgedacht en heeft de Heere die weggevaagd, zodat u in armoede, beproeving en verdriet terechtkwam? Het is moeilijk om dat te begrijpen terwijl het gebeurt. Maar bedenk eens: waar zou u nu zijn als alle voornemens van uw hart waren uitgekomen? Misschien had u de naam gehad dat u leefde, terwijl uw hart dood was voor God.
„In het hart des mans zijn vele gedachten; maar de raad des Heeren, die zal bestaan.” Dat is geen harde waarheid, maar een barmhartige. Het was een vriendelijke hand die u vernederde en uw wereldse vooruitzichten wegnam, zodat de Heere u in de beproeving dierbaar zou worden. Jakob mocht aan het eind van zijn weg de Heere zegenen voor elke stap. Vertrouw dan dat ook uw moeilijke weg uitkomt bij een stad ter woning.
Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl
“There are many devices in a man’s heart; nevertheless the counsel of the Lord, that shall stand.”
Proverbs 19:21
A man in his fleshly mind is generally devising some method or other whereby he may escape a practical subjection to the gospel; some way or other whereby he may escape walking in the path of self-denial and mortification of the flesh, and the crucifixion of “the old man with the affections and lusts.” He is generally seeking some way or other to indulge the flesh, and yet, at the same time, to stand in gospel liberty—to have everything that can gratify his carnal mind, and, at the same time, have a well-grounded hope of eternal life.
But the Lord says, “No, these two things are not compatible; he that shall live with Christ must die with Christ; he that shall reign with Christ must suffer with Christ; he that shall wear the crown must carry the cross.” So, that whatever devices there be in a man’s heart, or whatever ways and plans he shall undertake to bring his devices to pass, “the counsel of the Lord still shall stand.” Divine sovereignty shall fulfill that which divine sovereignty has appointed, and the purposes of God shall stand upon the ruins of the purposes of the creature.
And it is our mercy (so far as we are children of the living God), it is our mercy, that it should be so. Where would we have been this moment, if the devices in our hearts had succeeded? We would have been in hell. Where would we have been, since the Lord has been pleased, as we trust, to quicken our souls into spiritual life, if all our devices had succeeded? Our “eyes would have stood out with fatness,” and we would have “had more than heart could wish.” We would have been now, if the Lord had left us to our own devices, indulging in some dreadful temptation, or already have disgraced our name before the Church of God; or, if we had escaped that, we would have only a name to live, while our hearts were secretly dead before God; have had “a form of godliness, while we inwardly or outwardly denied the power thereof.”
And therefore it is our mercy that the devices of our hearts should not stand, but that “the counsel of the Lord” should prevail over all the purposes of our base nature. When a man is brought to the right spot, and is in a right mind to trace out the Lord’s dealings with him from the first, he sees it was a kind hand which “blasted his gourds and laid them low;” it was a kind hand that swept away his worldly prospects, which reduced him to natural as well as to spiritual poverty, which led him into exercises, trials, sorrows, griefs, and tribulations; because, in those trials he has found the Lord, more or less, experimentally precious.
Jacob found it so; he blessed the Lord for the path He had led him in. Though his days had been few and evil, he could see how the Lord had “fed him all his life long unto that day,” amid all the changing vicissitudes through which he had passed in body and soul; and he blessed that hand which had guided him through that difficult way, and yet brought him to a “city of habitation.”
To the reader…
Perhaps your plans have fallen to pieces. Had you thought out your own way, and has the Lord swept it aside, so that you ended up in poverty, trial and sorrow? It is hard to understand while it is happening. But consider this: where would you be now if every purpose of your heart had come to pass? Perhaps you would have had a name to live, while your heart was dead before God.
“There are many devices in a man’s heart; nevertheless the counsel of the Lord, that shall stand.” That is not a harsh truth, but a merciful one. It was a kind hand that humbled you and took away your worldly prospects, so that the Lord might become precious to you in the trial. At the end of his road Jacob could bless the Lord for every step. Trust, then, that your difficult road too will lead to a city of habitation.
With warm regards,
The compilers of jcphilpot.nl
“Muchos pensamientos hay en el corazón del hombre; mas el consejo de Jehová permanecerá.”
