Nieuw verschenenHet woord van Gods genadePreken · 5 dagen geleden
Joseph Charles Philpot Bevindelijke geschriften & prediking

Door Baca’s vallei

6 oktober

Vandaag

2 min. lezen

Vervolgd, doch niet daarin verlaten.
2 Corinthe 4:9

Welk onrecht vervolgers een christen ook aandoen of van plan zijn hem aan te doen, zij kunnen hem zijn God niet ontnemen. Zij kunnen zijn lichaam verderven, maar zijn ziel kunnen zij niet verderven. Zij kunnen zijn aanzien wegnemen, maar zijn geweten kunnen zij niet kwetsen. Zij kunnen hem al zijn aardse bezittingen ontroven, maar hun onheilige handen kunnen zij niet leggen op de schat die God in zijn hart gelegd heeft. Ja, zij kunnen hem allemaal verlaten, zoals zijn Goddelijke Meester door allen verlaten werd, maar de Heere heeft gezegd: „Ik zal u noch begeven, noch verlaten.”

Waarom zouden wij dan vervolging om der gerechtigheid wil vrezen? Als de Heere aan onze kant staat, wie zouden wij dan vrezen? En wie kan ons kwaad doen als wij navolgers zijn van het goede?

Maar houd in gedachten dat het vervolging om der gerechtigheid wil moet zijn. Noem het geen vervolging als u geslagen wordt om uw kwaaddoen. Beschouw uzelf niet als vervolgd als u door uw onstandvastigheid het verwijt van mensen over u afroept, of de terechte terugtrekking van hen die God vrezen. Maar als u vervolging overkomt terwijl u van harte de wil van God doet, dan zult u Gods goedkeuring in uw geweten ervaren. U zult zelfs merken dat uw vervolgingen u een gezegender besef geven van de goedkeuring van uw grote Hogepriester in de ziel, zodat uw vertroostingen zullen toenemen naarmate uw verdrukkingen groter worden.

Het zou voor de kerk van God inderdaad droevig zijn als de Heere haar te midden van de vervolgingen in haar moeiten het licht van Zijn vriendelijk aangezicht en de vertroostingen van Zijn voelbare tegenwoordigheid zou onthouden. Maar zij leunt nooit méér op Zijn Goddelijke arm dan wanneer Hij haar uit deze beker te drinken geeft en haar zo aan Zijn lijdend beeld gelijkvormig maakt.

Aan de lezer…

Wordt u om der gerechtigheid wil verdrukt en voelt u zich door mensen verlaten? Zij kunnen u veel ontnemen: uw goede naam, uw bezittingen, ja, zelfs de nabijheid van hen die u lief waren. Maar de schat die God in uw hart gelegd heeft, kunnen zij niet aanraken. Uw Goddelijke Meester werd ook door allen verlaten, en juist Hij zegt tot u: „Ik zal u noch begeven, noch verlaten.”

Onderzoek echter eerlijk uw hart of het lijden werkelijk om der gerechtigheid wil is, en niet om eigen kwaaddoen of onstandvastigheid. Is het om de wil van God, wees dan niet bevreesd. Hoe meer verdrukkingen er komen, hoe meer de vertroostingen zullen toenemen. Leun dan bij deze bittere beker op Zijn arm; nooit is de ziel Hem zo nabij als wanneer zij aan Zijn lijdend beeld gelijkvormig wordt gemaakt.

Met een hartelijke groet,
De samenstellers van jcphilpot.nl