Proverbios 19:21
El hombre, en su mente carnal, está por lo general ideando algún método u otro por el cual pueda escapar de una sujeción práctica al evangelio; algún modo u otro por el cual pueda escapar de andar en el camino de la negación de sí mismo y de la mortificación de la carne, y de la crucifixión de “la carne con los afectos y concupiscencias”. Por lo general busca algún modo de complacer a la carne y, al mismo tiempo, estar en la libertad del evangelio; tener todo lo que pueda satisfacer su mente carnal y, al mismo tiempo, tener una esperanza bien fundada de la vida eterna.
Pero el Señor dice: “No, estas dos cosas no son compatibles; el que ha de vivir con Cristo ha de morir con Cristo; el que ha de reinar con Cristo ha de padecer con Cristo; el que ha de llevar la corona ha de cargar la cruz.” De modo que, cualesquiera que sean los pensamientos en el corazón del hombre, o cualesquiera caminos y planes que emprenda para llevar a cabo sus pensamientos, “el consejo de Jehová permanecerá”. La soberanía divina cumplirá lo que la soberanía divina ha dispuesto, y los propósitos de Dios permanecerán sobre las ruinas de los propósitos de la criatura.
Y es misericordia para nosotros (en cuanto somos hijos del Dios viviente), es misericordia para nosotros que así sea. ¿Dónde estaríamos en este momento si los pensamientos de nuestro corazón hubieran prosperado? Estaríamos en el infierno. ¿Dónde estaríamos, desde que al Señor le ha placido, según confiamos, vivificar nuestra alma a la vida espiritual, si todos nuestros pensamientos hubieran prosperado? “Nuestros ojos se saltarían de gordura”, y “lograríamos con creces los antojos del corazón”. Estaríamos ahora, si el Señor nos hubiera dejado a nuestros propios pensamientos, entregados a alguna terrible tentación, o habríamos ya deshonrado nuestro nombre ante la Iglesia de Dios; o, si hubiéramos escapado de eso, tendríamos solo nombre de que vivimos, mientras nuestro corazón estaría en secreto muerto delante de Dios; tendríamos “apariencia de piedad, mientras negaríamos por dentro o por fuera la eficacia de ella”.
Y por eso es misericordia para nosotros que los pensamientos de nuestro corazón no permanezcan, sino que “el consejo de Jehová” prevalezca sobre todos los propósitos de nuestra baja naturaleza. Cuando un hombre es llevado al lugar debido y está en el ánimo debido para trazar los tratos del Señor con él desde el principio, ve que fue una mano bondadosa la que “secó sus calabaceras y las abatió”; fue una mano bondadosa la que barrió sus perspectivas mundanas, la que le redujo a pobreza natural así como espiritual, la que le llevó a ejercicios, pruebas, penas, aflicciones y tribulaciones; porque en esas pruebas ha hallado al Señor, más o menos, precioso en la experiencia.
Así lo halló Jacob; bendijo al Señor por el camino por el que le había llevado. Aunque sus días habían sido pocos y malos, podía ver cómo el Señor le había “mantenido desde que él era hasta aquel día”, en medio de todas las cambiantes vicisitudes por las que había pasado en cuerpo y alma; y bendijo aquella mano que le había guiado por ese camino difícil y que, sin embargo, le había traído a una “ciudad de población”.
Al lector…
Quizá sus planes se hayan hecho pedazos. ¿Había trazado usted su propio camino, y el Señor lo ha apartado, de modo que acabó en pobreza, prueba y tristeza? Es difícil entenderlo mientras sucede. Pero considere esto: ¿dónde estaría usted ahora si todo propósito de su corazón se hubiera cumplido? Quizá tendría nombre de que vive, mientras su corazón estaría muerto delante de Dios.
“Muchos pensamientos hay en el corazón del hombre; mas el consejo de Jehová permanecerá.” Esa no es una verdad dura, sino misericordiosa. Fue una mano bondadosa la que le humilló y le quitó sus perspectivas mundanas, para que el Señor llegara a serle precioso en la prueba. Al final de su camino Jacob pudo bendecir al Señor por cada paso. Confíe, pues, en que también su camino difícil llevará a una ciudad de población.
Con un cordial saludo,
Los compiladores de jcphilpot.nl